Hoe worden gemeente leiders gekozen? Wat zegt de Bijbel?

door Henk Herbold

De gemeente van de Heer is geen vereniging.
Het is altijd weer de vraag, op welke manier willen we ‘gemeente van de Heer Jezus’ zijn. Als we een soort vereniging of christelijke stichting willen zijn, dan kunnen we onze eigen regels maken, eventueel met een selecte groep mensen. Er zijn duizenden christelijke verenigingen die heel goed en zinvol werk doen. Deze mensen hebben hun eigen regels en structuren, uiteraard wel enigszins geënt op de Bijbel, maar toch heeft men nog een behoorlijke vrijheid genomen, om het ook op eigen manier te doen.

Maar als we een gemeente willen zijn volgens de Bijbel, dan moeten we ons nauwkeurig aan Gods Woord willen houden. Alleen op die manier kunnen we zeker zijn van Gods zegen en goedkeuring.

In een christelijk vereniging gaat het duidelijk anders. Wat bedoel ik concreet?

  • Bijvoorbeeld, bij het kiezen van bestuursleden van verenigingen of stichtingen, maakt men dan vaak een keuze uit de mensen die het dichts bij elkaar staan. Dus familie, vrienden, sympathisanten of gewoon mensen die veel betekenen voor de stichting doordat ze veel bijdragen (die moet je immers te vriend houden).
  • Vaak moeten bestuursleden van een christelijke vereniging nog wel gelovige mensen zijn, die in ieder geval te kennen geven in de Bijbel te geloven, maar verder zijn er niet zoveel redenen om iemand uit te sluiten. Bijvoorbeeld, of iemand gescheiden is of ongehuwd samenwoont of i.d. hoeft beslist geen rol te spelen. In het gunstigste geval bespreekt men het openlijk met de bestuursleden en als de meerderheid er mee instemt, dan kan zo iemand gewoon bestuurslid worden.
  • Daarnaast kunnen we zelf bepalen hoe lang zo iemand mag aanblijven en hoe vaak men herkozen kan worden. In de Bijbel vinden we daar geen richtlijnen voor, dus doen we maar wat ons het beste lijkt.

Maar de gemeente van de Heer is anders dan een christelijke vereniging. De gemeente lijkt zelfs absoluut niet op een vereniging, maar is een geestelijk lichaam, waarvan Jezus het hoofd is. In een lichaam heeft elk orgaan een vaste plaats en taak (1 Kor.12:18). We zitten ook aan elkaar vast en als het goed is voelen we zelfs elkaars pijn en delen we ook in elkaars vreugde (1 Kor.12:26).

Hoe worden leiders aangesteld.
1. In de eerste plaats, geestelijk leiders worden door God aangesteld. Bijbels gezien is het niet aan ons, om mensen op leidinggevende posities te plaatsen, maar Jezus (het hoofd) doet dat  in 1 Kor.12:28 staat: “En God heeft sommigen aangesteld in de gemeente, ten eerste apostelen, ten tweede profeten, ten derde leraars, verder krachten, daarna gaven van genezing, (bekwaamheid) om te helpen, om te besturen, en verscheidenheid van tongen.”

Het enige wat van een Bijbelse gemeente verwacht mag worden is, om er voor te bidden en tegelijk om met een open hart, dus onbevooroordeeld, rond te kijken om te zien op welke manier Gods heilige Geest zelf mensen naar voren laat komen. Want dat gaat natuurlijk zeker gebeuren, als we het tenminste oprecht van de Heer verwachten en er om bidden.

Leiders worden beslist vanzelf door de heilige Geest zichtbaar en dat kan op verschillende manieren. Door openbaring, profetie (Hand.13:2), of iemand wordt gewoon zichtbaar doordat hij of zij regelmatig geestelijke inzichten blijkt te ontvangen, die belangrijk zijn voor de gemeente. Of er zijn andere geestelijke gaven die zichtbaar worden, iemand springt er dus uit en de gemeente ziet dat. Dat betekent natuurlijk nog niet dat zo iemand direct een leider kan zijn, maar een gemeente zal wel oplettend moeten toezien op zullen mensen. Als het goed is, zullen er ook geestelijke vaders (of moeders) in de gemeente moeten zijn, die zulke mensen al vroeg onder hun hoede kunnen nemen, zoals bijvoorbeeld Paulus deed met Timotheüs en Titus. Daardoor groeien deze mensen vanzelf naar het ambt of bediening toe.

Helaas zien we nogal eens dat een krachtige openbaring van de heilige Geest en geestelijk inzien (doorzicht) ontbreekt of zeer zeldzaam wordt en ook geestelijke vaders (en moeders) zijn er steeds minder. Om die reden dwalen soms gemeenten in het duister op dit punt en vervalt men niet zelden terug tot een menselijke structuur met allerlei regels die nergens in de Bijbel terug te vinden zijn.

2. Het tweede waaraan wij moeten denken bij het aanstellen van leiders is, dat wij voordat we als gemeente zo’n stap nemen, eerst tijd nemen voor gebed om de leiding van de Geest bij deze belangrijke beslissing. Zodat de Heer ons kan vrijmaken van eigen ideeën. Wij mogen ons namelijk nooit laten leiden door sympathieën, menselijke motieven en inzichten.

Wij moeten ook niets ondernemen, wanneer het kiezen van oudsten kan leiden tot scheuring in de gemeente en oorzaak wordt van veel moeilijkheden. Alhoewel dit een moeilijk dilemma is en we nooit iedereen tevreden kunnen stellen, moeten we de aanstelling van oudsten niet met allergeweld door willen drukken. Dan is het beter even te wachten.

3. Er moet ook draagvlak zijn in de gemeente. Hoe het moet gaan bij het aanstellen van oudsten toont Gods Woord ons ook aan in Handelingen 14:23 waar staat: “En nadat zij voor hen in elke gemeente oudsten hadden aangewezen, droegen zij hen onder bidden en vasten de Here op, in wie zij geloofd hadden.”

Eerst zien wij dat Paulus en Barnabas (Gods werktuigen), oudsten voor hen “uitkozen”. Het woord kiezen betekent volgens de grondtekst dat zij hen “aanwezen”. De gemeenten konden echter daarna zelf kiezen, volgens het voorstel van Paulus en Barnabas. Er werd dus uitdrukkelijk wel naar draagvlak gezocht. Het is ondenkbaar dat zij oudsten zouden hebben aangesteld tegen de wil van de afzonderlijke gemeenten.

Mogelijk gaf de gemeente door het opsteken van handen te kennen dat de keus van Paulus en Barnabas in overeenstemming was met hun keus. In ieder geval is het noodzakelijk dat er de bevestiging is vanuit de gemeente, want ook dat is een aanwijzing dat iemand door God geroepen is. (Lees ook 1 Sam.3:20, waar Samuël door heel Israël erkent werd.)

Na de verkiezing werden zij aan de Heer opgedragen door gebed en vasten en zo afgezonderd voor de door Hem opgelegde taak. Hier hebben wij dus het voorbeeld voor het aanstellen van oudsten. Op dezelfde wijze gebeurde het waarschijnlijk ook op Kreta, toen daar de gemeenten volgens Bijbels voorbeeld werden opgericht. Want Paulus schrijft aan Titus: “Ik heb u op Kreta achtergelaten met de bedoeling, dat gij in orde zou brengen hetgeen nog verbetering behoefde, en dat gij, zoals ik u opdroeg, in alle steden als oudsten zou aanstellen…” (Titus 1:5).

Hier was bij het aanstellen van oudsten ook weer iemand behulpzaam, die daar in de gemeenten werkzaam was geweest. In dit geval Titus, die waarschijnlijk evangelist (prediker) was. Het is dus niet onbijbels wanneer een evangelist, herder of leraar (van buiten) een gemeente helpt oudsten aan te wijzen. Maar het moet wel tezamen met de gemeente geschieden.

Waaraan herkent men een oudste.
– Roeping –
aanstaande leiders moeten natuurlijk in de eerste plaats zelf diep overtuigd zijn dat God hen geroepen heeft tot deze belangrijke taak. Mijn advies is altijd, wacht eerst op de leiding van God in je leven. Op allerlei manieren kan God tot je spreken, door profetie, persoonlijk uit de Bijbel, of door anderen die een openbaring over ons ontvangen. Wacht ook altijd tot er een bevestiging heeft plaats gehad (2 Kor.13:1). Ook na die bevestiging zullen we nog moeten wachten op de tijd van de Heer. (David werd door Samuel gezalfd tot koning, maar het heeft nog jaren geduurd voordat hij echt koning werd). We mogen er natuurlijk wel altijd om blijven bidden.

In Handelingen 20:17 lezen wij dat Paulus vanuit Milete een boodschap zond naar Efeze en “de oudsten der gemeente” tot zich liet roepen.  In vers 28 van hetzelfde hoofdstuk zegt hij tot deze oudsten: “Ziet dan toe op uzelf en op de gehele kudde, waarover de heilige Geest u tot opzieners gesteld heeft, om de gemeente Gods te weiden, die Hij zich door het bloed van zijn Eigene verworven heeft.”  De apostel Paulus zegt dus dat de heilige Geest hen als opzieners heeft gesteld, om de gemeente Gods te hoeden. (Hand.20:28).  Oudsten zijn dus ook opzieners.

In 1 Kor.12: 28 staat “En God heeft sommigen aangesteld in de gemeente,…. God stelt ze dus aan.

De oudsten (en diakenen) moeten ook bevestigd worden in de gemeente:
Bevestiging – In 1 Petr.5:1-3 staat dat zij als “voorbeelden” van de kudde zijn gesteld. Van hen wordt dus verwacht dat ze leven naar het Woord van God, uiteraard niet volmaakt, maar ze gaan anderen voor in het dienen van God.

De opzieners (oudsten en ook diakenen), dienen te voldoen aan wat in 1 Tim 3:2-7 staat opgetekend, o.a. in de Geest van zachtmoedigheid te handelen en te leven. De gemeente moet hen kunnen benaderen in de geest van openheid en vertrouwen.

Het is beslist Bijbels om een korte test periode in te bouwen (lees 1Tim.3:10). Het is zelfs beter om een tijd lang te dienen, om daarna de beslissing te nemen iemand in te zegenen. Nogmaals, als het goed is worden de door God aangewezen leiders door de heilige Geest zichtbaar. Men moet er natuurlijk wel voor open willen staan als leiding.

