Horen de ouderen in uw gemeente er nog wel bij?

door Henk Herbold

Een noodkreet.
Dit artikel is geschreven naar aanleiding van heel veel berichten die ons bereiken van ouderen mensen. Regelmatig mailen mensen ons en soms horen we ook de noodkreet van ouderen. Mensen vertellen ons dan bijvoorbeeld al jarenlang een bepaalde kerk of gemeente te hebben bezocht, soms bijna een heel leven. Maar nu ze op hoge leeftijd zijn gekomen is het voorbij. Het gaat niet meer en daar kunnen vele redenen voor zijn.

  • Bijvoorbeeld omdat ze niet meer zelfstandig er naar toe kunnen gaan en de gemeente doet geen moeite om hen op te halen, teveel werk. Ouderen halen en brengen is lastig en dus een probleem. Alleen als mensen uit eigen initiatief daar mee beginnen wordt het toegejuicht, maar de gemeente zelf geeft daar in ieder geval geen prioriteit aan.
  • Maar er is meer. Ouderen hebben soms ook het gevoel niet meer te passen in de gemeente, vanwege de super moderne manier waarop men nu tegenwoordig de erediensten beleefd. Dat wil bijvoorbeeld zeggen, harde muziek, veel gekleurde lichten, rook op het podium, (voor hen) vreemde liederen, heel veel Engelse liederen en men is vaak de taal niet machtig, predikers die niet meer gewoon de Bijbel lezen maar alles digitaal projecteren etc.. Iemand zei ons letterlijk: “de gemeente is voor mij als een jas, vroeger paste die, maar nu niet meer”.
  • De oplossing zou zijn, aparte diensten, speciaal aangepast voor de ouderen. Maar veel ouderen hebben ons gezegd, ‘men wil niet apart’. Natuurlijk zijn er gemeenten waar men speciale bijeenkomsten voor ouderen heeft en dat is in de meeste gevallen beslist goed bedoeld. Maar het is de vraag of dat het is wat de ouderen onder ons zoeken. Ze willen vooral er gewoon bij blijven horen en niet apart. Dat betekent dat er dus ook rekening met hen gehouden zou moeten worden. Het besef moet door dringen dat we niet compleet zijn als lichaam van Christus, zonder de ouderen. Ook zij zijn door God aan de gemeente gegeven om met hun wijsheid en kennis mee te bouwen aan de gemeente

Vereenzaming van ouderen.
Het gevolg is een geestelijke vereenzaming bij het oud worden en vaak worden mensen ook letterlijk vergeten. Zodra men lange tijd niet meer in de gemeente gezien wordt, raakt men uit de aandacht. Vooral als er geen vrienden of familie leden zijn die ook de gemeente bezoeken en dus niemand de gemeente leiding er attent op maakt.

Dit artikel is geschreven uit grote bezorgdheid. Het zou beslist een zegen zijn als veel geestelijk leiders dit artikel zouden willen lezen. Ik bid dat het een aanzet mag zijn tot bezinning, over de plaats van ouderen binnen evangelie gemeenten in ons land. Soms vertellen ouderen ons, dat ze degene waren die aan het begin van de gemeente hebben gestaan, men heeft grote financiële offers gebracht en ze zijn dienstbaar geweest in vele taken en activiteiten die er zijn in een beginnende gemeente. Dit artikel is vooral een pleidooi voor erkenning van deze ouderen, als mede-dragers van de gemeente.

Jong is in en oud is uit.
Natuurlijk is deze verandering ook een gevolg van de nieuwe generatie die op komt en die de oude tradities van zich af wil gooien en dingen op hun eigen manier wil doen. Tot voor kort was het algemene gevoelen bij veel jonge geestelijke leiders: “we hebben ons lang genoeg aangepast aan de manier waarop de vorige generatie hun geloof beleefde, het is nu de hoogste tijd dat zij zich maar aan ons aanpassen”.

We hebben het niet altijd in de gaten, maar feitelijk komt ook dit rechtstreeks uit de wereld om ons heen. In onze maatschappij namelijk is ook het overheersende gevoel ‘jong is in en oud is uit’. Ouderen vragen steeds meer zorg, kosten de samenleving steeds meer geld, hebben meer medische zorg nodig dan jongeren. Vaak ontvangt men naast AOW ook nog een riant pensioen en dat kan in de toekomst wel eens nadelig zijn voor de jongere generatie, want ze eten alles voor ons op. Politieke leiders doen het goed als ze vooral maatregelingen nemen om de kosten van de verzorging van ouderen te beperken. Zoals, maatregelingen om ouderen langer door te laten werken etc..

Natuurlijk is dit niet overal in de wereld zo, al hebben veel mensen daar niet altijd oog voor. In veel landen in de wereld krijgt men al in de opvoeding mee om respect te hebben voor ouderen en ze vooral niet te negeren. Maar in onze westerse samenleving en ook in de evangelie gemeente, denken sommigen daar anders over. Onlangs las ik in een interview dat een bekende voorganger zei: ‘ik ben blij dat onze gemeente voor het grootste deel uit jongeren bestaat en niet uit mensen met grijs haar of mannen met stropdassen’.

Volgens die voorganger zou een gemeente die veel ouderen heeft, het beleid moeten aan passen, want men heeft dan een probleem. Wat is dat probleem dan? Wel dat zijn die ouderen natuurlijk. Zo gezien is het feit dat veel mensen tegenwoordig steeds ouder worden en er dus ook in de gemeente steeds meer ouderen gaan komen, eerder een kwaad dan een zegen. Een bekende uitspraak luidt dat bijna iedereen oud wil worden, maar niemand oud wil zijn.

Gemeente van de 21e eeuw.
En ja, het is waar veel historische kerken zien helaas het ledenaantallen flink dalen. Op veel plaatsen worden zelfs kerken afgebroken of krijgen een andere bestemming.
Bijvoorbeeld veranderen ze in een Museum, een exclusief woonhuis, of Moskee. Daar staat dan tegenover de snelle groei van moderne evangelische gemeenten. Deze wordt voornamelijk veroorzaakt door een totale cultuur omslag in de laatste 10 jaar. Jongemensen worden nu aangetrokken door professionele licht- en muziekshow in de samenkomsten. Tevens  door preken van voorgangers die casual gekleed gaan en alleen populaire praktische onderwerpen aansnijden, begeleid door een flitsende mediapresentaties. Men noemt zich gemeente of kerk van de 21e eeuw.

Natuurlijk is dit ook wel weer te begrijpen. We kunnen nu eenmaal niet altijd bij het oude blijven en vernieuwing en ook verjonging is van groot belang, willen we tenminste niet langzaam vergrijzen en uitsterven. Sommige gemeenten in ons land zijn ook letterlijk vergrijst, jongeren verlieten de gemeente omdat men het gevoel had niet gehoord te worden. Waarom niet? Bijvoorbeeld, men zong te veel oude bekende liederen en de predikingen waren saai, d.w.z. niet vol humor zoals veel jongeren vandaag willen. Dat betekent niet dat de predikingen minder gezegend waren, maar het is niet meer modern en dat betekent voor sommigen automatisch, dat het geschikt is om weg te gooien. Iemand zei ons: “als het niet leuk is dan luister ik niet”.

Vandaag zien we nieuwe grote gemeenten ontstaan, die prima aansluiten aan de behoefte van jongeren. Alles is modern, veel gekleurd licht, harde muziek, dans, veel Engelstalige liederen en andere super moderne zaken. Want de nieuwe generatie is meestal goed opgeleid en daarvoor is dat geen probleem. Oude bekende liederen waar een hele generatie intens door gezegend is, moesten snel plaats maken voor moderne liederen. Dat ging zo snel, dat veel ouderen de tijd niet eens kregen om zich aan te passen. Je moet de nieuwe liederen immers eerst leren en het je eigen kunnen maken. Maar ook dat is niet eenvoudig, want muziekboeken vol met liederen die vroeger harten geraakt hebben, moesten plotseling weggegooid worden. Daarvoor in de plaats kwam o.a. een digitale versie zoals YouTube. Voor veel ouderen is het nog steeds een probleem, ze kunnen niet wennen. Het is opmerkelijk dat bij begrafenisdiensten van ouderen, meestal teruggegrepen wordt naar die oude liederen. Plotseling worden ze weer tevoorschijn gehaald, want dat was toch hetgeen waar de overledene zou door was aangesproken. Mensen die veel met ouderen werken in verpleeghuizen weten, dat die oude liederen vaak nog steeds tot grote troost en zegen zijn voor veel ouderen, die deze liederen vroeger veel gezongen hebben.

Natuurlijk zijn er wel ouderen die alle veranderingen wel aan kunnen en nog behoorlijk snel schakelen. Vaak wijzen leiders daar naar, om maar aan te tonen dat het allemaal wel meevalt en dat ouderen zich wel kunnen aanpassen, als ze maar willen. Maar voor de meerderheid zijn de gevolgen dramatisch.

Maar de gevolgen zijn wel steeds meer zichtbaar.
Mijn vrouw en ik bezoeken heel veel kerken en gemeenten in ons land. Veel ouderen zijn naar ons toegekomen of  hebben ons geschreven. Ze vertellen ons vaak in geen enkele kerk of gemeente meer te komen. Als vervanging wordt er naar televisie uitzendingen van kerkdiensten gekeken. Soms gaat men ook naar een aparte samenkomst in de week, waar een ouderling nog wat leest uit de Bijbel en waar nog een paar oude liederen gezongen worden. Maar de gemeenschap met het lichaam van Christus als geheel en het bijvoorbeeld gezamenlijk vieren van het heilig Avondmaal, kent men helaas niet meer. Velen denken er met weemoed aan terug.

In sommige gemeenten werd zelfs openlijk tegen ouderen gezegd, dat ze maar niet meer moeten komen, tenzij men zich nog een beetje kan aanpassen. Of men zegt letterlijk, “luister goed, we zijn nu eenmaal zo en we veranderen niet, dus zoekt u maar naar een andere gemeente”. Daarbij gaat men volledig voorbij aan het feit dat ouderen nu eenmaal niet zo gemakkelijk meer opzoek gaan naar een andere kerk of gemeente en dus nergens meer komen.

Luisteren naar ouderen ligt al helemaal niet voor de hand in onze cultuur. Nooit in de geschiedenis is er in korte tijd zoveel veranderd als in de eeuw die achter ons ligt. Er zijn oudere mensen die de eerste wasmachine nog als een wonder hebben begroet. Die hoorden dat er ooit misschien computers zouden komen. En nu? Als je even niet oplet, heb je een zwaar verouderde computer en ben je niet meer compatible. De tijd gaat hard en ouderen worden in onze samenleving geholpen om zoveel mogelijk mee te kunnen. Maar wel met de bedoeling om ze zelfredzaam te maken, want anders hebben ze steeds weer hulp nodig. Dat nodigt niet bepaald uit om ouderen om advies te vragen. Toch is de wijsheid en de kennis van ouderen voor de gemeente van nu, van groot nut en misschien wel van levensbelang. Feitelijk heeft God jong en oud aan elkaar gegeven. Ouderen verdienen een plaats in ons midden en ook gewoon in de gemeente van de  21e eeuw. Ouderen kunnen de nieuwe generatie o.a. leren, om trouw te blijven aan God, ook in moeilijke omstandigheden. In Titus 2:1-8 staat zelfs dat ouderen een voorbeeldfunctie hebben. Overigens leert de Bijbel ons juist om ouderen te respecteren ze een plaats te geven in ons midden.

Alleen de toekomst is anders.
In tegenstelling aan wat men nu denkt, ziet de toekomst er toch heel anders uit, dan wat sommigen verwachten. Waar sommige gemeente leiders volledig aan voorbij gaan is, dat één van de belangrijkste ontwikkelingen in deze tijd is ‘de wereldwijde toename’ van het aantal ouderen. Er is sprake van een ‘dubbele vergrijzing’, ouderen gaan in een zeer korte tijd een hele nieuwe en interessante doelgroep worden. Niet alleen méér mensen worden oud, mensen zullen gemiddeld ook langer leven. Het aantal personen boven 60 jaar in Nederland stijgt de komende jaren, naar 1/3 van de bevolking en dat gaat al heel snel. Deze enorme verschuiving zal naar verwachting een geheel nieuwe verhouding tussen jongeren en ouderen met zich meebrengen in de gemeente.

Deze situatie is beslist een unicum in de geschiedenis. Bij de regering en veel maatschappelijk organisaties, begint het besef langzaam door te dringen, maar helaas nog niet in de gemeente van de Heer.
Tegenwoordig worden we in de wereld om ons heen wel, op vele wijzen gewezen op de gevolgen van deze ontwikkeling. Bijvoorbeeld dat de beroepsbevolking daalt in verhouding tot het aantal mensen dat gepensioneerd is. Dat het aantal eenpersoonshuishoudens zal toenemen en dus de vraag naar kleinere woningen etc.. Er zijn al speciale beurzen en markten voor ouderen, omdat deze groep ook meestal meer te besteden heeft.

De vraag is, in hoeverre staan we als gemeente stil bij de gevolgen van de dubbele vergrijzing, voor de wijze waarop we gemeente (willen) zijn, in de toekomst?

Het zal in ieder geval helder moeten zijn, dat Bijbels gezien ook ouderen deel zijn van het lichaam van Christus. In een Bijbelse gemeente zal dus plaats en aandacht moeten zijn voor alle leeftijdsgroepen en zonder dat kan de gemeente feitelijk niet bestaan. Als we het Bijbels willen doen, zal er dus gezocht moeten worden naar een manier om samen op te trekken, oud en jong.

De ouderen zijn niet allemaal hetzelfde.
Wat ik bedoel te zeggen is, dat er een grote diversiteit bestaat onder ouderen. Vaak hebben we een verkeerd beeld van ouderen. Er wordt ook nog al eens gegeneraliseerd of dat alle ouderen ouderwets en hulpbehoevend zijn. Men spreekt dan gemakkelijk met verkleinwoorden als ‘die oudjes’ of ‘dat lief omaatje of opaatje’. In deze uitspraken liggen beelden over ouderen opgesloten, waarbij men ouderen naar onze overtuiging geen recht doet en zeker als gerekend wordt vanaf 60 jaar. Er is een enorm verschil tussen de volop in het werkzame leven staande 60-plusser en de vitale gepensioneerde of de thuiswonende 80-er die niet meer zo mobiel is of de kwetsbare oudere die vrijwel volledig afhankelijk van zorg is.

Belangrijk gegeven.
In ieder geval zal de groep ouderen boven de 60, die nog een volledige baan heeft en ook nog vol en vitaal in het leven staat, in de komende jaren steeds groter. Als we als gemeente ons alleen maar richten op de jongeren beneden de 30 jaar, dan zullen in de komende jaren steeds meer evangelie gemeenten mensen gaan verliezen.

Ouderen een zegen in een gemeente.
Ouderen kunnen overigens ook een zegen zijn in de gemeente. In Psalm 92:15 staat: “in de grijze ouderdom zullen zij nog vruchten dragen…..” Feitelijk kunnen we geen leeftijdscategorie uitsluiten, de één kan niet zonder de ander. Spanningen tussen jong en oud, de z.g. generatiekloof, zijn zeker niet uitgesloten, maar de verschillen dienen wel te worden gerelativeerd. Uiteindelijk is iedereen afhankelijk van het Hoofd van de gemeente (= Jezus) en van elkaar, want zonder dat zijn we geen lichaam van Christus.

Vooral samen.
Ouderen en jongeren zouden vooral samen moeten gaan nadenken en bidden, hoe b.v. de wekelijkse eredienst in de gemeentemoet worden ingevuld. We zouden ons moeten afvragen op welke manier kunnen jongeren, kinderen en ook ouderen bijdragen aan het programma en niet alleen één bepaalde groep. Bijvoorbeeld over de keuze van de muziek en de liederen in de eredienst op zondag. Er moet zeker ruimte zijn voor andere uitingsvormen in lied, lofprijzing, aanbidding en bijvoorbeeld dans, maar dat moet wel gelden voor jongeren, kinderen en ouderen. Het zou beslist een geweldige overwinning zijn, als we bereid zouden zijn om in een eredienst ook eens een oud lied te zingen, waar ouderen van genieten en door gezegend worden. Een enkele keer komen we het gelukkig nog tegen in ons land, maar wel steeds minder. We zijn er zeker niet, door te zeggen dat de ouderen zich maar moeten aanpassen en anders is er geen plaats voor ze in de gemeente. Een gesprek hierover in de gemeente is m.i. daarom hard nodig. Het startpunt moet wel zijn, de bereidheid om te luisteren naar wat jongeren én ouderen elkaar te zeggen hebben.

Een paar opmerkingen om over na te denken voor uw gemeente:

  • Functioneert de gemeente waar u naar toe gaat wel echt als Lichaam van Christus? Dat wil zeggen, kan elk lid (jong en oud) voluit een bijdrage geven in de erediensten.

  • Welke rol en positie hebben ouderen in dit verband? Wordt er ook nagedacht hoe de gemeente kan worden opgebouwd door hun inzet, toewijding en geloof? Hebben hun adviezen nog betekenis in de gemeente. Met verbazing hoorde we dat er gemeenten in ons land zijn, waar een leeftijdsgrens is ingesteld voor bestuurlijke en pastorale taken. Men wil daarmee voorkomen dat teveel mensen boven de 60 jaar nog actief zijn op belangrijke posten in de gemeente. Echter, Bijbels gezien is hier geen enkele reden voor, het zijn dus absoluut gedachten van mensen en zeker niet van God.

  • Sta erbij stil hoe uw gemeente haar opdracht kan verstaan en daardoor ook mede invulling kan geven aan Gods belofte voor ouderen:

“Tot in je ouderdom blijf Ik dezelfde,
tot in je grijsheid zal Ik je steunen.
Wat Ik gedaan heb, zal Ik blijven doen
Ik zal je steunen en beschermen.” (Jesaja 46:4).

Misschien heeft u iets meegemaakt en herkent u iets in dit artikel. Als u wilt kunt u ons uw verhaal mailen, u krijgt altijd binnen twee dagen een antwoord. KLIK HIER.

Advertenties
Geplaatst in eenzaamheid, gemeente, Ouderen | Tags: , | Een reactie plaatsen

Meeroudergezinnen, nu toch wettig geregeld. Wat vindt God ervan?

Door Henk Herbold

(Nederlands Dagblad – 13 Juli 2019) De kogel is door de kerk: het is nu helaas toch mogelijk om te kiezen voor een vorm van meerouderschap. Hoe bizar het ook klinkt, een kind kan in de toekomst vier ouders hebben in plaats van twee. Dat wil concreet zeggen, dat op de geboorte akte de namen vermeld kunnen worden van de biologische ouders, als ook de zogenaamde wensouders. Men kan dan verder notarieel vastleggen hoe men de omgang met het kind en de verschillende ouders wil regelen. Bij een gezin met meer dan twee ouders hebben we het dan over een zogenaamd regenboog gezin.

D66 en VVD zijn al langer voorstander van een wetswijziging om het meerouderschap mogelijk te maken, het CDA zag bezwaren en de ChristenUnie… heeft zich er weer gewoon bij neergelegd. Het is duidelijk dat de Christen Unie alleen meebuigt, zodat het kabinet waar ze nu in zitten mogelijk blijft? Gezien vanuit het standpunt van de Bijbel is er echter geen compromis mogelijk, zelfs niet als dit gevolgen zou hebben voor de verhoudingen binnen het kabinet. Maar daarvoor moet je wel het karakter hebben van mensen uit de Bijbel zoals Kaleb, Daniël, Johannes de doper, Stefanus, Paulus etc., die weigerden om compromissen te sluiten.

Enorme verwarring.
In de tijd van vandaag worden we geconfronteerd met enorme veranderingen op het vlak van relatie en seksualiteit, die ook gepaard gaat met verwarring onder christenen. Dat komt omdat het vaak veranderingen zijn die aan de ene kant overduidelijk in strijd zijn met Gods Woord, maar aan de andere kant doet het ook pijn, als we in onze omgeving er mee geconfronteerd worden. We willen mensen niet kwetsen, niet veroordelen en vooral liefdevol benaderen. Maar soms ontkomen we er niet aan en moeten we voor de waarheid kiezen.

Helaas blijft het heel vaak stil vanuit verschillende kerken en evangelisch gemeenten in ons land, als het gaat om deze gevoelige onderwerpen. Men brandt zich er liever niet aan en men wil ook niet veroordelen. Veel predikers weten er keer op keer, handig omheen te manoeuvreren. Men zegt vaak, ‘Jezus was immers ook genadig voor mensen die in de zonde leefde, zoals de overspelige vrouw en de Samaritaanse vrouw (Joh.4 en 8)’. Maar laat ons er steeds bij bedenken dat Jezus wel de zondaar liefheeft, maar de zonden haat en afkeurt. Daarvoor leed en stierf Hij aan het kruis en die prijs was zo hoog, dat Hij onmogelijk nu een compromis kan sluiten met de zonden.

Gelovige mensen die zelf onderzoek doen in de Bijbel, komen meestal wel achter de waarheid. Maar een groot aantal gelovigen richten zich voornamelijk op wat ze van hun geestelijk leiders horen. Als die leiders niet duidelijk zijn, blijft de verwarring. Mede om die reden krijgen we regelmatig e-mails van mensen die ons om uitleg vragen. U zult wellicht begrijpen dat dit artikel ook een gevolg is van de vragen die we krijgen. Misschien heeft u ook Bijbels advies nodig, mail ons gerust, u krijgt altijd antwoord, zie link onderaan.

Veranderingen die erg ver gaan.
Natuurlijk, het is beslist ook weer niet gemakkelijk om er in deze tijd eerlijk vooruit te komen, dat we zonder compromis geloven in wat God zegt in de Bijbel. Niet iedereen zal dat aanvaarden. Daarom, langzaam maar zeker zal in deze tijd steeds meer duidelijk worden, wie werkelijk gekozen heeft om Jezus te volgen, ten koste van elke prijs en wie uiteindelijk toch zal zwichten voor de druk van de wereld.

De veranderingen waar we het hier over hebben, gaan tegenwoordig erg ver en het wordt hoe langer hoe ingewikkelder, men raakt soms totaal in verwarring. Men heeft het niet alleen maar over hetero’s, homo’s of lesbo’s, maar het traditionele gezin is voor een steeds grotere groep, ook al lang niet voldoende meer. Ook bij onze regering heeft men het tegenwoordig al over transgenders en het zogenaamde ‘meerouderschap’, ‘draagmoederschap’. Met meerouderschap wordt bedoeld, gezinnen waar de kinderen te maken krijgen met meer biologische ouders, dan twee… ! Onze overheid zit daar kennelijk mee.

Bijvoorbeeld als er sprake is van een vrouw die het kind als draagmoeder heeft gebaard en twee (getrouwde) homomannen die het kind vervolgens hebben geadopteerd. Wie zijn nu allemaal de ouders van het kind? Daarbij is er ook nog een groeiende discussie in onze samenleving gaande over de zogenaamde zaaddonor. Men vraagt zich af, waar liggen de rechten van de zaaddonor en hoe zit het met de rechten en plichten van het gezin waar het kind in terecht komt. Bij zaaddonors gaat het al lang niet meer alleen om het helpen van kinderloze echtparen, maar in toenemende mate meer om bijvoorbeeld lesbische relaties die kinderen willen.