Wat voor taken hebben oudsten in de gemeente?
De apostel Petrus schrijft hierover: “De oudsten onder u vermaan ik dan als mede-oudste en getuige van het lijden van Christus, die ook een deelgenoot ben van de heerlijkheid, welke zal geopenbaard worden: hoedt de kudde Gods, die bij u is, niet gedwongen, maar uit vrije beweging, naar den wil van God, niet uit schandelijke winzucht, maar uit bereidwilligheid, niet als heerschappij voerend over hetgeen u ten deel gevallen is, maar als voorbeelden der kudde. En wanneer de opperherder verschijnt, zult gij den onverwelkelijke krans der heerlijkheid verwerven” (1 Petr. 5: 14).

Er staat hier dat oudsten de gemeente moeten hoeden. Dat is een ander woord voor beschermen. Hand.20:28 zegt dat oudsten moeten toezien op zichzelf en op de gemeente. Hier wordt toch sterk het beeld van een herder gezien, die voortdurend let op alle schapen van de kudde. Toezien op gevaar van buiten, of er genoeg voedsel is voor de schapen, of er schapen ziek zin of dwalen er schapen af.

Oudsten die geen of onvoldoende aandacht hebben voor de mensen in de gemeente, bewijzen daarmee dat men niet het karakter van een oudste heeft. Aandacht van oudsten moet er vooral zijn waar het geestelijk zwakke mensen of mensen in nood betreft.

Er staat ook (1 Petr. 5: 14) dat oudsten “als voorbeelden voor de kudde Gods” moeten zijn. Dat hoort bij de taak en roeping van een oudste, hij moet dus ook “toezien op zichzelf” (Hand.20:28). Een oudste is er dus niet mee klaar zich voortdurend op zijn menselijk zwakheden te beroepen en dat hij ook maar een mens is en dus fouten maakt. Dat is wel zo, maar tegelijk moeten oudsten zich realiseren dat de gemeente aan hem juist een voorbeeld moet kunnen nemen, hoe het dus wel moet. Het is voor te stellen dat een oudste zijn taak niet langer kan uitoefenen omdat hij geen voorbeeld kan zijn in de gemeente. Bijvoorbeeld als een oudste niet altijd eerlijk is en mensen hem op pertinente leugens betrappen.

Oudsten met een herdershart.
Een oudste heeft ook altijd een herders-hart en moet zijn schapen dus proberen te kennen (Joh.10). De Bijbel zegt immers tot oudsten “hoed de kudde Gods” (1 Petr. 5: 14). Zij behoren in ieder geval aandacht voor de gemeente te hebben. Dat wil niet zeggen dat alle oudsten ook de bediening van herder hebben. Daar is dus wel verschil in. Maar het is niet goed als oudsten zich afsluiten voor de gemeente en hun eigen leven leiden. Het kost dus best heel veel om oudste te zijn in een gemeente. Het is belangrijk voor een oudste om de kosten te berekenen. Oudsten die bijvoorbeeld naast het geestelijk werk nog heel erg druk zijn in hun dagelijkse beroep, kunnen feitelijk geen oudste zijn. Want je kunt je dan gewoon niet voldoende geven voor de gemeente.

Het is o.a. de taak van een oudste de gemeente Gods Woord voor de houden, hij moet m.a.w. bekwaam zijn om te onderwijzen (1 Tim.3:2). Tevens zal een goede gemeente leider de gemeente waarschuwen voor valse of on-Bijbelse leringen. Dat betekent echter weer niet dat alle oudsten ook predikers zijn. Wij zien in 1 Timotheüs 5:17 dat er een verschil is tussen oudsten, die ”zich toeleggen op spreken en onderwijzen” en de andere oudsten. Dat zegt ons, dat er in de gemeente oudsten waren, die niet predikten en geen onderricht gaven. Zij waren dus geen predikers of leraren. Maar… zij waren wel door God in het bijzonder toegerust met wijsheid om de kudde (=gemeente) te leiden. Zij waren goede leiders, ondanks het feit dat zij niet predikten of onderricht gaven. Ook in deze tijd zijn er vele gemeenten waar zulke oudsten zijn. Zij hebben geen gaven om te prediken of Bijbelstudies te houden, maar toch zijn zij vol van de heilige Geest en van wijsheid.

Het is ook de roeping van een oudste te trachten, degene die geestelijk zijn verdwaald, terug te brengen. Het gaat hier dus niet over mensen die er voor kiezen naar een andere gemeente te gaan. Dat is duidelijk iets anders. Maar mensen die wegzakken in de zonden, kun je niet aan hun lot overlaten, met de gedachten “ze zoeken het maar uit”. Hij zal de afgedwaalde weer opzoeken en proberen terug te brengen tot Christus. Men kan natuurlijk ook weer niet van een oudste verwachten, dat hij oneindig blijft trekken aan mensen die afdwalen van de Heer. Maar Jezus heeft wel gezegd: ” Ik ben de goede herder. De goede herder zet zijn leven in voor zijn schapen; maar wie huurling is en geen herder, wie de schapen niet toebehoren, ziet de wolf aankomen, laat de schapen in de steek en vlucht (en de wolf rooft ze en jaagt ze uiteen)” (Joh. 10: 11, 12).

Iemand die het hart van een oudste heeft zal het nooit zo maar opgeven. Toen God door de profeet Ezechiël sprak over goede en slechte herders, gaf Hij een beeld van de goede herder toen Hij beschreef, hoe Hij zelf zou handelen. “De verlorene zal Ik zoeken en de afgedwaalde terughalen; de gewonde zal Ik verbinden en de zieke versterken” (Ez. 34: 16a). Dit is precies wat God wil, dat een oudste namens Hem voor Zijn gemeente zal doen.

Een misverstand.
Oudsten hoeven dat natuurlijk niet allemaal alleen te doen, het delegeren van taken aan bekwame mensen behoort ook tot zijn taak. Uiteindelijk zijn we als gemeente samen lichaam van Christus en ook verantwoordelijk voor elkaar.  Efeziërs 4:16 “En aan Hem ontleent het gehele lichaam als een welsluitend geheel en bijeengehouden door de dienst van al zijn geledingen naar de kracht, die elk lid op zijn wijze oefent, deze groei des lichaams, om zichzelf op te bouwen in de liefde”.

Is oudste zijn een gave en / of een roeping?
Hier komen we op een gevoelig punt. Wij bezoeken per jaar vele gemeenten in ons land en we zien het ook nogal eens fout gaan. Zoals ik al schreef, een gemeente is niet net als een sportvereniging, waar bestuurders worden aangesteld vanwege leeftijd, sympathie of familie relaties of vrienden of id.. Zelfs niet de hoogste score tijdens een gehouden oudste verkiezing (?)  is voldoende om te kunnen zeggen geroepen te zijn door de Heer (sommige denken zo). Ook niet je vele kwaliteiten (gaven), bestuurlijk of op welk vlak dan ook, kan bepalend zijn. Maar in de eerste plaats de roeping van God.

In 1 Kor.12: 28 staat “En God heeft sommigen aangesteld in de gemeente,…. Het is dus Gods keuze, zo was het bij de apostelen… Jezus koos ze zelf uit. (Lukas 5:13).

Als God je geroepen hebt, hoef je daar zelf niets aan te doen. Hij zal je ook bevestigen in de gemeente, mensen zullen het zien en erkennen.

In 1 Sam.3: 20 staat “En geheel Israël van Dan tot Berseba kwam tot de erkenning, dat aan Samuël door de HERE het ambt van profeet was toevertrouwd”.

Opmerking: Maar natuurlijk, mag men wel verwachten van een Bijbelse gemeente, dat men ook bereid is ‘geroepenen van de Heer’ te erkennen. In 1 Thes.5:12, 13 lezen we: “Wij verzoeken u, broeders, hen, die onder u zich moeite getroosten, die u leiden in de Here en u terechtwijzen, te erkennen en hen zeer hoog te schatten in liefde, om hun werk”.

En… daarbij gaat het dus niet om onze mening, maar om Gods mening. In de loop van jaren hebben mijn vrouw en ik al heel wat onBijbelse argumenten gehoord, waarom mensen worden aangesteld.

Bijvoorbeeld, iemand wordt aangesteld als oudste omdat:

  • iemand universitair geschoold is en men wil het niveau van de oudstenraad wat opkrikken.
  • men is voorstander van vrouwelijke oudsten en men wil graag een evenwicht tussen mannen en vrouwen in de oudstenraad. Dus evenveel mannen als vrouwen.
  • iemand heeft een eigen bedrijf en het kan nogal wat voordeel geven voor de gemeente als zo iemand ook oudste is.
  • iemand heeft de geschikte leeftijd. We willen graag dat de oudstenraad alleen bestaat uit mensen beneden of boven, een bepaalde leeftijd. Het woord ‘oudste’ betekent in ieder geval niet, dat de betrokken persoon een oudere man moet zijn, maar hij moet natuurlijk wel geestelijk rijp zijn om het ambt in de gemeente Gods te vervullen, dus juist niet iemand die net bekeerd is (1 Tim.3:6). Het kan dus absoluut ook een jong volwassene zijn, maar dan moet er wel sprake zijn van enige levenservaring.

Conclusie: helaas allemaal onBijbelse standpunten. Oudste zijn is geen gave die dus iedereen kan ontvangen, maar een roeping. Lees 1 Kor.12:28, ”God heeft sommigen aangesteld in de gemeente”.

Oudsten zijn ook voorgangers.
Het Griekse woord voor voorganger is “episkopos”, wat ook vertaald kan worden met “opziener”. Het Griekse woord voor ouderling is “presbyteros”, want ook vertaald kan worden als “opziener of bisschop”.

In ieder geval, in vele plaatselijke gemeenten in de Bijbel hadden meerdere oudste of voorgangers en diakenen. Dit was in ieder geval zo in Filippi. Paulus begint zijn brief aan de gemeente te Filippi met de woorden: “Paulus en Timotheüs, dienstknechten van Christus Jezus, aan al de heiligen in Christus Jezus, die te Filippi zijn, tezamen met hun opzieners en diakenen.” (Filip.1:1)

In Handelingen 14: 23 en Titus 1: 5 wordt ook gesproken over verschillende oudsten (of voorgangers).

De zendbrieven aan de zeven gemeenten in Klein-Azië spreken weliswaar alleen over een “gemeente-engel” (Openb.2/3). Dat is echter geen bewijs dat er niet meer ouderlingen waren, want wij weten dat dit tenminste in Efeze het geval was (Hand.20:17).