Maar de verwarring kan nog verder.
Ook het aantal mensen dat van geslacht wil veranderen, de zogenaamde transgenders, neemt momenteel (2017) enorme vormen aan. De twee zogenaamde genderpoli’s in ons land, voeren het aantal behandelingen van transgenders flink op, om de lange wachtlijsten weg te kunnen werken. De geslachtsverandering is al lange tijd, tot op zekere hoogte mogelijk, maar toch kan nog lang niet alles. Zo blijft het nog onmogelijk dat een man die omgebouwd is tot vrouw, ook zwanger zou worden en kinderen baren. Het is dus nog steeds noodzakelijk om een draagmoeder erbij te betrekken, die het kind baart. Reden genoeg om weer meer kostbaar onderzoek te doen, want men vindt dat alles wat we tegenwoordig willen, moet ook mogelijk zijn.

Geen grijs gebied voor de Bijbel.
Het probleem van transgenderisme en homoseksualiteit is in ieder geval geen grijs gebied voor de Bijbel. God noemt het een gruwel, om je te kleden als het tegenovergestelde geslacht (transgenderisme) of seks te hebben met het zelfde geslacht (homoseksualiteit).

  • Lees Deutr.22:5 “De kleren van een man mogen niet door een vrouw gedragen worden, en een man mag geen vrouwenkleding aantrekken, want ieder die dat doet, is voor de Heer, uw God, een gruwel”.
  • en ook Rom.1:26, 27 “Daarom heeft God hen overgegeven aan schandelijke hartstochten, want ook hun vrouwen hebben de natuurlijke omgang vervangen door de tegennatuurlijke. En evenzo hebben ook de mannen de natuurlijke omgang met de vrouw opgegeven, en zijn in wellust voor elkaar ontbrand: mannen doen schandelijke dingen met mannen en ontvangen het gepaste loon voor hun dwaling in zichzelf “.

We leven helaas in een tijd waarin velen denken dat ze geen God meer nodig hebben. De moderne mens denkt nu wijzer te zijn dan de God van de Bijbel, maar God zegt dat ze feitelijk dwaas zijn geworden, terwijl ze denken wijs te zijn (lees daarvoor Rom.1:22).

God heeft alle mensen lief.
Laten we vooral blijven herhalen, dat God alle mensen lief heeft, ongeacht je seksuele voorkeur, God discrimineert niet, Jezus stierf voor ons allemaal aan het kruis. En zeker ook christenen, zullen homoseksuelen, lesbiënnes, biseksuelen en transgenders nooit mogen haten, veroordelen of discrimineren, ook in de kerk of evangelie gemeente niet, God heeft ze lief. Juist in de christelijke gemeente, zouden mensen met homoseksuele gevoelens zich gewoon welkom moeten voelen. Jezus at ook met zondaren, accepteerde hen als mens, maar… wees hun zondige daden wel beslist af. In Johannes 8:11 zei Hij tegen de overspelige vrouw: ‘Ga heen en zondig niet meer.’ Hij wees haar niet af, maar keurde ook haar zonde niet goed.

Maar… ondanks deze onvoorwaardelijke liefde van God, zegt God in de Bijbel dat homofilie tegennatuurlijk is en dus erkent God ook niet het homo-huwelijk of een lesbische relatie. Sterker nog, de Bijbel leert dat seks tussen gelijke seksen zondig is. God heeft de mens geschapen (Gen.1:27), niet man en man of vrouw en vrouw, maar man en vrouw. Die twee, man en vrouw, zullen tot één vlees zijn (Gen.2:24), en waar wordt dat beter zichtbaar dan in de seksuele gemeenschap tussen man en vrouw.

God is dus zelf de bedenker van seksualiteit en Hij heeft daarom het lichaam van de man en een vrouw ‘duidelijk’ zo geschapen dat het absoluut bij elkaar past, daarover is geen twijfel mogelijk. En ja, dat kan in alle eerlijkheid, beslist niet gezegd worden van twee gelijke seksen.

Ondanks wat God zegt, worden relaties van gelijke seksen, toch steeds meer geaccepteerd als normaal. Het homo of lesbisch zijn wordt zelfs als een aanlokkelijke mogelijkheid voorgesteld, men zegt letterlijk tegen jonge mensen “kies wat je wilt en probeer het eens uit” en dat wordt nog eens extra benadrukt door de oververtegenwoordiging van homo’s in de entertainment, bijvoorbeeld op de televisie.

Christenen zouden beter moeten weten.
Christenen die de Bijbel kennen, zouden echter beter moeten weten, maar helaas, ook onder christenen, zien we opvattingen en principes langzaam veranderen. Men zegt dan, de Bijbel wijst het wel af, maar relaties in liefde en trouw tussen twee mannen of twee vrouwen zal God heus wel goedkeuren. En dus, de Bijbel zou het alleen over de uitwassen hebben, maar niet over mensen die zeggen van elkaar te houden, ook al zijn ze homo of lesbisch. Maar men gaat dan voorbij aan de zeer duidelijk uitspraken van de Bijbel hierover, waarbij helemaal geen sprake is van uitzonderingen en daarom kunnen wij ook nu niet zo’n uitzondering maken.

In alle zaken van het leven moeten we, als wedergeborenen gelovigen, naar de Bijbel kijken als ons enige richtsnoer en niet naar wat de wereld ons voorhoudt. Als we naar de Bijbel kijken, lezen we duidelijk dat God ons als een man of een vrouw heeft gemaakt. Er is geen bewijs dat God iets anders heeft gedaan of had gewild.

Laten we eens kijken wat de Bijbel over dit onderwerp moet zeggen:

  • Genesis 1:27, “En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen. “
  • Mattheüs 19:4, “En Hij antwoordde en zei tegen hen: Hebt u niet gelezen dat Hij Die de mens gemaakt heeft, hen van het begin af mannelijk en vrouwelijk gemaakt heeft?”

De Bijbel vertelt ons dat toen God ons gecreëerd heeft, creëerde hij ons genetisch als een man of een vrouw. De mens kan op geen enkele wijze die genetische code veranderen waarmee je geboren bent en dat God in Zijn oneindige wijsheid je gaf. Hormonale therapie en een chirurgische ingreep kunnen de buitenkant veranderen en maar het zal nooit je genetica veranderen of… hoe God je aan de binnenkant heeft gemaakt.

Transseksualisme is verwarring.
Mensen die denken dat ze in het verkeerde lichaam zijn geboren, geloven dus dat God bij de conceptie, een fout heeft gemaakt en dit is onmogelijk. Transgender en Transseksualisme is daarom absoluut een leugen van satan.

In Jeremia 1:5 zegt God tot de profeet: “…voordat Ik u in de moederschoot vormde, heb Ik u gekend; voordat u uit de baarmoeder naar buiten kwam, heb Ik u geheiligd”.

Mijn geslacht, als man of vrouw, maakt deel uit van mijn identiteit, dus hoe God mij gedacht heeft te maken. Als dit Gods plan voor mijn leven is, kan het niet zomaar door mensen veranderd worden. Misschien wel uiterlijk, maar niet innerlijk. Want net zoals een vis niet omgezet kan worden in een vogel, kan een man niet in een vrouw worden veranderd, of omgekeerd, omdat ons geslacht een fundamenteel aspect is van hoe we door God geschapen zijn.

Maar satan is beslist de oorzaak van gender verwarring. Door de zonde worstelen mensen met allerlei mentale, emotionele, fysieke en seksuele gebrokenheid. De wereld is vol misbruik, geweld, angst, onwetendheid, ziekte, armoede en verslaving. En dit alles wordt aangevuurd door de duivel, die Jezus ‘leugenaar en vader van de leugens’ noemde (Johannes 8:44).

Paulus predikte genezing.
Toen de apostel Paulus naar de Griekse stad Corinthiër ging, predikte hij tegen mensen van allerlei zondige achtergronden, en velen van hen kwamen tot geloof in Jezus en werden ‘schoongewassen, geheiligd en gerechtvaardigd door de naam van Jezus’.

Lees 1 Kor.6:9, 10, 11 “Of weet u niet dat onrechtvaardigen het Koninkrijk van God niet zullen beërven? Dwaal niet! Ontuchtplegers, afgodendienaars, overspelers, schandknapen, mannen die met mannen slapen, dieven, hebzuchtigen, dronkaards, lasteraars en rovers zullen het Koninkrijk van God niet beërven. Sommigen van u zijn dat wel geweest, maar u bent schoongewassen, maar u bent geheiligd, maar u bent gerechtvaardigd, in de Naam van de Heere Jezus en door de Geest van onze God”.

Paulus heeft geen tolerantie of acceptatie gepredikt van bijvoorbeeld ‘mannen die met mannen slapen’. In plaats daarvan predikte hij hen Jezus, die de oplossing is van de totale verwarring waar ze in terecht waren gekomen. Er is dus een oplossing voor jou, God laat je zeker niet aan je lot over, we willen je graag de weg wijzen.

Misschien heb je hulp nodig, of wil je anoniem je verhaal kwijt. Dat kan, je krijgt altijd antwoord: KLIK HIER.

Let op: onze website heeft een nieuw adres: https://watzegtdebijbel.wordpress.com

Geplaatst in Actueel, Homofilie, transgenders | Tags: , | 1 reactie

Bijbelstudies over de eindtijd.

Meer interessante studies op: www.bijbelstudies-eindtijd.nl

Wat zegt de Bijbel over de tijd waarin wij nu leven?

De genadetijd, de tijd waarin wij leven, is het tijdperk van de gemeente. Deze zal volgens de Bijbel straks eindigen met de opname van de gemeente. De gelovigen van de gemeente zullen dan, zonder nog te hoeve sterven, worden opgenomen in de hemel. Deze dag zal een vreugdevolle dag zijn voor wie Jezus navolgen. Het zal echter ook een droevige dag zijn voor hen die Jezus hebben afgewezen. Stuur ons gerust een e-mail als u hier meer over wilt weten, u krijgt altijd antwoord. U krijgt altijd antwoord, KLIK HIER.

 

Trump erkent de Golan als van Israël. – President Donald Trump heeft onlangs (2019) samen met de Israëlische premier Benjamin Netanyahu, een belangrijke stap gezet naar de terugkeer van Israël, naar de Bijbelse grenzen van het land zoals God aan Abraham beloofd had (Genesis 12:7). Trump heeft namelijk de moedige stap gedaan, om ondanks wereldwijd verzet, een verklaring te ondertekenen waarin de Verenigde Staten erkennen, dat de Golanhoogten nu tot Israël behoren. De Verenigde Naties, Syrië en Turkije zijn uiteraard niet te spreken over deze actie van Amerika, maar ook dit is in het plan van God en niemand kan dat stoppen.

 

Klimaat verandering. Nieuw evangelie? – Mensen die denken dat we het allemaal zelf in de hand hebben, gaan vaak volkomen voorbij aan wat de Bijbel voorspelt, over de toekomst van onze aarde. Men ziet het op de volgende manier. De mens op aarde is schuldig aan de klimaat verandering die waarschijnlijk op dit moment plaats vindt. De verandering van het klimaat zou voornamelijk veroorzaakt worden door een sterke toename van de z.g. CO2 uitstoot en daarvoor wordt de mens gezien als de belangrijkste schuldige. Nu is het de vraag of de uitstoot van CO2 werkelijk de enige oorzaak is voor de verandering van het klimaat.

 

Trump zegt het kernakkoord met Iran op. – President Trump had al in 2018 bekend gemaakt dat hij definitief heeft besloten om het kernakkoord met Iran op te zeggen. De beslissing van Trump met betrekking tot dat nucleair akkoord, is zeer tegen de wens van de verschillende EU-lidstaten. In Europa zijn we in dit soort zaken nog wel eens een beetje naïef en willen we nog wel eens uitgaan van het goede in de mensheid. Europa nam aan dat Iran door het akkoord geleidelijk zou transformeren naar een meer betrouwbare, op het westen georiënteerde maatschappij. Lees wat dit te maken heeft met het profetisch plan van God met Israël en de wereld.