De apostel Petrus was duidelijk de voorganger van de eerste gemeente. Vanaf het eerste moment op de pinksterdag, sprak Petrus en nam hij in veel zaken de leiding (lees het in Handelingen), denk bijvoorbeeld aan Ananias en Saffira etc.. Maar Petrus noemt zich toch ook oudste: “De oudsten onder u vermaan ik dan als mede-oudste en getuige van het lijden van Christus, die ook een deelgenoot ben van de heerlijkheid, welke zal geopenbaard worden: hoedt de kudde Gods, die bij u is, niet gedwongen, maar uit vrije beweging, naar den wil van God, niet uit schandelijke winzucht, maar uit bereidwilligheid, niet als heerschappij voerend over hetgeen u ten deel gevallen is, maar als voorbeelden der kudde. En wanneer de opperherder verschijnt, zult gij den onverwelkelijke krans der heerlijkheid verwerven” (1 Petr. 5: 14).

In principe zijn oudsten en voorgangers gelijk, maar… dit sluit echter niet uit dat er wel één persoon zou moeten zijn, die als het ware het aanspreekpunt is tussen de oudsten en de gemeente. In de regel is het gebruikelijk dat dit een ‘voorgaande oudste’ is of zoals hij ook wordt genoemd, de gemeente ‘voorganger’. Daarbij komt, dat voor het gezicht van de oudstenraad, het beter is dat er één persoon is en niet meerdere personen. Dit laatste kan verwarring geven zowel in de gemeente als onder de oudsten zelf.

Maar de leiding van de gemeente ligt nog steeds bij de gehele oudstenraad en dit is een wonderlijke uiting van Gods wijsheid. Het zijn dus de oudsten samen, die de gemeente zullen leiden. Dus niet slechts één van hen, maar allen tezamen. Dat is om de volgende reden. God kent onze menselijke zwakheid. Hij weet hoe gemakkelijk een mens in de verzoeking kan komen om zijn macht te misbruiken. Daarom heeft Hij voor een machtsbalans in de gemeente gezorgd. Wij hebben dit evenwicht nodig om machtsmisbruik te voorkomen. De praktijk heeft hiervan keer op keer het bewijs geleverd.

Meer studies over leiderschap: www.geestelijk-leiderschap.nl

Vragen of opmerkingen: KLIK HIER

Advertenties
Geplaatst in geestelijk leiders, gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen

Hoe kan ik de doop in de Heilige Geest ontvangen?

Inleiding.

De Bijbel leert ons dat er een doop in de heilige Geest is, als een op zichzelf staande gebeurtenis, precies zoals bekering en wedergeboorte dat is. Dit wordt het meest duidelijk als we Hand.8:12-17 daarover opslaan, waar de Filippus het evangelie predikte en de mensen opriep zich te laten dopen, maar er waren twee andere apostelen nodig (Petrus en Johannes) om de mensen te onderwijzen over de doop in de heilige Geest. Zij hadden deze doop dus niet al ontvangen in de waterdoop, maar er moest apart voor hen gebeden worden voor deze ervaring. Petrus en Johannes baden om de doop in de Geest met de mensen.

Er zijn 7 belangrijke voorwaarden.

  1. Bekering en waterdoop gaat altijd vooraf. In Hand.2.38 zegt Petrus: “En Petrus antwoordde hun: Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des heiligen Geestes ontvangen”. Opmerking: In een enkel geval gebeurde het dat mensen gedoopt werden in de Geest voordat ze gedoopt waren in water. Dit gebeurde bijvoorbeeld in het huis van Cornelius, lees Hand. 10:44-48. Laat ons echter niet vergeten dat in die dagen de opvatting leefde dat de heidenen niet gedoopt konden worden maar alleen Joden en dat ze buiten het verbond met Abraham stonden. De heilige Geest corrigeerde deze opvatting door hen toch te dopen in de Geest. Ze stonden ook zeer verbaasd, er staat letterlijk in Hand.10:45 “…En al de gelovigen uit de besnijdenis, die met Petrus waren medegekomen, stonden verbaasd, dat de gave van de heilige Geest ook over de heidenen was uitgestort”. Daarop werden ze direct ook gedoopt water.
    .
  2. We moeten om de heilige Geest bidden! Het komt dus niet vanzelf wel. Lees Luc.11:13 “hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel de heilige Geest geven aan hen, die Hem daarom bidden?”
    .
  3. We moeten God gehoorzaam willen zijn. Hand.5:32 zegt: “En wij zijn getuigen van deze dingen en ook de heilige Geest, die God hun gegeven heeft, die Hem gehoorzaam zijn”. God gehoorzamen betekent hier, een radicale bekering en de bereidheid om een discipel van Jezus te zijn. Zonden staat God altijd in de weg, maak zo nodig eerst de dingen in orde met God en mensen, voordat u bidt om deze heilige doop.
    .
  4. Er is geloof nodig om deze doop van God te ontvangen. Gal.3:14 zegt:” opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof”. Wij moeten geloven dat als we er om bidden, of dat er met ons gebeden wordt, de Heer het ons geeft. Ook al voelen we of merken we nog niets. Geloof komt eerst, ervaring komt daarna. Marc.11:24 zegt: “Daarom zeg Ik u, al wat gij bidt en begeert, gelooft, dat gij het hebt ontvangen, en het zal geschieden”.
    .
  5. Wees bereid om een dwaas te zijn in de ogen van mensen. Ons verstand zal het spreken in tongen nooit accepteren. Het is ook volkomen dwaas, om onverstaanbare klanken uit te spreken. Maar God heeft het dwaze juist uitverkoren om het wijze te beschamen. Lees 1 Kor.1:21 “….heeft het Gode behaagd door de dwaasheid der prediking te redden hen die geloven” en 1 Kor.1:27 “Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen”. Het evangelie van het kruis en de verlossing in Jezus bloed is ook een dwaasheid voor de ongelovige (lees 1 Kor.1:18), maar het is de hoogste wijsheid voor hen die erin geloven”.
    .
  6. Leer de Heer lof te offeren, d.w.z. tegen al je gevoelens in groot te maken en te eren. Psalm 50:23 zegt: “Wie lof offert, eert Mij, en baant de weg, dat Ik hem Gods heil doe zien”. Door tijd te nemen om de Heer de eer te geven, banen we ook Gods Geest de weg. De heilige Geest wordt aktief zodra een wedergeboren kind van God, Jezus gaat prijzen. Veel christenen wachten gespannen op de heilige Geest, maar de Geest is er zodra ik Jezus groot maakt. In 1 Kor.12:3 staat “…niemand kan zeggen Jezus is Heer, dan door de heilige Geest..”. Iemand die bidt om de doop in de Geest, maar geen enkel verlangen kent om de Heer te prijzen, zal het ook niet ontvangen en moet zich ernstig afvragen hoe het met de wedergeboorte staat.
    .
  7. Eén ervaring met de heilige Geest is nog maar het begin. De vervulling met de Geest is een doorlopende proces in ons leven, wat ook weer kan ophouden. In Efeze 5:18 staat “……wordt vervuld met de Geest”. Maar letterlijk staat er in de grondtekst: “weest voortdurend vervuld van de heilige Geest”. Paulus bad ook voor de Efeziërs, die al reeds vervuld waren met de Geest (Efeze 1:13, 14), dat zij nog meer vervuld mochten worden tot alle volheid Gods (Efeze 3:19). Aan de andere kant lezen we ook van Saul hoe de Geest van hem week (Lees 1 Sam.16:14) en hoe David bad in Psalm 51:13 “..neem uw heilige Geest niet van mij..”. Dus ook dat is mogelijk als mensen Gods Geest ongehoorzaam zijn en dus bedroeven.

Wat heel belangrijk is! De heilige Geest is als een rivier welke door ons wil stromen om geestelijk te verfrissen, als water om onze dorst te lessen en als olie om onze innerlijk te genezen. Dat is wat de heilige Geest wil doen in ons. Maar er is meer, de Geest wil ook volledig bezit van ons nemen, ons leven is dan als een waterkruik gevuld met het levende water van de heilige Geest.

Verder praten, dat kan: KLIK HIER

Geplaatst in doop heilige Geest, heilige Geest | Tags: , | Een reactie plaatsen

Wat is gedoopt worden in de Heilige Geest, wat zegt de Bijbel?

Persoonlijk.
Mijn vrouw en ik hebben op vele plaatsen de boodschap van de doop in de Heilige Geest mogen brengen en met honderden mensen gebeden om deze zegen. Uit ervaring weten we daarom, dat de boodschap nog steeds werkt vandaag. Overal zagen we en hoorden we weer hoe mensen vervuld werden met Gods Geest en in een nieuwe taal God groot maakte. Daarom weten we het zeker, het kan niet anders, het is ook voor u!!

Wat zegt de Bijbel?
De Bijbel leert ons dat er een doop in de Heilige Geest is, als een op zichzelf staande gebeurtenis, precies zoals bekering en wedergeboorte dat is. Dit wordt het meest duidelijk als we Hand.8:12-17 daarover opslaan, waar Filippus het evangelie predikte en de mensen opriep zich te laten dopen, maar er waren twee andere apostelen nodig (Petrus en Johannes) om de mensen te onderwijzen over de doop in de Heilige Geest. Zij hadden deze doop dus niet al ontvangen in de waterdoop, maar er moest apart voor hen gebeden worden voor deze ervaring. Petrus/Johannes baden om de doop in de Geest.

Hand.8:12 “Toen zij echter geloof schonken aan Filippus, die het evangelie van het Koninkrijk Gods en van de naam van Jezus Christus predikte, lieten zij zich dopen, zowel mannen als vrouwen”.

Hand.8:14-16 ”Toen nu de apostelen te Jeruzalem hoorden, dat Samaria het woord Gods had aanvaard, zonden zij tot hen Petrus en Johannes, die, daar aangekomen, voor hen baden, dat zij de Heilige Geest mochten ontvangen. Want deze was nog over niemand van hen gekomen, maar zij waren alleen gedoopt in de naam van de Here Jezus”.

De doop in de Heilige Geest is werkelijk een doop, in de grondtekst wordt ook het woordje Baptizo gebruikt, hetgeen betekent onder of indopen. In Joh.1:33 staat van Jezus “..deze is het die met de Heilige Geest doopt..”. Dit kan nooit hetzelfde zijn als de waterdoop, want Johannes maakt hier in vers 33 en 34 juist een duidelijk onderscheid tussen de doop in water en de doop in de Geest.

Letterlijk staat er: “En ik kende Hem niet, maar Hij, die mij gezonden had om te dopen met water, die had tot mij gezegd: Op wie gij de Geest ziet nederdalen en op Hem blijven, deze is het, die met de Heilige Geest doopt. En ik heb gezien en getuigd, dat deze de Zoon van God is”.

In Hand.1:5 staat in de “American Standard Version” (een betrouwbare Engelse vertaling) “For John indeed baptized with water; but ye shall be baptized in the Holy Spirit not many days hence”. Dus “gij zult gedoopt worden IN de heilige Geest”.

Zo werden we ook in water gedoopt en zullen in geestelijke zin ook in de Heilige Geest gedoopt moeten worden.

Wie is de Heilige Geest?
Om te verstaan wat de doop in de Geest inhoudt, dienen we eerst te begrijpen dat de Heilige Geest ook een openbaring van God is, evenals de Vader en de Zoon dat is. Als Goddelijk persoon wil de Heilige Geest bezit van ons nemen en ons inspireren en leiden. De Heilige Geest is dus niet iets onpersoonlijks, een gevoel of alleen een kracht.

De Heer Jezus noemt hem “de Trooster” , Joh.14:15-17 en Joh.16:7, in het Grieks is dit de vertaling van het woordje “Paraklétos” hetgeen ook kan betekenen, advokaat, verdediger, bemiddelaar, helper, steun. Al die taken (eigenschappen) heeft de persoon van de Heilige Geest. Als we verstaan dan kunnen gemakkelijk begrijpen dat de doop in de Heilige Geest veel meer is als een blij gevoel, of een diepe vrede. Nee het is meer, de Geest komt over ons, neemt bezit van ons en wil ons nu van binnen uit inspireren (leiden).

Wanneer weten we nu dat we gedoopt zijn in de Heilige Geest?
Jezus zegt in Mat.7:16 “Aan hun vruchten zult gij hen kennen: men leest toch geen druiven van dorens of vijgen van distels?” Wanneer een kind van God vervuld is met de Heilige Geest zal dat in de eerste plaats in zijn of haar leven zichtbaar moeten zijn.

Er zijn echter ook zichtbare en hoorbare tekenen. Uit Hand.2:33 kunnen verstaan dat de doop in de Geest iets is wat gezien en gehoord wordt. Petrus zegt daar: “Nu Hij dan door de rechterhand Gods verhoogd is en de belofte des Heiligen Geestes van de Vader ontvangen heeft, heeft Hij dit uitgestort, wat gij en ziet en hoort”. Op de pinksterdag kon men zien dat de 120 discipelen van Jezus aangedaan waren met de Heilige Geest, doordat er tekenen waren als vuur wat op hen brandde en ze konden het horen doordat ze in tongen spraken en God loofden. Ook wij mogen vervuld worden met de Heilige Geest op een zichtbare en hoorbare manier. Telkens als mensen vervuld werden met Gods Geest, zien we dit ook gebeuren, mensen begonnen in tongen te spreken en/of te profeteren (=een boodschap doorgeven onder de zalving van de Heilige Geest).

Hier volgen enkele voorbeelden:

  • Hand.4:31 ”En terwijl zij baden, werd de plaats, waar zij vergaderd waren, bewogen; en zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en spraken het woord Gods met vrijmoedigheid”.
  • Hand.8:17,18 ”Toen legden zij hun de handen op en zij ontvingen de Heilige Geest. En toen Simon zag, dat door de handoplegging der apostelen de Geest werd gegeven”.(Simon zag iets gebeuren).
  • Hand. 10:44-, 46 “Terwijl Petrus deze woorden nog sprak, viel de Heilige Geest op allen, die het woord hoorden. En al de gelovigen uit de besnijdenis, die met Petrus waren medegekomen, stonden verbaasd, dat de gave van de Heilige Geest ook over de heidenen was uitgestort, want zij hoorden hen spreken in tongen en God grootmaken”.
  • Hand.19:6 “En toen Paulus hun de handen oplegde, kwam de Heilige Geest over hen, en zij spraken in tongen en profeteerden”.
  • Marc.16:17 “Als tekenen zullen deze dingen de gelovigen volgen: in mijn naam zullen zij boze geesten uitdrijven, in nieuw tongen zullen zij spreken”. Joh.4:14 “maar wie gedronken heeft van het water, dat Ik hem zal geven, zal geen dorst krijgen in eeuwigheid, maar het water, dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen leven”.
  • Joh.7:38,39 “Wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. Dit zeide Hij van de Geest, welke zij, die tot geloof in Hem kwamen, ontvangen zouden; want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt was”. (Dus op de Pinksterdag)

Nu de belangrijke vraag: “Moeten alle kinderen Gods zo´n ervaring hebben?” Antwoord: “Het is maar hoe we er tegen aan kijken. We hebben de doop in de heilige Geest wel erg hard nodig, in die zin zou het dus wel moeten. Toch is er bij God geen dwang, alle kinderen Gods mogen dus vervuld worden met de Geest”.

De volgende punten wil ik daarvoor te overdenking geven:

  • De gave van de Heilige Geest is Gods belofte voor ons allemaal,lees Hand.2:33, 39. vers (33)“Nu Hij dan door de rechterhand Gods verhoogd is en de belofte des Heiligen Geestes van de Vader ontvangen heeft, heeft Hij dit uitgestort, wat gij en ziet en hoort.” (39)”Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen, die verre zijn, zovelen als de Here, onze God, ertoe roepen zal”.
    Soms heeft men deze tekst gebruikt om aan te tonen dat de kinderdoop door God gewild is. Er staat immers “..want voor u is de belofte en voor uw kinderen..” Maar hiermee doet men geweld aan de betekenis van deze tekst, waar het hier om gaat is de ervaring die de apostelen op de Pinksterdag hadden, waarvan Paulus zegt “het is ook voor u en voor uw kinderen”.
  • Sommige hadden in dit verband moeite met Rom.8:9 waar staat “Gij daarentegen zijt niet in het vlees, maar in de Geest, althans, indien de Geest Gods in u woont. Indien iemand echter de Geest van Christus niet heeft, die behoort Hem niet toe”.
    Je kunt dit op twee manieren uitleggen, je kunt zeggen “zie je wel als je bekeerd bent dan, heb je ook de doop in de Heilige Geest ontvangen” of je kunt ook zeggen “als je niet gedoopt bent in de Heilige Geest dan behoor je nog niet bij Jezus”. Maar helaas, beide opvattingen zijn onjuist. Waar het in Romeinen 8 om gaat, dus het thema van Paulus in de Romeinen brief is, “leven naar de Geest en niet naar het vlees”. Dit is rechtstreeks terug te brengen naar onze wedergeboorte. Een kind van God wat wederomgeboren is ontvangt de Heilige Geest in de wedergeboorte, waardoor we weten dat we een kind van God zijn geworden. Rom.8:16 “Die Geest getuigt met onze geest, dat wij kinderen Gods zijn”. Het nieuwe leven in ons is ook het werk van de Geest.
    Maar dit is heel iets anders als dat de Heilige Geest “over ons komt” (Hand.1:8), dan worden we als het ware “ondergedompeld” in de Heilige Geest. Dit is een bekrachtiging die ieder kind van God nodig heeft. Lees ook van Jezus in Hand.10:38 “….van Jezus van Nazaret, hoe God Hem met de Heilige Geest en met kracht heeft gezalfd”. Als Jezus het nodig had, dan hebben wij het ook nodig.
  • Soms zegt men bij de bekering ook vervuld te zijn met de Geest op grond van Efese 1:13 “In Hem zijt ook gij, nadat gij het woord der waarheid, het evangelie uwer behoudenis, hebt gehoord; in Hem zijt gij, toen gij gelovig werdt, ook verzegeld met de Heilige Geest der belofte”.
    Maar iemand die begrijpt waar Paulus hierover spreekt, ziet het anders. Paulus herinnert hen hier aan het moment dat hij te Efese kwam en dat hij hen de vraag stelde “Heb gij de Heilige Geest ontvangen toen gij tot geloof kwam”. Maar ze hadden zelfs niet van de Heilige Geest gehoord en dus bad Paulus men hen en ontvingen ze deze zegen “nadat ze gelovig geworden waren, werden ze dus nu ook verzegeld met de Heilige Geest”. (Lees Hand.19).

Misschien wilt u hier over door praten, dat kan: KLIK HIER

Zie ook: Hoe kan ik de doop in de Heilige Geest ontvangen? KLIK HIER

Geplaatst in doop heilige Geest, heilige Geest | Tags: , | Een reactie plaatsen

Heeft God ons altijd voorspoed en succes beloofd?

door Henk Herbold

De boodschap van het welvaartsevangelie heeft zich snel verspreid en heeft letterlijk miljoenen christenen in zijn greep gekregen met zijn veelbelovende mogelijkheden. Vooral in arme landen, zoals in Afrika, zijn inmiddels miljoenen aanhangers van deze leer. Deze mensen worden financiële wonderen beloofd en als je arm bent, ben je daar gevoelig voor.

We komen deze boodschap echter ook in ons land tegen. Vaak worden mensen geleerd om maar veel geld te offeren, zodat de zegen ook groter zal zijn. Dus, “hoe meer je geeft, hoe meer je terug krijgt”.

Maar is dit wel een Bijbelse boodschap? Een belangrijk onderdeel van de welvaartsleer is: “het is altijd Gods wil dat zijn kinderen hier op aarde al materiële voorspoed en volmaakte gezondheid genieten. En… door het voortdurend positief belijden (of claimen) van die lichamelijke en materiële zegeningen, worden deze ook werkelijkheid”. Welvaartspredikers zeggen dus in het kort: “wat we uitspreken, gebeurt ook, want er zit kracht in onze woorden”.

Wat het zo verwarrend maakt voor sommige mensen, is dat als het gaat om onze woorden, het beslist wel waar is dat er kracht van uit gaat, zowel positief als negatief. In Spreuken 18:21 lezen we: “Dood en leven zijn in de macht der tong, wie aan haar toegeeft zal haar vrucht eten”. Dus…wat we zeggen heeft dus wel degelijk effect. Negatieve woorden hebben zeker ook een negatieve uitwerking, vooral als we mensen zijn die veel klagen, dan zaaien we een negatieve sfeer om ons heen.

Klagen, mag dat wel ?
Natuurlijk, er gebeurt van alles om ons heen en er is als mens soms genoeg reden om te klagen. Als alles tegen zit en de problemen stapelen zich op, dan ligt klagen voor de hand. Laten we vooral niet vergeten dat we hier ook over lezen in de Bijbel. Jeremia schreef een heel Bijbelboek vol met klachten, Elia klaagde toen hij moest vluchten voor Izebel, Job deed het toen hij alles kwijt was en onder zweren zat etc.. Dat wil niet zeggen dat het goed is om te klagen en vooral niet om te blijven klagen, het helpt ons zeker niet. Maar God begrijpt ons wel, want Hij kan zelfs ook meevoelen met onze zwakheden (Hebr.2:17) en we hoeven ons voor God ook niet anders voor te doen.