 

Palestijnse kinderen leren haten. – (Mei 2018) Demonstranten uit de Gaza vielen de afgelopen dagen met brandbommen, granaten, pijpbommen de Israëlische grenswachten aan. De aanleiding is waarschijnlijk de feestelijke viering van het 70 jarige bestaan van de staat Israël. De demonstranten hoopte op een doorbraak bij de grens, om dan vervolgens in Israëlische grensdorpen moord en doodslag aan te richten. Wie zijn die gewelddadige demonstranten uit de Gaza? Wel, het gaat om mannen en vrouwen die opgevoed zijn met Jodenhaat en religieuze waanzin.

 

Islam en de verkiezingen (2019) – Het jaar 2019 is politiek gezien een heel belangrijk jaar. Er vinden namelijk twee belangrijke verkiezingen plaats: de eerste is voor de Provinciale Staten en de tweede voor het Europees Parlement. Wat ik nu ga schrijven is beslist niet zonder gevaar. Al gauw zou men het idee kunnen hebben, dat we discrimineren. Maar dat is beslist niet de bedoeling. Toch zullen er genoeg mensen zijn die een artikel als deze, niet kunnen waarderen. Ik schrijf dit echter zonder negatieve gedachten of gevoelens over andere mensen. Wat ik probeer is feiten aan te dragen, die aantonen waar het mogelijk naar toe gaat met ons land.

 

Meer studies zijn beschikbaar.

Een derde wereld oorlog, is dat mogelijk? – (2019) De Amerikaanse president Trump en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un hebben een topbijeenkomst in Vietnam, maar die helaas op niets uitloopt. Kim Jong-un is niet van plan zijn nucleaire ambities volledig op te geven en dus blijft de dreiging van een nucleaire wereld oorlog bestaan.Een derde wereldoorlog is overigens voor veel mensen in Europa nog moeilijk voor te stellen, omdat zo’n oorlog waarschijnlijk een nucleaire oorlog zal zijn, met catastrofale gevolgen. In de tegenstelling tot de eerste en tweede wereldoorlog, zal zo’n nucleaire oorlog door niemand meer echt gewonnen kunnen worden. Maar mogelijk zou het wel, de totale vernietiging betekenen van een groot deel van het menselijk leven hier op aarde.

 

De Gouden Poort van Jeruzalem gaat open – Jezus zal terugkomen. Sommige mensen geloven dat Jezus niet lichamelijk meer zal terugkomen, maar dat Hij feitelijk geestelijk al reeds teruggekomen is in Zijn gemeente. Ze zeggen, ‘hoe meer de gemeente de werken gaat doen die Jezus deed, hoe meer je kunt zeggen dat Jezus geestelijk is weergekomen’. Men zegt dat alle teksten over Jezus wederkomst feitelijk daarmee te maken heeft.
Maar helaas, dit is weer één van die afwijkende leringen uit de koker van de grote misleider. Het is in ieder geval niet wat de Bijbel leert, want daarin kunnen we heel duidelijk lezen dat Openbaring 1:7 zegt “Zie, Hij komt met de wolken, en elk oog zal Hem zien”. Daarin staat dus gewoon dat iedereen Hem zal kunnen zien bij Zijn wederkomst, als Hij terugkomt op de wolken. Jezus zal dus niet geestelijk op de wolken zal verschenen, maar zichtbaar voor iedereen, met een lichaam.

 

Terrorisme is een geestelijke strijd – Waar ben je nog veilig? Het nieuws staat er steeds bol van. Ik heb het over de gruwelijke terroristische aanslagen door z.g. Jihad strijders, in Parijs, Brussel, München etc. en ook natuurlijk de doods bedreigingen, moorden, verkrachtingen etc.. Het gevolg is angst, intens verdriet van nabestaanden en ook trauma’s voor hen die op het nippertje zijn ontkomen. We krijgen er in de toekomst bijna zeker nog meer mee te maken. Men is zelfs bang dat het uitschakelen van de ISIS in het Midden Oosten, tot gevolg zal hebben dat veel Jihad strijders uit de ISIS zullen vluchten naar Europa, om hier hun strijd weer voort te zetten. Het moet ook gezegd worden, door veel vrij naïeve politici en ook het vaak weinig adequaat reageren van onze opsporingsdiensten, is ons land een uitstekende plaats om naar toe te vluchten. De pakkans is relatief klein en mocht het er toch van komen, dan zijn de straffen laag.

 

Internet service voor Bijbelse adviezen

Henk en Diny Herbold

Wij hebben een speciale online internet service voor Bijbelse adviezen, voor iedereen die daarom vraagt. Bijna dagelijks mailen mensen ons en vragen ons advies vanuit de Bijbel. De service is gratis en u kunt gewoon anoniem blijven. We proberen u altijd binnen twee dagen een antwoord te sturen. Bent u dus opzoek naar advies vanuit de Bijbel? Stuur ons gerust een bericht, u kunt bij ons verzekerd zijn van strikte discretie. KLIK HIER.

Geplaatst in Actueel, oordeel, wederkomst | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Verplicht tiende geven in de kerk. Hoe zit dat en wat zegt de Bijbel?

Uit ervaring weten we, dat het helemaal niet verkeerd is als christenen die de Heer Jezus liefhebben, ook geleerd worden om regelmatig (b.v. maandelijks), financieel bij te dragen aan het werk van God. Feitelijk zou iedereen, die deel is van een kerk of gemeente dat uit zichzelf moeten begrijpen. Men zegt wel dat het evangelie gratis is, maar een gemeente kan nu eenmaal moeilijk de onkosten betalen, als er geen regelmatige giften binnen komen. Iedereen weet ook dat de kosten van, bijvoorbeeld het huren of kopen van een gebouw, behoorlijk kunnen oplopen. Daarom zou het een zegen zijn als iedereen die behoort bij een kerk of gemeente, in ieder geval regelmatig een vast bedrag apart zou zetten daarvoor (Lees ook 1 Kor.16:2). Daarmee geven we ook de gemeente waar we toe behoren, een stabiele basis zodat men een verantwoord financieel beleid kan voeren.

Ook in het zendingswerk zijn regelmatige inkomsten nodig. Natuurlijk zendelingen moeten in de eerste plaats op God vertrouwen en niet op mensen. God is machtig om voor hen te zorgen, zoals Hij voor de profeet Elia zorgde in een tijd van grote droogte (1 Kon.17). Maar tegelijk moeten we ons realiseren dat God toch meestal mensen gebruikte, om voor Zijn dienaren te zorgen. Vandaar ook dat Elia later in dezelfde geschiedenis, naar de weduwe van Sarfath werd gestuurd, om door haar verzorgd te worden.

In zekere zin is het geven van tien procent van ons inkomen helemaal niet verkeerd, wij zelf hebben het altijd ‘vrijwillig’ zo gedaan en we weten uit ervaring ook dat God ons daarvoor zegende. Vooral als men bedenkt dat men God ook niet met een fooi wil afschepen en men zich daarom afvraagt, ‘hoeveel is nu redelijk om te geven’, dan is tien procent een goede norm. Waarom? Omdat God dit in de Bijbel ook opdroeg aan Israël.

Aan de andere kant moeten we ook eerlijk zijn, er is in de Bijbel geen wet die een Nieuw Testamentisch christen dwingt om tienden te geven. In tegendeel, de apostel Paulus zegt juist in 2 Kor.9:7 tot de gemeente in Korinthe “Laat ieder doen zoals hij in zijn hart voorgenomen heeft, niet met tegenzin of uit dwang, want God heeft een blijmoedige gever lief”.

En ja… helaas zijn er toch nog steeds predikers die ons willen laten geloven dat we alleen financieel gezegend kunnen worden door de Heer, als we maar trouw tien procent van onze maandelijkse inkomsten afdragen en dan vooral natuurlijk aan hun kerk, gemeente of organisatie. Ze brengen het als een soort verplichting. Daarnaast heb je ook weer mensen die dit zo serieus nemen, dat ze vervolgens weer in de knoop raken, omdat ze niet weten of ze het van hun bruto of netto inkomsten moeten betalen en ook nog van hun vakantie geld of dertiende maandsalaris etc.. Maar…de grote vraag is natuurlijk altijd wat de Bijbel ons feitelijk hierover zegt, want als het Bijbels niet te onderbouwen is, dan zijn het dus wetten van mensen en niet van God.

Daarom nu…wat zegt de Bijbel?
De eerste keer dat we in de Bijbel over tiende geven lezen is in Genesis 14. Daar lezen we hoe Abraham, zijn neef Lot net had bevrijd en nadat hij toen een aantal koningen had overwonnen, ontmoette hij Melchizedek die genoemd wordt een priester van God. Deze Melchizedek zegende Abraham en vervolgens schonk Abraham hem een tiende deel van de buit die hij had veroverd op de koningen.

Feitelijk is dit niet zo’n sterk Bijbels argument voor het geven tiende, want we lezen maar één keer dat Abraham een tiende geeft en nog niet eens van zijn inkomsten, maar van de oorlogsbuit.

In Genesis 28:22 lezen we vervolgens weer van de tiende en wel van Jakob die God de belofte doet; ‘Van alles wat U mij geven zult, zal ik U zeker het tiende deel geven’. Hierbij kan men zich afvragen aan wie hij dat dan gegeven zal hebben. Er waren geen priesters, geen tempel. Misschien gaf hij het aan de armen en offerde hij er een deel van aan de Heer, bijvoorbeeld van de oogst of het vee. Maar het belangrijkste is dat het hier duidelijk niet om een gebod van God gaat, maar om een belofte van Jakob aan de Heer. Men kan hier dus ook niet zeggen dat op basis van deze tekst, men verplicht zou zijn God een tiende van de inkomsten te offeren.

Hieruit kunnen we gerust concluderen dat, voordat de wet van Mozes was ingesteld, men nog helemaal niet verplicht was om de tiende te betalen.

De wet van Mozes.
Pas later als de wet kwam, werd ook de tiende een onderdeel van die wet. De tienden geven werd ingesteld onder de wet van Mozes en was dus toen wel degelijk een gebod voor de Israëlieten. Er werd toen o.a. tienden gegeven van de oogst, van de vruchten en van de eerstgeboren dieren. Dat moest men dan wel van het beste geven wat men had. Het ging dus in eerste instantie feitelijk niet over geld. De reden echter waarom God dit gebod instelde, had te maken met het levensonderhoud van de Levieten. God zorgde op deze manier voor Zijn dienaren. Zij diende in de Tabernakel en mochten van God geen bezittingen hebben zoals de andere stammen van Israël wel hadden. Dus waren ze volledig van deze tienden afhankelijk. (Lees Deut.10:9 en Num.18:21)

Toen Jezus op aarde wandelde werd er door de Israëlieten nog steeds tienden gegeven, om de eenvoudige reden dat Israël nog steeds onder die wet leefde en het geven van de tiende nog steeds beschouwd werd als een onderdeel van de wet.

Maar hier komt nu het misverstand.
Men kan nu niet zeggen dat dit dan ook maar automatisch geldt voor de Nieuw Testamentische gemeente die geboren is op de Pinksterdag (Hand.2). Want we zijn door Jezus vrij gezet van de wet en dus ook van de wet van de tienden (Rom.7:6). Let wel Jezus heeft de wet niet opgeheven, maar zijn uiteindelijke bestemming gegeven, lees ook Gal.3:19-26, Rom. 10:4 en Jer.31:33-34.