Natuurlijk, het zal ons uiteindelijk veel meer helpen om gefocust te blijven op positieve dingen, op de Heer dus en niet voortdurend alleen maar te klagen over alles wat ons tegen zit. In ieder geval lossen we met klagen niets op en is het altijd beter om met onze problemen naar Jezus te gaan en een oplossing van Hem te verwachten en Hem daarvoor vast te bedanken (Lees Filippenzen 4:6). En er zit ook een geweldige kracht in het brengen van lofoffers aan de Heer, d.w.z. Jezus aanbidden en prijzen ondanks dat het pijn doet van binnen (Psalm 50:23).

Maar… aan de andere kant zit de oplossing ook niet in het ontkennen van onze tegenslagen en vervolgens als een soort mantra, positieve dingen te gaan belijden. Het is erg onwaarschijnlijk dat het op die manier zou werken. Tegenslagen horen bij dit leven en het heeft geen zin om dat te gaan ontkennen. Ze zijn zelfs nodig om ons sterk te maken, zodat we samen met God een weg vinden om er door heen te gaan. We lezen bijvoorbeeld in Jesaja 43:2 “Wanneer je door het water trekt, ben Ik met je; ga je door rivieren, zij zullen je niet wegspoelen; als je door het vuur gaat, zul je niet verteerd worden en zal de vlam je niet verbranden. Want Ik, de Heer, ben jou God, jou Verlosser.” Hier geeft de Bijbel duidelijk aan dat onze weg wel degelijk door rivieren en zelfs vuur kan gaan. God belooft ons dus niet dat Hij ons dat allemaal zal besparen, maar wel dat Hij ons nooit in de steek zal laten.

Niet alleen succes.
God is niet alleen een God van succesmensen, maar ook een God die zich ontfermt over mensen met wie het helemaal niet goed gaat. Vooral op het vlak van genezing en gezondheid vindt deze welvaartsboodschap bij veel mensen ingang. Men leert o.a. “Genezing is gewoon beschikbaar zijn voor iedere gelovige, je hebt recht op genezing van God”. En als het dan toch niet gebeurt, wordt de conclusie al gauw getrokken dat het met jou niet goed zit. Wee degene die het overkomt. Hebben we dan wel genoeg geloof, belijden we wel genoeg ‘gezondheid’ ondanks dat we nog ziek zijn.

Dat belijden wordt in de welvaartsleer, ‘geloof’ genoemd. Maar de Bijbelse betekenis van ‘geloof’ is heel anders. Het is namelijk veel meer een volkomen vertrouwen op God in alle omstandigheden, dus in voorspoed, maar ook in tegenspoed. Geloof durft op God te vertrouwen voor alles wat we dagelijks nodig hebben – zoals God de Israëlieten in de woestijn dagelijks het manna gaf – maar dit heeft niets met het verkrijgen van rijkdom te maken. Echt geloof is zelfs tevreden met ‘onderhoud en onderdak’ (1 Tim. 6:7). Gods Woord waarschuwt tegen het streven naar veel geld (1 Tim. 6:9) en zegt dat dit een weg is die naar veel schadelijke en zondige begeerten kan leiden.

Voorspoed of succes in de Bijbel.
Voorspoed heeft in de Bijbel een andere betekenis dan de westerse mens eraan geeft. Het hangt er ook sterk vanaf in welk deel van de wereld je geboren bent. Mensen die toch al weinig hebben zullen sneller denken succes te hebben als het ze iets beter gaat, dan mensen die al een redelijk bestaan hebben. God gunt ons beslist voorspoed en wil ook dat het goed met ons gaat, maar…het gaat de Heer nooit om een luxueus leven en een overvloed aan materiële genoegens. Voor God is het veel belangrijker dat Hij Zijn doel met ons leven zal bereiken, dat we dus veranderen zullen naar het voorbeeld van Jezus.

Geld zaaien, de weg tot financiële voorspoed?
Het basisprincipe van deze lering is echter dat, als iemand maar genoeg geloof heeft, dan zegent de Heer deze persoon met een goede gezondheid en geld in overvloed. Specifiek wordt onderwezen, dat als iemand in geloof een financiele gift geeft, dan is dat als zaaien. Hij of zij ‘zaait’ als het ware in een christelijke kerk of bediening en die persoon heeft dan de zekerheid dat hij een fors bedrag voor hemzelf zal kunnen ‘oogsten’.

Men redeneert ook de andere kant op namelijk, als iemand ziek is of arm, komt dit bijna altijd door een gebrek aan geloof bij deze persoon. Geen van deze ideeën wordt echter ondersteund door de Bijbel. Iedereen die eerlijk is moet toegeven dat God armoede gewoon toelaat in de wereld. We vergeten het vaak, maar twee derde van de wereldbevolking leeft nog steeds in armoede en de helft daarvan leeft zodanig in armoede dat men direct in het bestaan bedreigd wordt. We beseffen het meestal niet, maar het is een groot voorrecht dat we geboren zijn in het meest welvarende deel van de wereld. Want geboren worden in een krottenwijk (en er zijn er heel wat in de wereld), geeft direct al een achterstand in mogelijkheden om vooruit te komen in het leven.

Nu weet ik wel, de oorzaak van armoede is zeer verschillend en armoede in dit rijke westerse deel van de wereld, kan soms de natuurlijke gevolgen van luiheid zijn of door het verwaarlozen van verantwoordelijkheden die God ons geeft. We roepen dit soort armoede dan over onszelf af. Maar dat geldt natuurlijk zeker niet voor elke vorm van armoede. Armoede in het arme deel van de wereld, heeft juist niets met gedrag te maken, het overkomt mensen gewoon en ik denk dan met name aan de erbarmelijke toestand van miljoenen mensen in derde wereldlanden. De Bijbel leert, “De Heer maakt arm en maakt rijk; Hij vernedert, ook verhoogt Hij” (1 Samuël 2:7) m.a.w. hoe moeilijk dat voor ons ook te begrijpen is, rijk of arm, het is allemaal onder Gods toelating. Zelfs als we geen goede reden aan kunnen wijzen waarom mensen in armoede leven, weten we dat er ook in de Bijbel staat, dat Jezus op een dag al deze ongerechtigheden (armoede) zal herstellen. Het komt dus goed, Jezus gaat terug komen. Hij zal straks over de wereld regeren en alle lijden zal dan verdwijnen.

Leidt het geven van financiële offers tot zegen?
Het antwoord van de Bijbel is ja, maar wel met een belangrijk voorbehoud, we oogsten geen financiële zegeningen om rijk te worden. In tegendeel, Jezus nodigt de rijke jongeling juist uit om zijn rijkdom op te geven, terwille van het evangelie. Want zijn vele goederen stonden hem in de weg om Jezus volkomen te volgen, laat het u dus niet overkomen (Mat. 19:16-26). Het is juist zeer de vraag of het wel Gods wil is dat sommige mensen in deze wereld, in enorme weelde leven, terwijl anderen weinig of niets hebben.

Maar natuurlijk, er is wel degelijk een waarneembaar en Bijbelse overeenkomst tussen financieel zaaien en financieel oogsten. God wil ons zegenen als wij bereid zijn om te offeren. Maar, dat doet God niet voor het vergroten van onze rijkdom, maar opdat we instaat zullen zijn om nog meer te offeren om Zijn werk te steunen. God geeft ons meer, maar als Hij ons meer geeft, is dat zaad dat bedoeld is om opnieuw te zaaien.

Lees 2 Kor.9:6-10: “Bedenkt dit: wie karig zaait, zal ook karig oogsten, en wie mildelijk zaait, zal ook mildelijk oogsten. Hij nu, die zaad verschaft aan de zaaier en brood tot spijze, zal u uw zaaisel verschaffen en vermeerderen”. Als we echter proberen Gods belofte te vervormen om er zelf beter van te worden, komt er kortsluiting in het Bijbelse proces en is de belofte niet langer op ons van toepassing. Dit is waar de Bijbelse boodschap anders is dan die van het zogenaamde ‘welvaarts evangelie’, want dan zijn we alleen op eigen winst uit.

Het lijden van Job.
Welvaartspredikers gebruiken altijd dezelfde verzen als bewijs voor hun leer. Bijvoorbeeld de uitspraak van Job in Job 3:25; “dat waarvoor ik vrees, overvalt mij”. Deze tekst wordt door bijna iedere welvaartsevangelist gebruikt als bewijs voor de leer van het positief (of negatief) belijden. Volgens hen had Job met deze uitspraak zelf alle ellende over zichzelf afgeroepen. Maar dit is een misleidende manier van Bijbeluitleg. Er staat nergens dat deze uitspraak, die hij deed ná de vele rampen die hem waren overkomen, de aanleiding was van zijn ellende. Integendeel, God getuigt dat Jobs verderf ‘zonder oorzaak’ was (Job 2:3). Dit bewijst eerder de onzin van de leer van het ‘positief belijden’.

Glans van succes.
Het welvaartsevangelie heeft een sterke aantrekkingskracht op veel christenen juist in onze rijke, materialistische samenleving. Het geeft hen een rechtvaardiging om naar grote rijkdom te streven, in tegenstelling tot het ware onderwijs van de Bijbel. Het belooft een hemel op aarde, in plaats van een weg van vreemdelingschap en lijden. Het geeft het gevoel dat we ‘recht’ hebben op ons ‘comfort’. Het voert weg van het Bijbelse principe van zelfverloochening en kruisdragen. Men zegt ‘Christus heeft immers het kruis al voor ons gedragen!’ Maar het staat haaks op het Evangelie van de Bijbel. Er kan niet genoeg tegen gewaarschuwd worden, onze rijkdom is in Jezus en niet in aardse goederen.

Heeft u het ook meegemaakt en wilt u verder praten over dit onderwerp, of wilt u gewoon anoniem uw verhaal kwijt, dat kan: klik hier

Meer studies? Zie: www.evangelisch-nieuws.nl

Geplaatst in Actueel, Afgod, geld, geldzucht, Welvaart | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Advies en praktische tips vanuit de Bijbel voor uw huwelijk en relatie.

Meer interessante studies op: www.christelijk-huwelijk.nl

Advies nodig vanuit de Bijbel?
Stuur ons een bericht en u krijgt zo snel mogelijk antwoord van ons. We krijgen elke dag behoorlijk wat reacties van mensen die met problemen in hun relatie zitten. Door onze jarenlange ervaring in het huwelijkspastoraat, kunnen we veel mensen gelukkig een bruikbaar advies geven. Misschien heeft u ook vragen over uw relatie en u komt er alleen niet uit. Dan nodigen we u uit om het eens aan ons voor te leggen. Wij bieden u gratis advies aan vanuit de Bijbel en u kunt gewoon anoniem blijven. Uw vragen worden discreet behandeld en ze zijn veilig bij ons. U krijgt altijd antwoord, KLIK HIER.

Oorsprong van het huwelijk – Het huwelijk moet wel een Goddelijk oorsprong hebben. Bestudering van de Bijbel op het vlak van het huwelijk laat zien, dat het bij het huwelijk allerminst gaat om een menselijke en vrijblijvende instelling. Het huwelijk is in Gods scheppingsorde vastgelegd en dus voorgenomen in de raad van Gods wil. Als niemand anders wist Jezus hoe het huwelijk in oorsprong (naar Gods raad en wil) was bedoeld en ingesteld.

 

Doel van het huwelijk – Om elkaar tot steun te zijn in voor en tegenspoed, dus onvoorwaardelijk trouw in alle omstandigheden. De één zal de ander helpen en bijstaan in alle dingen, dat is het doel. God zag dat de eerste mens niet alleen moest zijn maar een hulp aan zijn zijde nodig had. (Gen.2:18) Natuurlijk…voor alleenstaanden geldt dat zij mogen rekenen op God als hulp, die voor ons meer kan zijn dan een huwelijkspartner (Hos.2:18 en 1 Kor.7:1, 2).

 

Echtscheiding, wat zegt God? – Kennelijk zijn er in deze tijd heel veel christenen die met deze vraag worstelen. Als we vragen om welke reden men gescheiden is, dan komen er verschillende redenen en meestal ligt het probleem bij die ander, althans zo zegt men. De meest gehoorde redenen zijn: we passen niet goed meer bij elkaar, of we hebben heel veel verschillende interesses, of we maakten teveel ruzies.

 

Seks, hoe God het bedoeld heeft. – De lichamelijke eenwording tussen een man en een vrouw binnen een liefdesrelatie is op zichzelf een geheimenis. Het is veel meer dan een geslachtsdaad, het is een ontmoeting van lichaam, ziel en geest. De seksualiteit is een sterk bindmiddel en past daarom alleen in het huwelijk. Deel je je seksuele ervaring met meer dan één mens, dan verbleekt ze en raakt ze haar bindend vermogen kwijt.

 

Opvoeden, hoe doe je dat? – Opvoeden is het proces waarbij de ouder het kind begeleidt in het volwassen worden. In dit proces staan ouders voor een immens zware taak, die men zonder de hulp en de wijsheid van God, niet goed aan kan. Men heeft de wijsheid van God nodig en de Heer belooft het ons als we er om bidden. Lees wat de Bijbel zegt in Jac.1:5 “Indien echter iemand van u in wijsheid te kort schiet, dan bidde hij God daarom, die aan allen geeft,…”

 

Meer studies zijn beschikbaar.

Het begin van het huwelijk
De onderwerpen zijn: Doel van het huwelijk – Burgerlijk huwelijk – De trouwbelofte – Een jongen zoekt een meisje – Een meisje zoekt een jongen – De juiste partner – Plaats van de vrouw – Plaats van de man – Onderdanigheid, hoe zit dat?

 

Echtscheiding en hertouwen
De onderwerpen zijn: Echtscheiding, wat zegt God? – Hertrouwen, kan dat wel? – Overspel en de gevolgen – Herstel na overspel – Ongelovige partner (deel 1 en deel 2) – Help, het gevoel wat we eerst hadden is weg.

 

Seksualiteit en de Bijbel
De onderwerpen zijn: Seks voor het huwelijk, kan dat? – Anticonceptie, mag dat wel? – Een geslachtsziekte, wat nu? – Eerlijk over seks – Pornoverslaving, wat nu? – Homohuwelijk, bestaat dat wel? – Latrelatie, wat zegt God?

 

Internet service voor Bijbelse adviezen

Henk en Diny Herbold

Wij hebben een speciale online internet service voor Bijbelse adviezen, voor iedereen die daarom vraagt. Bijna dagelijks mailen mensen ons en vragen ons advies vanuit de Bijbel. De service is gratis en u kunt gewoon anoniem blijven. We proberen u altijd binnen twee dagen een antwoord te sturen. Bent u dus opzoek naar advies vanuit de Bijbel? Stuur ons gerust een bericht, u kunt bij ons verzekerd zijn van strikte discretie. KLIK HIER.

Geplaatst in Actueel, Huwelijk, Liefde, Opvoeding, Overspel, Seks voor het huwelijk, Seksualiteit, Seksverslaving, Verliefd, vrouwen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Een wereldwijde opwekking. Komt dat nog?

door Henk Herbold

Ook ik verlang er intens naar, dat God met Zijn Geest ons land nog eens zal bezoeken, dus naar een opwekking. Het liefst ook een soort geestelijk ontwaken die tegelijk ook wereldwijd zal zijn. Waarom niet, voor God is niets te wonderlijk.

Een late regen opwekking.
Velen geloven dat de heilige Geest zijn kracht inderdaad nog een keer zal demonstreren op een nog grotere manier dan de wereld ooit gezien heeft, in de zogenaamde ‘late regen’ opwekking. Deze overtuiging is gebaseerd op de profetie in Joël 2:23b, gekoppeld aan de verzen 28 en 29.
Joël 2:23b: ‘Die zal regen op u doen neerdalen, vroege regen en late regen in de eerste maand’. Joël 2:28-29: ‘Daarna zal het geschieden dat Ik Mijn Geest zal uitstorten op alle vlees: uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw ouderen zullen dromen dromen, uw jongemannen zullen visioenen zien. Ja, zelfs op de dienaren en op de dienaressen zal Ik in die dagen Mijn Geest uitstorten.’

De ‘vroege regen’ vond plaats bij de geboorte van de eerste christengemeente, lees Hand.2:17 en wij zouden dan nu nog de ‘late regen’ te verwachten hebben, welke mogelijk zal plaats vinden vlak voor Jezus wederkomst. Over die z.g. late regen opwekking, hebben in de afgelopen jaren al heel wat mensen in ons land geprofeteerd, met name over wat God nog zal gaan doen in ons land. Ook het internet is er vol van, de ene profetie is nog mooier dan de anderen. Bekende en minder bekende predikers (c.q. profeten) zagen het al helemaal voor zich. Nederland gaat veranderen ten goede en wordt opnieuw een christelijke natie.

Als we maar genoeg bidden en geloven, dan gaan we het beleven, want de grote opwekking komt eraan. Natuurlijk, we moeten het erkennen, de gemeente van de Heer is lang niet meer zoals de eerste christengemeente in het boek van Handelingen. Sommigen hebben de zonde toegelaten en heel veel christenen de lauwheid. Met lauwheid wordt bedoeld, dat de passie ontbreekt, alles is gewoon geworden. In die zin moet ook kerkelijk Nederland opnieuw voor Jezus gewonnen worden en dit kan alleen door opwekking. En volgens sommigen belooft God absoluut in de Bijbel, dat er nog een wereldwijde opwekking zal komen, waarin de Geest op alle mensen (vlees) zou worden uitgestort (Joël 2: 28).

Maar er zijn ook weer genoeg Bijbelleraren die daar niet zo zeker meer van zijn. Uiteraard hoop ik zelf wel op de vervulling hiervan, een geestelijke herleving zou fantastisch zijn, zeker in deze tijd van secularisatie. Maar toch moet ik ook eerlijk bekennen dat ik er ook niet meer zo zeker van ben, dat die opwekking zal komen zoals sommige mensen beweren (profeteerden) dat die zal komen. Mijn probleem is dat er teveel mensen in ons land zijn, die zichzelf wat erg gemakkelijk een profeet noemen en die dan vervolgens aankondigen dat God de opwekking via hen persoonlijk, of via hun gemeente of hun organisatie zal geven.

Het wordt nog lastiger te geloven, als het gaat om buitenlandse predikers die ons land een keer bezoeken met de speciale boodschap dat die opwekking vooral in Nederland zal beginnen. Ons land zal de toegangspoort worden voor Europa. We kunnen het nooit uitsluiten, maar tegelijk moeten we ook voorzichtig zijn met dergelijke profetieën. Want het is voorgekomen dat dergelijke predikers, dezelfde dingen beweren in andere landen van Europa.

Wat is een opwekking feitelijk, wat moeten we dan verwachten?
De meeste christenen zien het als een tijd van vooral grote gebedswonderen, genezingen, bevrijdingen en allerlei wonderlijke geestesuitingen. Vergelijkbaar met wat we lezen in het boek van Handelingen. Men zegt, de bediening van apostel en profeet zal met name weer helemaal hersteld worden. Daarmee doelt men op het gezag wat apostelen en profeten hadden in de tijd van Handelingen.

Maar men ziet het ook als een tijd waarop alle christelijke kerken niet alleen op zondag, maar alle dagen van de week weer helemaal vol zitten, met mensen die hongerig zijn naar de Heer. Dat zou natuurlijk fantastisch zijn. Maar het gaat nog verder, volgens velen zal ook maatschappelijk de invloed van de gemeente toenemen. Geestelijk leiders zullen om gebed en advies gevraagd worden door bijvoorbeeld regeringsleiders. Men zal zoveel invloed hebben, dat onder anderen abortus, euthanasie, prostitutie, criminaliteit of drugsgebruik nauwelijks meer zal voorkomen.

Prachtig… en natuurlijk geloof ik dat God machtig is om ons land zo te bewegen met Zijn kracht, dat in vele plaatsen en gemeenten Zijn majesteit en heerlijkheid gezien zal worden. Maar… is dit dan de opwekking die velen verwachten, dat vraag ik me af en… komt er zelfs nog zo iets als een wereldwijde opwekking of late regen opwekking? God weet het.

Ik ben het overigens eens met degene die zeggen dat God ons land in 1958 tijdens de bediening van de Amerikaanse evangelist T.L.Osborn, gezegend heeft met een heerlijke opwekking. De evangelist hield o.a. een campagne op het Malieveld in Den Haag waar tienduizenden mensen op af kwamen. De ‘revival’ die de duizenden aanwezigen daar hebben ervaren, is tot grote zegen geweest voor heel Nederland. Het is echter de vraag of wij dit opnieuw zouden moeten verwachten in ons land.

Wat verwachten we feitelijk?
De Joden in de tijd van Jezus verwachtten dat de Messias zou komen. Hij zou Israël bevrijden van de Romeinse bezetting, het koningschap van David zou hersteld worden. Welvaart en zegen zou neerdalen op Israël. Zij zouden voortaan de leiders van de wereld worden i.p.v. van een vervolgd en vernederd volk. De hele wereld zou zich verbazen over Israël en regelmatig naar Jeruzalem optrekken. De Messias zou wereldwijd heersen en er zou vrede zijn. Vrede, voorspoed, vrijheid, volheid. Dat was nog eens iets om van te dromen. Laat de Messias maar komen.