Dat verstaan we o.a. ook uit het volgende voorbeeld. Tijdens een vergadering van de apostelen te Jeruzalem, waarvan we het verslag kunnen lezen in Hand. 15, wordt klaar en duidelijk gezegd dat de heilige Geest de heidense volkeren die tot het geloof in Jezus kwamen, geen andere lasten meer zal opleggen, dus ook niet de wet van de tiende. (Lees speciaal vers 28,29)

God beroven?
De mensen die zich toch nog aan de oud Testamentische wet van de tiende vasthouden, refereren vaak naar de volgende tekst uit Mal.3:8-10:

Zou een mens God beroven? Werkelijk, u berooft Mij! En dan zegt u: Waarvan beroven wij U? Van de tienden en het hefoffer! U bent door de vloek getroffen, omdat u Mij berooft, als volk in zijn geheel. Breng al de tienden naar het voorraadhuis, zodat er voedsel in Mijn huis is. Beproef Mij toch hierin, zegt de HEERE van de legermachten, of Ik niet de vensters van de hemel voor u zal openen, en zegen over u zal uitgieten, zodat er geen schuren genoeg zullen zijn.

Men stelt dan op basis van deze tekst, dat we God beroven als we geen tiende betalen en dat God ons aanmoedigt Hem op de proef te stellen (of uit te dagen), of Hij zich wel aan Zijn belofte zou houden.

Maar waar gaat dit Bijbelgedeelte nu werkelijk over? In het boek Maleachi roept God het volk van Israël op om weer teug te keren tot Hem. We hebben het hier nog steeds over de Oud Testamentische situatie, dus met alles wat hoorde bij de Joodse erediensten en wetten. Daarom zegt God hier dat Hij ze zal zegenen, als ze zich weer houden aan de wettische instellingen, zoals Hij die door Mozes aan hen heeft gegeven. Dus om Hem weer opnieuw te eren met hun tienden en hefoffers. Het gaat dus om het gehoorzamen van God, als teken van bekering.

De gemeente van de Heer is echter een heel nieuwe tijd binnen gegaan en is zelfs door de wedergeboorte, vrij gemaakt van de wet. Jezus heeft de wet voor ons vervuld en heeft ons binnen gebracht in de tijd van genade. Hij heeft Zijn wetten door de wedergeboorte, in ons hart geschreven en als we echt wedergeboren zijn, dan zullen we ook de vrucht van de Geest voortbrengen (Gal.5:22). Zo geeft God Zijn zegeningen wel aan ons, maar niet meer op basis van onze tienden of enig ander offer van ons, maar op basis van het offer van Jezus op Golgotha (lees ook Rom. 6:14).

Onze offers, hoe zit dat dan?
In het Nieuwe Testament worden we als gemeente in de eerste plaats opgeroepen om geestelijke offers te brengen, namelijk onze lofoffers en uitingen van dankbaarheid aan de Heer (Lees 1 Petr.2:5). Deze offers zijn als een lieflijke geur voor God, Hij verlangt er dus intens naar. Maar ook hier, als we de Heer prijzen, gaat het niet in de eerste plaats om de uitingen zelf, maar om de gesteldheid van ons hart.

Zo ook mogen we de Heer in deze tijd van ons bezittingen offeren en Hij belooft ons daarvoor te zullen zegenen. Wat we de Heer brengen, moet echter altijd waardevol voor Hem zijn en dat is het alleen als het een echt offer is. Daarvoor kijkt God dus weer niet eerst naar de grote van ons offer, maar naar ons hart. Het wordt dus pas een offer als we met ons hart geven, dus uit liefde en… het ons dus echt iets kost. Want als we iemand liefhebben en we willen hem of haar iets geven, dan gaan we ook niet op zoek naar waardeloos prul, maar we willen iets geven wat uitdrukking geeft aan onze liefde en genegenheid. Zo is het bij God, pas als we met de goede motivatie geven, zal Hij ons zegenen en ons uit liefde voor ons, ook weer terug geven. Het is dus wederkerig en God is een overvloedige God, Hij is beslist niet gierig. Alleen… zijn overvloedige zegeningen zijn niet altijd alleen in aardse goederen. Maar Hij wil ons ook zegenen in overvloedige blijdschap, vrede, geluk en diepe zalving van de heilige Geest etc.. (Lees Efeze 1: 3).

Geven is dus wel belangrijk.
Laten we wel altijd geven vanuit de juiste motivatie, want daar zal Hij Zijn zegen over geven. Dat deed bijvoorbeeld die arme weduwe uit Luk. 21:2. Haar gave was in absolute zin niet zo groot, het waren maar twee koperstukjes. Maar ze gaf ze met haar hart. Het was zelfs haar hele levensonderhoud, ze had dus alles voor God over. Dit is het praktische voorbeeld, dat Christus ons voorhoudt. Hij kijkt niet naar de gave op zichzelf, maar Hij kijkt naar de bron, waaruit die gave ontspringt.

Daarom, als ons hart echt bewogen is door de liefde van God, zullen we ook bereid zijn om Zijn werk ruim ondersteunen. Want het is Gods hartsverlangen dat Zijn werk doorgaat. Door zending financieel te ondersteunen, dragen we zelfs indirect bij aan de grote zendingsopdracht van Jezus (Marc.16:15). We kunnen nu eenmaal niet allemaal uitgaan naar verre plaatsen om mensen te winnen voor Jezus, maar we kunnen het wel voor anderen mogelijk maken door onze offers.

Ook is het uiteraard goed en Bijbels om uw eigen gemeente, waar u dus geestelijk gevoed wordt te ondersteunen b.v. met een ruime maandelijkse financiële bijdrage (lees ook Gal.6:6). En natuurlijk, het werk van God kan onmogelijk voortgaan als er onvoldoende financiële middelen zijn. We moeten beseffen dat onze bijdrage wel als een offer aan de Heer moet zijn en dus niet een fooi, of iets dergelijks. Bijvoorbeeld het klein geld wat we in een collecte bus doen voor één of ander goed doel, wanneer die langs onze deur komt. De collectes in de erediensten zijn absoluut niet hetzelfde als zo’n collecte bus, die af en toe bij u aan huis komt. Natuurlijk, we kunnen ook op andere wijze onze bijdrage geven, maar hoe dan ook is het geven van geld, voor het onderhoud van Gods werk in de gemeente, ook een heilig offeren aan God. We zijn dus niet klaar met een fooi, ondanks dat er voor ons geen wettische norm van tien procent meer is.

Als het niet gaat om tien procent, om hoeveel zou het dan gaan?
Wel feitelijk om alles! Misschien zou u zelfs wel meer dan tien procent kunnen geven? (lees Luc.14:33). Daar schrikt u misschien van. De Heer wil ons helemaal, heel ons leven dus, onze tijd, onze bezittingen. Ja zelfs alles wat we bezitten zou in principe beschikbaar moeten zijn, als God het van ons vraagt. Alles is feitelijk al van Hem (Haggaï 2:9), maar des ondanks wil Hij dat we het uit liefde aan Hem geven en niet uit dwang. Denk er even over na: mag God uw huis, uw auto, uw spaargeld gebruiken, als de Heer u kenbaar zou maken dat Hij dat nodig zou hebben??

Denk ook eens aan de ontmoeting van Jezus met die rijke jongeman. Deze man kwam bij de Jezus en zei dat hij alle geboden onderhield. Zeker gaf hij ook zijn tienden. En wat zei Jezus tegen hem, als hij vraagt wat hij moet doen om het eeuwige leven te beërven? Lees Luc.18:22 “Verkoop al wat u hebt en deel het uit onder de armen en u zult een schat hebben in de hemel. En kom dan en volg Mij “.

Rijk worden door tiende geven, kan dat wel?
Bij alles wat we aan God geven, gaat het dus altijd om de gesteldheid van ons hart en niet in de eerste plaats om wat wij terug zullen ontvangen. Aan de andere kant beloofd God ons wel, om ons overvloedig te zegenen als we Hem willen geven en dus niet alles alleen maar voor ons zelf willen houden. Lees daarvoor 2 Kor.9:6 “Wie karig zaait, zal ook karig oogsten; en wie zegenrijk zaait, zal ook zegenrijk oogsten”.

Deze tekst wordt vaak gebruikt om mensen aan te moedigen, om maar steeds meer geld te geven, want ze krijgen hiervoor toch steeds meer terug. Je zou dit misschien uit deze tekst zo kunnen begrijpen, maar…en dat vergeet men vaak, dit is beslist de verkeerde motivatie om iets aan God te geven. Natuurlijk kan God ons rijk zegenen en soms ook in aardse goederen, maar daar gaat het de Heer niet in de eerste plaats om. Integendeel, Jezus waarschuwt juist dat we niet de mammon en God tegelijk kunnen dienen. Als christenen moeten wij onze schatten juist verzamelen in de hemel en niet op de aarde. De uitleg dat God Zijn hemel vensters zal openen als we hem gehoorzamen zijn, is op zichzelf Bijbels en juist. Maar het klopt niet als daarmee bedoeld wordt, dat we dan rijk worden aan aardse goederen, alleen maar omdat we tiende betalen.

Natuurlijk zijn er die door de Heer zo overvloedig gezegend zijn in materiele goederen, dat ze rijk geworden zijn. Daar is helemaal niets mis mee. Alleen Hij doet dat niet opdat we daardoor steeds meer voor ons zelf zouden kunnen leven. Hij doet dat speciaal, opdat we instaat zullen zijn om anderen te zegenen met onze goederen en in het bijzonder Zijn werk nog meer kunnen gedenken.

Gebed: ‘Heer, hier is mijn leven, mijn alles, het is voor U. Leidt U me maar hoe ik om mag gaan met wat U hebt gegeven en leert U me hoe ik blijmoedig mag geven van alles wat ik bezit.’

Napraten? Dat kan, u krijgt altijd antwoord: KLIK HIER

Meer studies: www.evangelisch-nieuws.nl

Geplaatst in geld, geldzucht, gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen

Seks voor het huwelijk, kan dat wel? Hoe staat het in de Bijbel?

door Henk en Diny Herbold

Meer info over huwelijk, echtscheiding, seksualiteit, anticonceptie etc. vindt u op
www.christelijk-huwelijk.nl

Seks voor het huwelijk, wat zegt de Bijbel?
In de Bijbel lezen in het Oude Testament, dat God had verboden dat een man en vrouw “buiten het huwelijk” seksuele gemeenschap met elkaar hadden. Werd dit toch gedaan, dan ‘moest’ het stel trouwen, lees Ex.22:16. Tevens verstaan we uit het Nieuwe Testament in 1 Kor.7:9, dat seks hoort binnen de grenzen van het huwelijk. Letterlijk staat er “als je je niet kunt onthouden, trouw dan want dat is beter dan je te branden” en met branden wordt zondigen bedoeld.

In het Oude Testament lezen we ook over seks voor het huwelijk als zondig, het gaat dan om seksuele gemeenschap tussen mensen die niet met elkaar getrouwd zijn en daar toe waarschijnlijk ook geen plannen hadden. De Bijbel noemt dat ontucht en ontucht is een zonde die door God op dezelfde manier gezien wordt als bijvoorbeeld overspel (lees Deutr.22:13-30).

De Bijbel verklaart dit als volgt: “…Maar bedenk dat het lichaam er niet is om ontucht mee te plegen: het is er voor de Heer en de Heer is er voor het lichaam.” (1 Korintiërs 6:13). Vers 18 gaat hierop verder in, “Ga ontucht uit de weg! Geen enkele andere zonde die een mens kan begaan tast het lichaam aan, maar wie ontucht pleegt zondigt tegen het eigen lichaam.”
Galaten 5:19 zegt hetzelfde, “Het is bekend wat onze eigen wil allemaal teweegbrengt: ontucht, zedeloosheid en losbandigheid…”
Efeziërs 5:3 zegt het het duidelijkst, “Laat er bij u geen sprake zijn van ontucht of zedeloosheid, of van hebzucht – deze dingen horen niet bij heiligen.”

Uit deze verzen blijkt dat God een totale onthouding van seks voor het huwelijk wil. Het is duidelijk dat dit voor veel mensen erg moeilijk is, maar aan de andere kant is het vanuit Gods standpunt goed te begrijpen. Het valt nu eenmaal niet te ontkennen dat verkeringen en verlovingen uit kunnen gaan. Je moet er dus voor zorgen dat je samen met je partner op zo’n manier met elkaar omgaat dat je, als het toch uitgaat, op een reine manier een andere relatie aan kan gaan.

Maar we moeten ook eerlijk zijn. Het zal duidelijk zijn dat niet iedereen die seks heeft vóór (buiten) het huwelijk, op dezelfde manier zondigt. Wie bijvoorbeeld naar een publieke vrouw gaat, zondigt beslist zwaarder dan wie in een lange verlovingstijd struikelt. In het eerste geval ‘hecht’ men zich aan een vreemde zondige vrouw, in het laatste geval aan z’n toekomstige eigen vrouw. Of wie met gebruikmaking van voorbehoedmiddelen, in de verlovingstijd frequent geslachtsverkeer hebben gehad, hebben meer tegenover God te belijden, dan verloofden die in een moment van zwakheid struikelen. Het is allebei niet goed, maar er is natuurlijk wel verschil. Laat ons daarom maar het oordeel aan God overgeven en niet over elkaar gaan oordelen.

Wanneer ben ik nu gehuwd?
Sommige denken dat geslachtsgemeenschap hebben, door God op dezelfde manier gezien wordt als gehuwd zijn. Maar dit is geen Bijbelse visie. God beschouwt een stel alleen als getrouwd wanneer ze wettelijk getrouwd zijn. Het huwelijk zal altijd door de wet van het land bekrachtigd dienen te worden. God erkent de wet en de overheid zolang als die niet tegen Gods geboden ingaat.

(Lees Rom.7:2 en Rom.13.1, 2)

“Want de gehuwde vrouw is door de wet aan haar man gebonden, zolang deze leeft…” “Ieder mens moet zich onderwerpen aan de overheden, die boven hem staan. Want er is geen overheid dan door God en die er zijn, zijn door God gesteld”.

Zie ook Mal.2:14 waar God spreekt over Israël als Zijn ‘wettige’ vrouw. “En dan zegt gij: Waarom? Omdat de Here getuige geweest is tussen u en de vrouw uwer jeugd, aan wie gij ontrouw geworden zijt, terwijl zij toch uw gezellin en uw wettige vrouw is.”

Jezus zegt ook tot de Samaritaanse vrouw in Joh.4:16-18 “Ga heen, roep uw man en kom hier. De vrouw antwoordde en zei tegen Hem: Ik heb geen man. Jezus zei tegen haar: U hebt terecht gezegd: Ik heb geen man, want vijf mannen hebt u gehad en die u nu hebt, is uw man niet; dat hebt u naar waarheid gezegd”.
De enige terechte conclusie die we hieruit kunnen trekken is, dat ze 5 maal getrouwd geweest is en dat ze nu ongehuwd samen leefde met de 6de man en daarop zegt Jezus “deze is uw man niet”.

Tenslotte, wachten is soms moeilijk omdat we in een tijd leven waarop veel mensen dat niet meer geleerd hebben, men wil vaak te snel alles al hebben. Maar als het om seksualiteit gaat, dan kunnen we gerust zeggen dat wachten juist heel goed is. Het is namelijk een toets of je werkelijk van elkaar houdt, ook al krijg je niet direct je zin.

Echte liefde bewijst zich het meest als je het wel eens moeilijk hebt, maar er toch voor gaat. Er is ook niets mooier dan rein in het huwelijk te treden, allebei nog maagd en de seksualiteit helemaal samen ontdekken. Daar geniet je samen nog het meest van en zo heeft God het beslist bedoeld.

Als seks nog even niet kan, wat kan dan nog wel?
Een veel gestelde vraag is, “Als we geen seks kunnen hebben, hoe ver kunnen we dan wel gaan?” Een betere vraag zou zijn: “Hoe ver zouden we moeten gaan?” Gods Woord geeft ons geen gedetailleerde “lijst” van alle dingen die een koppel wel of niet zou kunnen doen voordat zij getrouwd zijn. Maar, juist omdat de Bijbel niet direct bespreekt wat een koppel wel of niet zou kunnen doen, geeft dit ons geen vrijbrief om alles maar te doen tot aan de uiterste grens van seks voor het huwelijk. In essentie is “voorspel” bedoeld om “voor de seks” plaats te vinden en om een koppel juist gereed te maken voor seksuele gemeenschap. Logisch gezien zijn dan alle vormen van “voorspel” beperkt tot koppels die getrouwd zijn. Alles wat als “voorspel” kan worden beschouwd, zou tot het huwelijk vermeden moeten worden. Om het heel praktisch te zeggen: zoek niet steeds de uiterste grens op, op een dag gaat het fout, maar blijf binnen een veilige grens!

Duidelijke afspraken met elkaar is daarom erg belangrijk. Afspraken zijn van fundamenteel belang als je niet te ver wilt gaan in je relatie. Ze zijn nodig voor elkaars bestwil, omdat je jezelf niet moet overschatten. Ook jij bent van vlees en bloed, dus niets menselijks is je vreemd. Als één van beide toch verder wilt gaan dan de gemaakte afspraak, dan kan je vriend of vriendin je erop wijzen. Afspraken getuigen van een verlangen om de Here God op de eerste plaats te zetten in je relatie. Een afspraak is niet alleen maar een zaak tussen twee personen die verkering met elkaar hebben, maar de Here God zelf is betrokken partij. Daarom zal ook gebed een belangrijke plaats innemen bij het vaststellen van de afspraken.

Alle antwoorden vind u op www.christelijk-huwelijk.nl
Advies nodig? Mail ons gerust, we gaan er discreet mee om en u krijgt altijd binnen enkele dagen antwoord. KLIK HIER.

Geplaatst in Abortus, echtscheiding, embryo, Huwelijk, kinderen, Opvoeding, Overspel, Seks voor het huwelijk, Seksualiteit, Verliefd, vrouwen | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Hoe worden gemeente leiders gekozen? Wat zegt de Bijbel?

door Henk Herbold

De gemeente van de Heer is geen vereniging.
Het is altijd weer de vraag, op welke manier willen we ‘gemeente van de Heer Jezus’ zijn. Als we een soort vereniging of christelijke stichting willen zijn, dan kunnen we onze eigen regels maken, eventueel met een selecte groep mensen. Er zijn duizenden christelijke verenigingen die heel goed en zinvol werk doen. Deze mensen hebben hun eigen regels en structuren, uiteraard wel enigszins geënt op de Bijbel, maar toch heeft men nog een behoorlijke vrijheid genomen, om het ook op eigen manier te doen.

Maar als we een gemeente willen zijn volgens de Bijbel, dan moeten we ons nauwkeurig aan Gods Woord willen houden. Alleen op die manier kunnen we zeker zijn van Gods zegen en goedkeuring.

In een christelijk vereniging gaat het duidelijk anders. Wat bedoel ik concreet?

  • Bijvoorbeeld, bij het kiezen van bestuursleden van verenigingen of stichtingen, maakt men dan vaak een keuze uit de mensen die het dichts bij elkaar staan. Dus familie, vrienden, sympathisanten of gewoon mensen die veel betekenen voor de stichting doordat ze veel bijdragen (die moet je immers te vriend houden).
  • Vaak moeten bestuursleden van een christelijke vereniging nog wel gelovige mensen zijn, die in ieder geval te kennen geven in de Bijbel te geloven, maar verder zijn er niet zoveel redenen om iemand uit te sluiten. Bijvoorbeeld, of iemand gescheiden is of ongehuwd samenwoont of i.d. hoeft beslist geen rol te spelen. In het gunstigste geval bespreekt men het openlijk met de bestuursleden en als de meerderheid er mee instemt, dan kan zo iemand gewoon bestuurslid worden.
  • Daarnaast kunnen we zelf bepalen hoe lang zo iemand mag aanblijven en hoe vaak men herkozen kan worden. In de Bijbel vinden we daar geen richtlijnen voor, dus doen we maar wat ons het beste lijkt.

Maar de gemeente van de Heer is anders dan een christelijke vereniging. De gemeente lijkt zelfs absoluut niet op een vereniging, maar is een geestelijk lichaam, waarvan Jezus het hoofd is. In een lichaam heeft elk orgaan een vaste plaats en taak (1 Kor.12:18). We zitten ook aan elkaar vast en als het goed is voelen we zelfs elkaars pijn en delen we ook in elkaars vreugde (1 Kor.12:26).

Hoe worden leiders aangesteld.
1. In de eerste plaats, geestelijk leiders worden door God aangesteld. Bijbels gezien is het niet aan ons, om mensen op leidinggevende posities te plaatsen, maar Jezus (het hoofd) doet dat  in 1 Kor.12:28 staat: “En God heeft sommigen aangesteld in de gemeente, ten eerste apostelen, ten tweede profeten, ten derde leraars, verder krachten, daarna gaven van genezing, (bekwaamheid) om te helpen, om te besturen, en verscheidenheid van tongen.”

Het enige wat van een Bijbelse gemeente verwacht mag worden is, om er voor te bidden en tegelijk om met een open hart, dus onbevooroordeeld, rond te kijken om te zien op welke manier Gods heilige Geest zelf mensen naar voren laat komen. Want dat gaat natuurlijk zeker gebeuren, als we het tenminste oprecht van de Heer verwachten en er om bidden.

Leiders worden beslist vanzelf door de heilige Geest zichtbaar en dat kan op verschillende manieren. Door openbaring, profetie (Hand.13:2), of iemand wordt gewoon zichtbaar doordat hij of zij regelmatig geestelijke inzichten blijkt te ontvangen, die belangrijk zijn voor de gemeente. Of er zijn andere geestelijke gaven die zichtbaar worden, iemand springt er dus uit en de gemeente ziet dat. Dat betekent natuurlijk nog niet dat zo iemand direct een leider kan zijn, maar een gemeente zal wel oplettend moeten toezien op zullen mensen. Als het goed is, zullen er ook geestelijke vaders (of moeders) in de gemeente moeten zijn, die zulke mensen al vroeg onder hun hoede kunnen nemen, zoals bijvoorbeeld Paulus deed met Timotheüs en Titus. Daardoor groeien deze mensen vanzelf naar het ambt of bediening toe.

Helaas zien we nogal eens dat een krachtige openbaring van de heilige Geest en geestelijk inzien (doorzicht) ontbreekt of zeer zeldzaam wordt en ook geestelijke vaders (en moeders) zijn er steeds minder. Om die reden dwalen soms gemeenten in het duister op dit punt en vervalt men niet zelden terug tot een menselijke structuur met allerlei regels die nergens in de Bijbel terug te vinden zijn.

2. Het tweede waaraan wij moeten denken bij het aanstellen van leiders is, dat wij voordat we als gemeente zo’n stap nemen, eerst tijd nemen voor gebed om de leiding van de Geest bij deze belangrijke beslissing. Zodat de Heer ons kan vrijmaken van eigen ideeën. Wij mogen ons namelijk nooit laten leiden door sympathieën, menselijke motieven en inzichten.

Wij moeten ook niets ondernemen, wanneer het kiezen van oudsten kan leiden tot scheuring in de gemeente en oorzaak wordt van veel moeilijkheden. Alhoewel dit een moeilijk dilemma is en we nooit iedereen tevreden kunnen stellen, moeten we de aanstelling van oudsten niet met allergeweld door willen drukken. Dan is het beter even te wachten.

3. Er moet ook draagvlak zijn in de gemeente. Hoe het moet gaan bij het aanstellen van oudsten toont Gods Woord ons ook aan in Handelingen 14:23 waar staat: “En nadat zij voor hen in elke gemeente oudsten hadden aangewezen, droegen zij hen onder bidden en vasten de Here op, in wie zij geloofd hadden.”

Eerst zien wij dat Paulus en Barnabas (Gods werktuigen), oudsten voor hen “uitkozen”. Het woord kiezen betekent volgens de grondtekst dat zij hen “aanwezen”. De gemeenten konden echter daarna zelf kiezen, volgens het voorstel van Paulus en Barnabas. Er werd dus uitdrukkelijk wel naar draagvlak gezocht. Het is ondenkbaar dat zij oudsten zouden hebben aangesteld tegen de wil van de afzonderlijke gemeenten.

Mogelijk gaf de gemeente door het opsteken van handen te kennen dat de keus van Paulus en Barnabas in overeenstemming was met hun keus. In ieder geval is het noodzakelijk dat er de bevestiging is vanuit de gemeente, want ook dat is een aanwijzing dat iemand door God geroepen is. (Lees ook 1 Sam.3:20, waar Samuël door heel Israël erkent werd.)

Na de verkiezing werden zij aan de Heer opgedragen door gebed en vasten en zo afgezonderd voor de door Hem opgelegde taak. Hier hebben wij dus het voorbeeld voor het aanstellen van oudsten. Op dezelfde wijze gebeurde het waarschijnlijk ook op Kreta, toen daar de gemeenten volgens Bijbels voorbeeld werden opgericht. Want Paulus schrijft aan Titus: “Ik heb u op Kreta achtergelaten met de bedoeling, dat gij in orde zou brengen hetgeen nog verbetering behoefde, en dat gij, zoals ik u opdroeg, in alle steden als oudsten zou aanstellen…” (Titus 1:5).

Hier was bij het aanstellen van oudsten ook weer iemand behulpzaam, die daar in de gemeenten werkzaam was geweest. In dit geval Titus, die waarschijnlijk evangelist (prediker) was. Het is dus niet onbijbels wanneer een evangelist, herder of leraar (van buiten) een gemeente helpt oudsten aan te wijzen. Maar het moet wel tezamen met de gemeente geschieden.

Waaraan herkent men een oudste.
– Roeping –
aanstaande leiders moeten natuurlijk in de eerste plaats zelf diep overtuigd zijn dat God hen geroepen heeft tot deze belangrijke taak. Mijn advies is altijd, wacht eerst op de leiding van God in je leven. Op allerlei manieren kan God tot je spreken, door profetie, persoonlijk uit de Bijbel, of door anderen die een openbaring over ons ontvangen. Wacht ook altijd tot er een bevestiging heeft plaats gehad (2 Kor.13:1). Ook na die bevestiging zullen we nog moeten wachten op de tijd van de Heer. (David werd door Samuel gezalfd tot koning, maar het heeft nog jaren geduurd voordat hij echt koning werd). We mogen er natuurlijk wel altijd om blijven bidden.

In Handelingen 20:17 lezen wij dat Paulus vanuit Milete een boodschap zond naar Efeze en “de oudsten der gemeente” tot zich liet roepen.  In vers 28 van hetzelfde hoofdstuk zegt hij tot deze oudsten: “Ziet dan toe op uzelf en op de gehele kudde, waarover de heilige Geest u tot opzieners gesteld heeft, om de gemeente Gods te weiden, die Hij zich door het bloed van zijn Eigene verworven heeft.”  De apostel Paulus zegt dus dat de heilige Geest hen als opzieners heeft gesteld, om de gemeente Gods te hoeden. (Hand.20:28).  Oudsten zijn dus ook opzieners.

In 1 Kor.12: 28 staat “En God heeft sommigen aangesteld in de gemeente,…. God stelt ze dus aan.

De oudsten (en diakenen) moeten ook bevestigd worden in de gemeente:
Bevestiging – In 1 Petr.5:1-3 staat dat zij als “voorbeelden” van de kudde zijn gesteld. Van hen wordt dus verwacht dat ze leven naar het Woord van God, uiteraard niet volmaakt, maar ze gaan anderen voor in het dienen van God.

De opzieners (oudsten en ook diakenen), dienen te voldoen aan wat in 1 Tim 3:2-7 staat opgetekend, o.a. in de Geest van zachtmoedigheid te handelen en te leven. De gemeente moet hen kunnen benaderen in de geest van openheid en vertrouwen.

Het is beslist Bijbels om een korte test periode in te bouwen (lees 1Tim.3:10). Het is zelfs beter om een tijd lang te dienen, om daarna de beslissing te nemen iemand in te zegenen. Nogmaals, als het goed is worden de door God aangewezen leiders door de heilige Geest zichtbaar. Men moet er natuurlijk wel voor open willen staan als leiding.

Wat voor taken hebben oudsten in de gemeente?
De apostel Petrus schrijft hierover: “De oudsten onder u vermaan ik dan als mede-oudste en getuige van het lijden van Christus, die ook een deelgenoot ben van de heerlijkheid, welke zal geopenbaard worden: hoedt de kudde Gods, die bij u is, niet gedwongen, maar uit vrije beweging, naar den wil van God, niet uit schandelijke winzucht, maar uit bereidwilligheid, niet als heerschappij voerend over hetgeen u ten deel gevallen is, maar als voorbeelden der kudde. En wanneer de opperherder verschijnt, zult gij den onverwelkelijke krans der heerlijkheid verwerven” (1 Petr. 5: 14).

Er staat hier dat oudsten de gemeente moeten hoeden. Dat is een ander woord voor beschermen. Hand.20:28 zegt dat oudsten moeten toezien op zichzelf en op de gemeente. Hier wordt toch sterk het beeld van een herder gezien, die voortdurend let op alle schapen van de kudde. Toezien op gevaar van buiten, of er genoeg voedsel is voor de schapen, of er schapen ziek zin of dwalen er schapen af.

Oudsten die geen of onvoldoende aandacht hebben voor de mensen in de gemeente, bewijzen daarmee dat men niet het karakter van een oudste heeft. Aandacht van oudsten moet er vooral zijn waar het geestelijk zwakke mensen of mensen in nood betreft.

Er staat ook (1 Petr. 5: 14) dat oudsten “als voorbeelden voor de kudde Gods” moeten zijn. Dat hoort bij de taak en roeping van een oudste, hij moet dus ook “toezien op zichzelf” (Hand.20:28). Een oudste is er dus niet mee klaar zich voortdurend op zijn menselijk zwakheden te beroepen en dat hij ook maar een mens is en dus fouten maakt. Dat is wel zo, maar tegelijk moeten oudsten zich realiseren dat de gemeente aan hem juist een voorbeeld moet kunnen nemen, hoe het dus wel moet. Het is voor te stellen dat een oudste zijn taak niet langer kan uitoefenen omdat hij geen voorbeeld kan zijn in de gemeente. Bijvoorbeeld als een oudste niet altijd eerlijk is en mensen hem op pertinente leugens betrappen.

Oudsten met een herdershart.
Een oudste heeft ook altijd een herders-hart en moet zijn schapen dus proberen te kennen (Joh.10). De Bijbel zegt immers tot oudsten “hoed de kudde Gods” (1 Petr. 5: 14). Zij behoren in ieder geval aandacht voor de gemeente te hebben. Dat wil niet zeggen dat alle oudsten ook de bediening van herder hebben. Daar is dus wel verschil in. Maar het is niet goed als oudsten zich afsluiten voor de gemeente en hun eigen leven leiden. Het kost dus best heel veel om oudste te zijn in een gemeente. Het is belangrijk voor een oudste om de kosten te berekenen. Oudsten die bijvoorbeeld naast het geestelijk werk nog heel erg druk zijn in hun dagelijkse beroep, kunnen feitelijk geen oudste zijn. Want je kunt je dan gewoon niet voldoende geven voor de gemeente.

Het is o.a. de taak van een oudste de gemeente Gods Woord voor de houden, hij moet m.a.w. bekwaam zijn om te onderwijzen (1 Tim.3:2). Tevens zal een goede gemeente leider de gemeente waarschuwen voor valse of on-Bijbelse leringen. Dat betekent echter weer niet dat alle oudsten ook predikers zijn. Wij zien in 1 Timotheüs 5:17 dat er een verschil is tussen oudsten, die ”zich toeleggen op spreken en onderwijzen” en de andere oudsten. Dat zegt ons, dat er in de gemeente oudsten waren, die niet predikten en geen onderricht gaven. Zij waren dus geen predikers of leraren. Maar… zij waren wel door God in het bijzonder toegerust met wijsheid om de kudde (=gemeente) te leiden. Zij waren goede leiders, ondanks het feit dat zij niet predikten of onderricht gaven. Ook in deze tijd zijn er vele gemeenten waar zulke oudsten zijn. Zij hebben geen gaven om te prediken of Bijbelstudies te houden, maar toch zijn zij vol van de heilige Geest en van wijsheid.

Het is ook de roeping van een oudste te trachten, degene die geestelijk zijn verdwaald, terug te brengen. Het gaat hier dus niet over mensen die er voor kiezen naar een andere gemeente te gaan. Dat is duidelijk iets anders. Maar mensen die wegzakken in de zonden, kun je niet aan hun lot overlaten, met de gedachten “ze zoeken het maar uit”. Hij zal de afgedwaalde weer opzoeken en proberen terug te brengen tot Christus. Men kan natuurlijk ook weer niet van een oudste verwachten, dat hij oneindig blijft trekken aan mensen die afdwalen van de Heer. Maar Jezus heeft wel gezegd: ” Ik ben de goede herder. De goede herder zet zijn leven in voor zijn schapen; maar wie huurling is en geen herder, wie de schapen niet toebehoren, ziet de wolf aankomen, laat de schapen in de steek en vlucht (en de wolf rooft ze en jaagt ze uiteen)” (Joh. 10: 11, 12).

Iemand die het hart van een oudste heeft zal het nooit zo maar opgeven. Toen God door de profeet Ezechiël sprak over goede en slechte herders, gaf Hij een beeld van de goede herder toen Hij beschreef, hoe Hij zelf zou handelen. “De verlorene zal Ik zoeken en de afgedwaalde terughalen; de gewonde zal Ik verbinden en de zieke versterken” (Ez. 34: 16a). Dit is precies wat God wil, dat een oudste namens Hem voor Zijn gemeente zal doen.

Een misverstand.
Oudsten hoeven dat natuurlijk niet allemaal alleen te doen, het delegeren van taken aan bekwame mensen behoort ook tot zijn taak. Uiteindelijk zijn we als gemeente samen lichaam van Christus en ook verantwoordelijk voor elkaar.  Efeziërs 4:16 “En aan Hem ontleent het gehele lichaam als een welsluitend geheel en bijeengehouden door de dienst van al zijn geledingen naar de kracht, die elk lid op zijn wijze oefent, deze groei des lichaams, om zichzelf op te bouwen in de liefde”.

Is oudste zijn een gave en / of een roeping?
Hier komen we op een gevoelig punt. Wij bezoeken per jaar vele gemeenten in ons land en we zien het ook nogal eens fout gaan. Zoals ik al schreef, een gemeente is niet net als een sportvereniging, waar bestuurders worden aangesteld vanwege leeftijd, sympathie of familie relaties of vrienden of id.. Zelfs niet de hoogste score tijdens een gehouden oudste verkiezing (?)  is voldoende om te kunnen zeggen geroepen te zijn door de Heer (sommige denken zo). Ook niet je vele kwaliteiten (gaven), bestuurlijk of op welk vlak dan ook, kan bepalend zijn. Maar in de eerste plaats de roeping van God.

In 1 Kor.12: 28 staat “En God heeft sommigen aangesteld in de gemeente,…. Het is dus Gods keuze, zo was het bij de apostelen… Jezus koos ze zelf uit. (Lukas 5:13).

Als God je geroepen hebt, hoef je daar zelf niets aan te doen. Hij zal je ook bevestigen in de gemeente, mensen zullen het zien en erkennen.

In 1 Sam.3: 20 staat “En geheel Israël van Dan tot Berseba kwam tot de erkenning, dat aan Samuël door de HERE het ambt van profeet was toevertrouwd”.

Opmerking: Maar natuurlijk, mag men wel verwachten van een Bijbelse gemeente, dat men ook bereid is ‘geroepenen van de Heer’ te erkennen. In 1 Thes.5:12, 13 lezen we: “Wij verzoeken u, broeders, hen, die onder u zich moeite getroosten, die u leiden in de Here en u terechtwijzen, te erkennen en hen zeer hoog te schatten in liefde, om hun werk”.

En… daarbij gaat het dus niet om onze mening, maar om Gods mening. In de loop van jaren hebben mijn vrouw en ik al heel wat onBijbelse argumenten gehoord, waarom mensen worden aangesteld.

Bijvoorbeeld, iemand wordt aangesteld als oudste omdat:

  • iemand universitair geschoold is en men wil het niveau van de oudstenraad wat opkrikken.
  • men is voorstander van vrouwelijke oudsten en men wil graag een evenwicht tussen mannen en vrouwen in de oudstenraad. Dus evenveel mannen als vrouwen.
  • iemand heeft een eigen bedrijf en het kan nogal wat voordeel geven voor de gemeente als zo iemand ook oudste is.
  • iemand heeft de geschikte leeftijd. We willen graag dat de oudstenraad alleen bestaat uit mensen beneden of boven, een bepaalde leeftijd. Het woord ‘oudste’ betekent in ieder geval niet, dat de betrokken persoon een oudere man moet zijn, maar hij moet natuurlijk wel geestelijk rijp zijn om het ambt in de gemeente Gods te vervullen, dus juist niet iemand die net bekeerd is (1 Tim.3:6). Het kan dus absoluut ook een jong volwassene zijn, maar dan moet er wel sprake zijn van enige levenservaring.

Conclusie: helaas allemaal onBijbelse standpunten. Oudste zijn is geen gave die dus iedereen kan ontvangen, maar een roeping. Lees 1 Kor.12:28, ”God heeft sommigen aangesteld in de gemeente”.

Oudsten zijn ook voorgangers.
Het Griekse woord voor voorganger is “episkopos”, wat ook vertaald kan worden met “opziener”. Het Griekse woord voor ouderling is “presbyteros”, want ook vertaald kan worden als “opziener of bisschop”.

In ieder geval, in vele plaatselijke gemeenten in de Bijbel hadden meerdere oudste of voorgangers en diakenen. Dit was in ieder geval zo in Filippi. Paulus begint zijn brief aan de gemeente te Filippi met de woorden: “Paulus en Timotheüs, dienstknechten van Christus Jezus, aan al de heiligen in Christus Jezus, die te Filippi zijn, tezamen met hun opzieners en diakenen.” (Filip.1:1)

In Handelingen 14: 23 en Titus 1: 5 wordt ook gesproken over verschillende oudsten (of voorgangers).

De zendbrieven aan de zeven gemeenten in Klein-Azië spreken weliswaar alleen over een “gemeente-engel” (Openb.2/3). Dat is echter geen bewijs dat er niet meer ouderlingen waren, want wij weten dat dit tenminste in Efeze het geval was (Hand.20:17).

De apostel Petrus was duidelijk de voorganger van de eerste gemeente. Vanaf het eerste moment op de pinksterdag, sprak Petrus en nam hij in veel zaken de leiding (lees het in Handelingen), denk bijvoorbeeld aan Ananias en Saffira etc.. Maar Petrus noemt zich toch ook oudste: “De oudsten onder u vermaan ik dan als mede-oudste en getuige van het lijden van Christus, die ook een deelgenoot ben van de heerlijkheid, welke zal geopenbaard worden: hoedt de kudde Gods, die bij u is, niet gedwongen, maar uit vrije beweging, naar den wil van God, niet uit schandelijke winzucht, maar uit bereidwilligheid, niet als heerschappij voerend over hetgeen u ten deel gevallen is, maar als voorbeelden der kudde. En wanneer de opperherder verschijnt, zult gij den onverwelkelijke krans der heerlijkheid verwerven” (1 Petr. 5: 14).

In principe zijn oudsten en voorgangers gelijk, maar… dit sluit echter niet uit dat er wel één persoon zou moeten zijn, die als het ware het aanspreekpunt is tussen de oudsten en de gemeente. In de regel is het gebruikelijk dat dit een ‘voorgaande oudste’ is of zoals hij ook wordt genoemd, de gemeente ‘voorganger’. Daarbij komt, dat voor het gezicht van de oudstenraad, het beter is dat er één persoon is en niet meerdere personen. Dit laatste kan verwarring geven zowel in de gemeente als onder de oudsten zelf.

Maar de leiding van de gemeente ligt nog steeds bij de gehele oudstenraad en dit is een wonderlijke uiting van Gods wijsheid. Het zijn dus de oudsten samen, die de gemeente zullen leiden. Dus niet slechts één van hen, maar allen tezamen. Dat is om de volgende reden. God kent onze menselijke zwakheid. Hij weet hoe gemakkelijk een mens in de verzoeking kan komen om zijn macht te misbruiken. Daarom heeft Hij voor een machtsbalans in de gemeente gezorgd. Wij hebben dit evenwicht nodig om machtsmisbruik te voorkomen. De praktijk heeft hiervan keer op keer het bewijs geleverd.

Meer studies over leiderschap: www.geestelijk-leiderschap.nl

Vragen of opmerkingen: KLIK HIER

Geplaatst in geestelijk leiders, gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen

Hoe kan ik de doop in de Heilige Geest ontvangen?

Inleiding.

De Bijbel leert ons dat er een doop in de heilige Geest is, als een op zichzelf staande gebeurtenis, precies zoals bekering en wedergeboorte dat is. Dit wordt het meest duidelijk als we Hand.8:12-17 daarover opslaan, waar de Filippus het evangelie predikte en de mensen opriep zich te laten dopen, maar er waren twee andere apostelen nodig (Petrus en Johannes) om de mensen te onderwijzen over de doop in de heilige Geest. Zij hadden deze doop dus niet al ontvangen in de waterdoop, maar er moest apart voor hen gebeden worden voor deze ervaring. Petrus en Johannes baden om de doop in de Geest met de mensen.

Er zijn 7 belangrijke voorwaarden.

  1. Bekering en waterdoop gaat altijd vooraf. In Hand.2.38 zegt Petrus: “En Petrus antwoordde hun: Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des heiligen Geestes ontvangen”. Opmerking: In een enkel geval gebeurde het dat mensen gedoopt werden in de Geest voordat ze gedoopt waren in water. Dit gebeurde bijvoorbeeld in het huis van Cornelius, lees Hand. 10:44-48. Laat ons echter niet vergeten dat in die dagen de opvatting leefde dat de heidenen niet gedoopt konden worden maar alleen Joden en dat ze buiten het verbond met Abraham stonden. De heilige Geest corrigeerde deze opvatting door hen toch te dopen in de Geest. Ze stonden ook zeer verbaasd, er staat letterlijk in Hand.10:45 “…En al de gelovigen uit de besnijdenis, die met Petrus waren medegekomen, stonden verbaasd, dat de gave van de heilige Geest ook over de heidenen was uitgestort”. Daarop werden ze direct ook gedoopt water.
    .
  2. We moeten om de heilige Geest bidden! Het komt dus niet vanzelf wel. Lees Luc.11:13 “hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel de heilige Geest geven aan hen, die Hem daarom bidden?”
    .
  3. We moeten God gehoorzaam willen zijn. Hand.5:32 zegt: “En wij zijn getuigen van deze dingen en ook de heilige Geest, die God hun gegeven heeft, die Hem gehoorzaam zijn”. God gehoorzamen betekent hier, een radicale bekering en de bereidheid om een discipel van Jezus te zijn. Zonden staat God altijd in de weg, maak zo nodig eerst de dingen in orde met God en mensen, voordat u bidt om deze heilige doop.
    .
  4. Er is geloof nodig om deze doop van God te ontvangen. Gal.3:14 zegt:” opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof”. Wij moeten geloven dat als we er om bidden, of dat er met ons gebeden wordt, de Heer het ons geeft. Ook al voelen we of merken we nog niets. Geloof komt eerst, ervaring komt daarna. Marc.11:24 zegt: “Daarom zeg Ik u, al wat gij bidt en begeert, gelooft, dat gij het hebt ontvangen, en het zal geschieden”.
    .
  5. Wees bereid om een dwaas te zijn in de ogen van mensen. Ons verstand zal het spreken in tongen nooit accepteren. Het is ook volkomen dwaas, om onverstaanbare klanken uit te spreken. Maar God heeft het dwaze juist uitverkoren om het wijze te beschamen. Lees 1 Kor.1:21 “….heeft het Gode behaagd door de dwaasheid der prediking te redden hen die geloven” en 1 Kor.1:27 “Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen”. Het evangelie van het kruis en de verlossing in Jezus bloed is ook een dwaasheid voor de ongelovige (lees 1 Kor.1:18), maar het is de hoogste wijsheid voor hen die erin geloven”.
    .
  6. Leer de Heer lof te offeren, d.w.z. tegen al je gevoelens in groot te maken en te eren. Psalm 50:23 zegt: “Wie lof offert, eert Mij, en baant de weg, dat Ik hem Gods heil doe zien”. Door tijd te nemen om de Heer de eer te geven, banen we ook Gods Geest de weg. De heilige Geest wordt aktief zodra een wedergeboren kind van God, Jezus gaat prijzen. Veel christenen wachten gespannen op de heilige Geest, maar de Geest is er zodra ik Jezus groot maakt. In 1 Kor.12:3 staat “…niemand kan zeggen Jezus is Heer, dan door de heilige Geest..”. Iemand die bidt om de doop in de Geest, maar geen enkel verlangen kent om de Heer te prijzen, zal het ook niet ontvangen en moet zich ernstig afvragen hoe het met de wedergeboorte staat.
    .
  7. Eén ervaring met de heilige Geest is nog maar het begin. De vervulling met de Geest is een doorlopende proces in ons leven, wat ook weer kan ophouden. In Efeze 5:18 staat “……wordt vervuld met de Geest”. Maar letterlijk staat er in de grondtekst: “weest voortdurend vervuld van de heilige Geest”. Paulus bad ook voor de Efeziërs, die al reeds vervuld waren met de Geest (Efeze 1:13, 14), dat zij nog meer vervuld mochten worden tot alle volheid Gods (Efeze 3:19). Aan de andere kant lezen we ook van Saul hoe de Geest van hem week (Lees 1 Sam.16:14) en hoe David bad in Psalm 51:13 “..neem uw heilige Geest niet van mij..”. Dus ook dat is mogelijk als mensen Gods Geest ongehoorzaam zijn en dus bedroeven.

Wat heel belangrijk is! De heilige Geest is als een rivier welke door ons wil stromen om geestelijk te verfrissen, als water om onze dorst te lessen en als olie om onze innerlijk te genezen. Dat is wat de heilige Geest wil doen in ons. Maar er is meer, de Geest wil ook volledig bezit van ons nemen, ons leven is dan als een waterkruik gevuld met het levende water van de heilige Geest.

Verder praten, dat kan: KLIK HIER

Geplaatst in doop heilige Geest, heilige Geest | Tags: , | Een reactie plaatsen