En… Jezus kwam. Hij was echter volledig anders dan hun beeld van de Messias. Ze zagen Hem wel, maar herkenden en erkenden Hem niet. Hij was arm en werd vernederd, het leek wel of Hij helemaal geen heerschappij had. “Dat kon toch nooit de Messias zijn. Hij stelt ons teleur, de echte Messias moet toch heel anders handelen en… Hij werd zelfs gekruisigd.”

Nu de vraag: Zou die opwekking waar velen naar uitzien, ons ook zo teleurstellen? Wat verwachten we van een opwekking? Denkend aan een opwekking moet ik soms denken aan hele andere dingen als waar veel christenen vandaag aan denken.

Ik denk dan bijvoorbeeld meer aan:

  • dat zonden openbaar worden en niet meer kunnen bestaan in de gemeente.
  • geestelijk leiders die elkaar en de gemeente gaan dienen, in plaats van te heersen. Manipulatie en eigen eer verdwijnt, liefde gaat winnen.
  • het verlangen naar gebed neemt sterk toe onder alle christenen. Men zoekt elkaar op, om intensiever en langduriger met elkaar te bidden.
  • een verlangen naar meer kennis van Gods Woord neemt toe, maar vooral het verlangen naar de doop en de gaven van de heilige Geest neemt toe. Gods Geest krijg weer de ruimte om te werken in ons midden ‘zoals Hij wil’ (1 Kor.12:11).
  • de kinderen Gods gaan meer een leven van overgave aan God leiden en ook een leven van eenvoud en veel weggeven; zorgen voor de armen, de weduwen, de zwakken; kortom je leven willen inzetten voor de ander.

Dat is opwekking, daar verlang ik naar. Maar… zullen er dan ook meer mensen genezen in onze samenkomsten. Ik weet het niet, maar in ieder geval zal niemand de eer kunnen opeisen van de wonderen die gebeuren. Zal armoede verdwijnen. Ik zelf denk het niet, want ook in de tijd van de eerste gemeente was er armoede, maar we zullen wel beter voor elkaar gaan zorgen (Hand.4:34). Zullen er doden opstaan, zoals vroeger is gebeurd, ik weet het niet. Maar… wat heeft dat allemaal voor zin, terwijl Jezus staat te komen. Belangrijker is dat we ons massaal bekeren en ons heiligen, want de Bijbel zegt “…zonder heiligmaking zal niemand de Heer zien” (Hebr.12:14).

God is toch machtig.
Soms word me verweten dat ik te klein zou denken van God. Hij is toch machtig ons land te bewegen en ja, natuurlijk… onze God kan alles. Hij kan de aarde bewegen, situaties en omstandigheden buigen naar Zijn wil, ik twijfel hier geen moment aan. Er zijn er ook die zeggen dat we nu al in de opwekking zitten. Dan denk ik, natuurlijk gaat het er dan om wat men van zo’n “opwekking” verwacht. Zeker, God werkt ook vandaag nog steeds met kracht in ons land. En ook in de wereld om ons heen werkt God, met name in de moslimwereld komen opmerkelijk veel mensen tot geloof, evenals in verscheidene landen in Azië, Afrika en Zuid-Amerika. Het is alsof God die landen nog een laatste kans geeft om tot Hem te komen, voordat Jezus zal weerkomen om Zijn gemeente te halen.

En absoluut, ook in Europa en in Noord-Amerika werkt God, er komen mensen tot geloof in Hem, maar dan gaat het niet om grote aantallen. En eerlijk gezegd zie ik in de Bijbel ook geen duidelijke aanwijzingen dat ons nog een grote wereldopwekking staat te wachten. Ik houd er eerder rekening mee dat de tijden moeilijker worden, dat de afval van het geloof toe zal nemen en dat de ware gelovigen het moeilijker zullen gaan krijgen.

In 2 Thessalonicenzen 2:9-12 lezen we over de wederkomst van de Heer Jezus en de daaraan voorafgaande verschijning van de antichrist. Die zal allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen doen. Hen, die verloren gaan, zal hij verlokken met ongerechtigheid, omdat zij de liefde tot de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij behouden hadden kunnen worden. Daarom – en ik schrijf dit op met de nodige huiver – zal God hun een dwaling zenden, die bewerkt dat zij de leugen geloven. Opdat, zegt vers 12, allen worden geoordeeld die de waarheid niet geloofd hebben, maar een welgevallen hebben gehad in de ongerechtigheid.

Maar dit is ook waar.
Sommige zogenaamde hedendaagse opwekkingen worden als echt en Bijbels gepresenteerd, hoewel ze de Bijbelse toetsing niet kunnen doorstaan. Zo gebeurd het nog steeds regelmatig, dat een belangrijk deel van evangelisch/charismatische christenen te gemakkelijk in rep en roer raken, vanwege één of andere Fire-beweging. Het genoemde gedeelte uit 2 Thessalonicenzen 2 laat zien dat een valse opwekking een oordeel van God kan zijn. Wondervoorgangers en valse predikers zullen eenmaal de vraag stellen: “Here, Here, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd en in Uw Naam boze geesten uitgedreven en in Uw Naam vele krachten gedaan?” Maar dan zal Hij hun antwoorden: “Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij werkers der wetteloosheid” (Matt. 7:22 en 23). Ze hadden wellicht talloze volgelingen die in verbazing naar hen opkeken. Die voor hen streden en degenen die een waarschuwend geluid lieten horen, tegenwierpen: “Pas op, dat je de gezalfde des Heren niet aanraakt”.

Soms vraag je je af hoe het toch mogelijk is dat sommige mensen helemaal opgeslokt worden door één of andere leer of bediening die duidelijk niet in overeenstemming is met de Bijbelse leer. Ik vul dit heel bewust niet concreet in, maar ik wil u wel aansporen datgene waar u warm voor loopt en vol van bent, te toetsen aan het Woord van God. Staat de Heer Jezus wel centraal? Gaat het om de eer van mensen of om de eer van God? Gaat het om een leider, om zijn eer, om de zogenaamde tekenen en wonderen en om de geweldige profetieën die over zijn bediening zijn uitgesproken? Of gaat het om Jezus.

Opwekking in de grote verdrukking.
Wanneer ik de wereldsituatie en de situatie in de kerken in ogenschouw neem, houd ik er serieus rekening mee dat we weleens op de drempel zouden kunnen staan van de start van Gods oordelen die over de wereld zullen gaan, waarover onder meer Daniël en Openbaring spreken. De enige keer dat de Bijbel ons nog doet denken aan massale bekeringen is, als ik lees van de grote schare die uit de grote verdrukking zal komen. Lees het maar:

Openb.7: 9-17 “Daarna zag ik, en zie, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle volk en stammen en natien en talen stonden voor de troon en voor het Lam, bekleed met witte gewaden en met palmtakken in hun handen… En een van de oudsten antwoordde en zeide tot mij: Wie zijn dezen, die bekleed zijn met de witte gewaden, en vanwaar zijn zij gekomen? En ik sprak tot hem: Mijn heer, gij weet het. En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die komen uit de grote verdrukking; en zij hebben hun gewaden gewassen en die wit gemaakt in het bloed des Lams”.

Misschien zal dit de grote opwekking zijn waar velen naar uitzien, maar die komt wel in de grote verdrukking, namelijk de anti-christelijk tijdsperiode, als de oordelen van God over de wereld gaan en velen daardoor tot inzicht komen. Hoe het precies gaat worden, weet ik ook niet. Ik ga daar niet over speculeren en ik wil u ook geen paniek aanpraten, maar ik zou niet graag in die periode op aarde leven.

Tegelijk mogen we zeker weten dat de Here de Zijnen zal bewaren in dagen van grote nood. Hij zal Zijn gemeente wegnemen van de aarde voor dat die grote verdrukking aanbreekt, lees Openb.3:10, 11.
“Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen. Ik kom spoedig; houd vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme.”
Dat is mijn verwachting, naar Jezus wederkomst. Zorg dat niets u in de weg kan staan om straks met de Heer mee te gaan als Hij weerkomt om Zijn bruidsgemeente te halen.

Laten we ons vertrouwen daarom voor 100 procent stellen op Hem alleen en vooral de dingen zoeken die boven zijn, zoals Kolossenzen 3:1-3 zegt:
“Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de rechterhand Gods. Bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met Christus in God.”

Misschien wilt u hierover napraten? Dat kan KLIK HIER. U krijgt altijd antwoord.

Geplaatst in Eindtijd | Tags: | 1 reactie

Praktische aanwijzingen en studies voor geestelijk leiders.

Meer interessante studies op: www.evangelisch-nieuws.nl

De basis van Bijbels leiderschap is altijd de roeping door God zelf, maar ook de toerusting door Zijn Geest en vanuit het Woord. En dit alles moet zichtbaar worden in een houding van liefde en dienstbaarheid aan de gemeente. De studies op deze website komen voort uit een jarenlange ervaring en tegelijk vanuit het verlangen om geestelijk leiders te helpen en toe te rusten. Tevens mag u ons altijd online om advies vragen, als u dat wilt kunt u gewoon anoniem blijven. U krijgt altijd antwoord, KLIK HIER.

 

Bijbels leiderschap – De Bijbel zegt in Rom.12:3 “Want krachtens de genade, die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten, hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar de mate van het geloof, dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld.” Een groot gevaar voor leiders is hoogmoed. Het is het eerste en belangrijkste waar leiders voor moeten waken. Natuurlijk is hoogmoed een ernstig gevaar voor iedereen, maar speciaal bij geestelijke leiders.

 


Pastorale zorg in de gemeente
– De pastorale zorg in een gemeente, is feitelijk het kloppend hart van iedere gemeente. Ontbreekt het daaraan, dan raakt de gemeente al snel zijn roeping en taak kwijt, namelijk om een plaats van troost en herstel te zijn voor iedereen die daar naar zoekt. Gemeenteleiders kunnen druk zijn met van alles, maar als het belangrijkste vergeten wordt, hebben we ons doel gemist. Want, de zorg voor de mensen die nieuw binnen komen in de gemeente en vooral de zwakken onder ons, is beslist een taak met de hoogste prioriteit.

 

Stress in de bediening – Stress, lijkt wel een kwaal van de hedendaagse maatschappij, het komt steeds meer voor en helaas ook onder geestelijk leiders. Voor een deel is de oorzaak vaak heel praktisch, namelijk men heeft geen normale werkdagen. Je denkt 24 uur per dag en 7 dagen per week beschikbaar te moeten zijn en er is dan geen tijd voor ontspanning en weer opladen. Je hebt ook het gevoel dat er steeds meer van je wordt geëist, bijvoorbeeld omdat er in de gemeente te weinig mogelijkheden zijn om taken te delegeren naar anderen.

 

Leiders die zondigen – Als geestelijk leiders zondigen, wat dan? – Wij krijgen elke week veel e-mails binnen, zowel van mannen als van vrouwen, die worstelen met verslaving aan pornografie en andere zondige seksuele praktijken. Helaas komt het ook voor dat geestelijk leiders ons benaderen met een verzoek om gebed en advies over dit onderwerp. Soms worstelen ze al jaren met seksuele zonden en hebben ze hun probleem nog aan niemand durven te vertellen. Men is b.v. bang voor reputatie schade.

 

Je bediening en je huwelijk – Als een bediening van een voorganger z’n een huwelijk bedreigt gaat er iets grondig mis. Men kan zich zo laten meeslepen in alle activiteiten die er zijn, dat er geen andere zaken meer meetellen, zelfs zijn huwelijk en gezin moeten hem te vaak missen. Soms heeft hij zelf het idee dat hij feitelijk onmisbaar is en dat het dus noodzakelijk is dat hij altijd aanwezig is. Niemand kan het werk zo goed als hij. Waarschijnlijk ervaart hij het zelf als gedrevenheid, of passie, maar feitelijk heeft hij zijn bediening tot een afgod gemaakt en dit is een groot gevaar.

 

Manipulatie in de gemeente – In de huidige tijd zien we steeds weer leiders opstaan in evangelische kringen die zichzelf eerder zien als een soort manager van een groot bedrijf, dan zichzelf te zien als nederige dienaren van God. Ze commanderen en manipuleren voortdurend en leiden de gemeente alsof het een commercieel bedrijf betreft, terwijl het dat absoluut niet is. Vaak menen ze ook ‘recht’ te hebben op een hoge positie en op een daarbij behorend ‘hoog’ salaris plus, niet te vergeten, een zeer ruime onkosten vergoeding. Ze zien zichzelf als een soort directeur.

 

Geestelijk leiders zijn teamspelers – Het wordt vaak gezegd, het is voor leiders in een geestelijk werk soms erg eenzaam. Velen zijn voorzichtig met vriendschappen, buiten hun eigen vertrouwde kring en men zal zeker niet gauw eigen zwakheden toegeven aan de gemeente. Wat al helemaal gevaarlijk kan zijn, is als men behoefte heeft om problemen te delen met anderen. Met wie doe je dat dan? Je weet maar nooit wat anderen met die informatie doen en het kan ook tegen je gebruikt gaan worden. Men wil het liever allemaal zoveel mogelijk zelf uitzoeken.

 

Workaholic in de bediening – Als een bediening van een voorganger of oudste z’n gezin of huwelijk bedreigt, gaat er grondig iets mis. Het is van groot belang dit tijdig te onderkennen, zodat de schade beperkt blijft. In het algemeen kunnen we zeggen dat het ontbreken van tijden van rust en ontspanning, tot gevolg heeft dat het lichaam onvoldoende energie kan opladen. Wat bedoelen we hiermee? Mensen die leven in een sfeer van gehaast zijn, nemen meestal geen tijd voor bijvoorbeeld een goede wandeling, of om ontspannen met het gezin bezig te zijn.

 

Vrouwen van voorgangers – Deel je altijd automatisch in de bediening? In deze tijd komt het regelmatig voor dat bij de keuze van gemeente leiders, de voorkeur wordt gegeven aan een voorganger of oudste-echtpaar. Het is ook min of meer een trend geworden, dat men liever leiders-echtparen in de evangelie gemeente heeft, mannen en vrouwen die vooral elkaars gelijke zijn in de bediening. Vaak worden voorgangers- vrouwen beschouwd als een soort co-pastors in de gemeente. De man is dan de leider en de vrouw co-pastor.

 

Leiders en correctie – Welke beslissing een voorganger, oudste of welke andere gemeente leider of leidster ook neemt, er zullen altijd voor- en tegenstanders zijn. Onze ervaring is dat je het feitelijk nooit iedereen naar het zin kan maken, hoe goed je je best ook doet. Maar uiteindelijk gaat het daar ook niet om, maar veel meer om de verheerlijking van de naam van Jezus in de gemeente en niet dat iedereen gelijk krijgt. Mensen die zich afsluiten voor de mening van anderen, zijn gevaarlijke mensen in het leiderschap.

 

Conflicten in de gemeente – Soms kregen we een verzoek van een evangelie gemeente om te adviseren bij het oplossen van interne conflicten. Tegenwoordig zijn we er wat voorzichtiger mee dan vroeger. Het probleem is vaak dat de hulpvraag meestal komt, nadat men zelf al allerlei wegen heeft bewandeld om het probleem op te lossen, zonder resultaat. Het gevolg is dan vaak dat de standpunten zich gaan verharden en heel vaak heeft dit al gevolgen in de gemeente doordat mensen weg blijven uit de samenkomsten.

 

Kritiek, kan dat wel? – We krijgen er allemaal mee te maken. Iedereen staat in feite bloot aan kritiek en wel het meest geldt dit voor degene die iets doen in de gemeente. Gemeenteleiders zullen er daarom zeker mee te maken krijgen en op dit punt spreken we zelf ook uit ervaring. Welke beslissing een voorganger, oudste of welke andere gemeente leider of leidster ook neemt, er zullen altijd voor- en tegenstanders zijn. Onze ervaring is dat je het feitelijk nooit iedereen naar het zin kan maken, hoe goed je je best ook doet.

 

Tucht in de gemeente – Als christenen hebben we de opdracht om elkaar te verdragen, lief te hebben, te aanvaarden. Tot zover kunnen we daar wel wat mee, al geeft het soms ook wel wat moeite om mensen lief te hebben waar je gewoon niks mee hebt. Maar het wordt nog lastiger als we bedenken dat de Bijbel het ook heeft over vermanen, elkaar dus aan spreken op eventueel verkeerd gedrag (Rom.15:14). Dat is beslist geen eenvoudige opdracht, aangezien we vaak ook te maken hebben met bepaalde gevoeligheden.

 

Roeping, is dat nodig? – Leiderschap in de gemeente is een duidelijk Bijbels principe. Jezus Christus is het Hoofd van de gemeente, maar Hij is ook degene die zelf de leiders aanstelt, lees dit o.a. in Efeziërs 4:11,12. We moeten de toepassing gaan begrijpen van bijvoorbeeld een ‘apostolische bediening’ in leiderschap, namelijk het bereiken van een verloren wereld en het stichten van nieuwe gemeenten, alsook van leiderschap voor de plaatselijke gemeente, waar voorgangers, oudsten en diakenen nodig zijn.

 

Hoogmoed, een gevaar – Geestelijk leiders die vereerd worden, moeten waakzaam zijn, want hoogmoed kan bij iedereen ongemerkt binnensluipen. Geestelijk leiders die vereerd worden, moeten waakzaam zijn. Zeg daarom nooit te snel van je zelf, helemaal niet hoogmoedig te zijn. Want meestal is het zo, dat degene die dat het hardste roepen juist hoogmoedig zijn. Laat het liever zo zijn dat anderen van ons zeggen dat we nederig zijn. Dat geldt ook voor bedieningen en titels waar we menen recht op te hebben.

 

Gemeente en democratie – Er is leiding en gezag nodig in de gemeente, maar dan wel gezag wat door God is aangesteld. De meeste plaatselijke gemeenten in ons land hebben een predikant, voorganger, opziener of een voorgaande oudste (1 Tim.5:17), wat in feite verschillende namen zijn voor dezelfde functie. Hoewel de Bijbel ook spreekt over voorgangers in het meervoud (zie Hebr.13:17), is men in ons land meestal gewend aan één voorganger per gemeente, met verschillende oudsten als medebestuurders.

 

Altijd positief zijn, klopt dat wel? – Natuurlijk, het is beslist goed en vooral Bijbels om jezelf geestelijk te voeden met positieve dingen. De Bijbel zegt het heel duidelijk o.a. in Filippenzen 4:8 “…al wat waar, al wat waardig, al wat rechtvaardig is, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient, bedenkt dat…”. Dus… wees niet te veel bezig met alles wat negatief is en afbreekt. Doe niet teveel mee met mensen die altijd maar mopperen en zuchten, dat doet ons geestelijk niet goed en het is zeker niet de wil van God.

 

Niet alle manifestaties zijn zuiver – Pas op, niet alle manifestaties zijn van de Geest van God. We krijgen regelmatig vragen over onderwerpen als vallen of rusten in de Geest, maar ook lachen en huilen, brullen, blaffen in de Geest. Het verbaast ons wel een beetje dat er kennelijk toch weinig over geschreven wordt, ook niet door bekende Bijbelleraren. Terwijl aan de andere kant de verwarring onder christenen alleen maar toeneemt. Het lijkt wel of er ook nog een soort angstcultuur om heen heerst, bang om als negatief en te kritisch weggezet te worden.

 

Plaats voor mensen die lijden – Eén van de moeilijkste vragen die ons onlangs weer eens gesteld werd is deze: ‘waarom laat God het toe dat mijn kind gehandicapt ter wereld komt’ of wat we ook hoorde ‘waarom laat God deze ziekte of dit lijden toe in mijn leven’. Daar sta je dan als predikers die in de genezende kracht van de Heer geloven. We hebben door de jaren heen met honderden mensen gebeden en ook grote wonderen gezien. Maar eerlijk gezegd gebeurde het ook dat mensen niet genazen en aan een ongeneeslijke kwaal bleven lijden of gehandicapt waren.

 

Niet alle profetie is zuiver – Kan profetie ook misleidend zijn? Er is veel onduidelijkheid over het onderwerp profetie, we krijgen daar vaak vragen over en daarom dit artikel over profeteren. Vooral tegenwoordig wordt er in bepaalde kringen veel geprofeteerd, je hoort daar in de samenkomsten nogal eens het bekende ‘zo spreekt de Heer… ‘ en dan volgt er een boodschap. Anderen zijn wat voorzichtiger en zeggen ‘de Heer bepaalde mij bij…’ en dan volgt er een boodschap of gedachte die men meent van God ontvangen te hebben.

 

Internet service voor Bijbelse adviezen

Henk en Diny Herbold

Wij hebben een speciale online internet service voor Bijbelse adviezen, voor iedereen die daarom vraagt. Bijna dagelijks mailen mensen ons en vragen ons advies vanuit de Bijbel. De service is gratis en u kunt gewoon anoniem blijven. We proberen u altijd binnen twee dagen een antwoord te sturen. Bent u dus opzoek naar advies vanuit de Bijbel? Stuur ons gerust een bericht, u kunt bij ons verzekerd zijn van strikte discretie. KLIK HIER.

Geplaatst in Actueel, geestelijk leiders, gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen