Studies over Bijbelse onderwerpen, huwelijk en leiderschap.

Meer interessante studies op: www.evangelisch-nieuws.nl

Misschien bent u op zoek naar geschikt materiaal voor een Bijbelstudie groep, huiskring of voor persoonlijke stille tijd? Dan zijn de hier aangeboden studies mogelijk wat voor u.

De studies op deze website mogen vrij gekopieerd worden, mits de bron erbij vermeld wordt. Bij iedere studie is ook een speciale print button. Misschien zit u ook met vragen waarop u het antwoord niet kan vinden en u wilt graag advies vanuit de Bijbel. We krijgen elke dag e-mails van mensen die ons om hulp vragen. Vanwege onze jarenlange ervaring zijn we meestal wel instaat om een advies te geven waar u wat mee kan. En het voordeel is dat u anoniem mag blijven en het is geheel vrijblijvend.

Stuur ons gerust een email, uw bericht is bij ons veilig en u krijgt altijd antwoord.

 KLIK HIER.

 

Henk en Diny Herbold

Advertenties
Geplaatst in Bijbel, Bijbelstudies | Tags: | Een reactie plaatsen

Bijbelstudies voor geestelijk leiders.

Meer interessante studies op: www.evangelisch-nieuws.nl

De basis van Bijbels leiderschap is altijd de roeping door God zelf, maar ook de toerusting door Zijn Geest en vanuit het Woord. En dit alles moet zichtbaar worden in een houding van liefde en dienstbaarheid aan de gemeente. De studies op deze website komen voort uit een jarenlange ervaring en tegelijk vanuit het verlangen om geestelijk leiders te helpen en toe te rusten. Tevens mag u ons altijd online om advies vragen, als u dat wilt kunt u gewoon anoniem blijven. U krijgt altijd antwoord, KLIK HIER.

 

Bijbels leiderschap – De Bijbel zegt in Rom.12:3 “Want krachtens de genade, die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten, hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar de mate van het geloof, dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld.” Een groot gevaar voor leiders is hoogmoed. Het is het eerste en belangrijkste waar leiders voor moeten waken. Natuurlijk is hoogmoed een ernstig gevaar voor iedereen, maar speciaal bij geestelijke leiders.

 


Pastorale zorg in de gemeente
– De pastorale zorg in een gemeente, is feitelijk het kloppend hart van iedere gemeente. Ontbreekt het daaraan, dan raakt de gemeente al snel zijn roeping en taak kwijt, namelijk om een plaats van troost en herstel te zijn voor iedereen die daar naar zoekt. Gemeenteleiders kunnen druk zijn met van alles, maar als het belangrijkste vergeten wordt, hebben we ons doel gemist. Want, de zorg voor de mensen die nieuw binnen komen in de gemeente en vooral de zwakken onder ons, is beslist een taak met de hoogste prioriteit.

 

Stress in de bediening – Stress, lijkt wel een kwaal van de hedendaagse maatschappij, het komt steeds meer voor en helaas ook onder geestelijk leiders. Voor een deel is de oorzaak vaak heel praktisch, namelijk men heeft geen normale werkdagen. Je denkt 24 uur per dag en 7 dagen per week beschikbaar te moeten zijn en er is dan geen tijd voor ontspanning en weer opladen. Je hebt ook het gevoel dat er steeds meer van je wordt geëist, bijvoorbeeld omdat er in de gemeente te weinig mogelijkheden zijn om taken te delegeren naar anderen.

 

Leiders die zondigen – Als geestelijk leiders zondigen, wat dan? – Wij krijgen elke week veel e-mails binnen, zowel van mannen als van vrouwen, die worstelen met verslaving aan pornografie en andere zondige seksuele praktijken. Helaas komt het ook voor dat geestelijk leiders ons benaderen met een verzoek om gebed en advies over dit onderwerp. Soms worstelen ze al jaren met seksuele zonden en hebben ze hun probleem nog aan niemand durven te vertellen. Men is b.v. bang voor reputatie schade.

 

Je bediening en je huwelijk – Als een bediening van een voorganger z’n een huwelijk bedreigt gaat er iets grondig mis. Men kan zich zo laten meeslepen in alle activiteiten die er zijn, dat er geen andere zaken meer meetellen, zelfs zijn huwelijk en gezin moeten hem te vaak missen. Soms heeft hij zelf het idee dat hij feitelijk onmisbaar is en dat het dus noodzakelijk is dat hij altijd aanwezig is. Niemand kan het werk zo goed als hij. Waarschijnlijk ervaart hij het zelf als gedrevenheid, of passie, maar feitelijk heeft hij zijn bediening tot een afgod gemaakt en dit is een groot gevaar.

 

Manipulatie in de gemeente – In de huidige tijd zien we steeds weer leiders opstaan in evangelische kringen die zichzelf eerder zien als een soort manager van een groot bedrijf, dan zichzelf te zien als nederige dienaren van God. Ze commanderen en manipuleren voortdurend en leiden de gemeente alsof het een commercieel bedrijf betreft, terwijl het dat absoluut niet is. Vaak menen ze ook ‘recht’ te hebben op een hoge positie en op een daarbij behorend ‘hoog’ salaris plus, niet te vergeten, een zeer ruime onkosten vergoeding. Ze zien zichzelf als een soort directeur.

 

Geestelijk leiders zijn teamspelers – Het wordt vaak gezegd, het is voor leiders in een geestelijk werk soms erg eenzaam. Velen zijn voorzichtig met vriendschappen, buiten hun eigen vertrouwde kring en men zal zeker niet gauw eigen zwakheden toegeven aan de gemeente. Wat al helemaal gevaarlijk kan zijn, is als men behoefte heeft om problemen te delen met anderen. Met wie doe je dat dan? Je weet maar nooit wat anderen met die informatie doen en het kan ook tegen je gebruikt gaan worden. Men wil het liever allemaal zoveel mogelijk zelf uitzoeken.

 

Workaholic in de bediening – Als een bediening van een voorganger of oudste z’n gezin of huwelijk bedreigt, gaat er grondig iets mis. Het is van groot belang dit tijdig te onderkennen, zodat de schade beperkt blijft. In het algemeen kunnen we zeggen dat het ontbreken van tijden van rust en ontspanning, tot gevolg heeft dat het lichaam onvoldoende energie kan opladen. Wat bedoelen we hiermee? Mensen die leven in een sfeer van gehaast zijn, nemen meestal geen tijd voor bijvoorbeeld een goede wandeling, of om ontspannen met het gezin bezig te zijn.

 

Vrouwen van voorgangers – Deel je altijd automatisch in de bediening? In deze tijd komt het regelmatig voor dat bij de keuze van gemeente leiders, de voorkeur wordt gegeven aan een voorganger of oudste-echtpaar. Het is ook min of meer een trend geworden, dat men liever leiders-echtparen in de evangelie gemeente heeft, mannen en vrouwen die vooral elkaars gelijke zijn in de bediening. Vaak worden voorgangers- vrouwen beschouwd als een soort co-pastors in de gemeente. De man is dan de leider en de vrouw co-pastor.

 

Leiders en correctie – Welke beslissing een voorganger, oudste of welke andere gemeente leider of leidster ook neemt, er zullen altijd voor- en tegenstanders zijn. Onze ervaring is dat je het feitelijk nooit iedereen naar het zin kan maken, hoe goed je je best ook doet. Maar uiteindelijk gaat het daar ook niet om, maar veel meer om de verheerlijking van de naam van Jezus in de gemeente en niet dat iedereen gelijk krijgt. Mensen die zich afsluiten voor de mening van anderen, zijn gevaarlijke mensen in het leiderschap.

 

Conflicten in de gemeente – Soms kregen we een verzoek van een evangelie gemeente om te adviseren bij het oplossen van interne conflicten. Tegenwoordig zijn we er wat voorzichtiger mee dan vroeger. Het probleem is vaak dat de hulpvraag meestal komt, nadat men zelf al allerlei wegen heeft bewandeld om het probleem op te lossen, zonder resultaat. Het gevolg is dan vaak dat de standpunten zich gaan verharden en heel vaak heeft dit al gevolgen in de gemeente doordat mensen weg blijven uit de samenkomsten.

 

Kritiek, kan dat wel? – We krijgen er allemaal mee te maken. Iedereen staat in feite bloot aan kritiek en wel het meest geldt dit voor degene die iets doen in de gemeente. Gemeenteleiders zullen er daarom zeker mee te maken krijgen en op dit punt spreken we zelf ook uit ervaring. Welke beslissing een voorganger, oudste of welke andere gemeente leider of leidster ook neemt, er zullen altijd voor- en tegenstanders zijn. Onze ervaring is dat je het feitelijk nooit iedereen naar het zin kan maken, hoe goed je je best ook doet.

 

Tucht in de gemeente – Als christenen hebben we de opdracht om elkaar te verdragen, lief te hebben, te aanvaarden. Tot zover kunnen we daar wel wat mee, al geeft het soms ook wel wat moeite om mensen lief te hebben waar je gewoon niks mee hebt. Maar het wordt nog lastiger als we bedenken dat de Bijbel het ook heeft over vermanen, elkaar dus aan spreken op eventueel verkeerd gedrag (Rom.15:14). Dat is beslist geen eenvoudige opdracht, aangezien we vaak ook te maken hebben met bepaalde gevoeligheden.

 

Roeping, is dat nodig? – Leiderschap in de gemeente is een duidelijk Bijbels principe. Jezus Christus is het Hoofd van de gemeente, maar Hij is ook degene die zelf de leiders aanstelt, lees dit o.a. in Efeziërs 4:11,12. We moeten de toepassing gaan begrijpen van bijvoorbeeld een ‘apostolische bediening’ in leiderschap, namelijk het bereiken van een verloren wereld en het stichten van nieuwe gemeenten, alsook van leiderschap voor de plaatselijke gemeente, waar voorgangers, oudsten en diakenen nodig zijn.

 

Hoogmoed, een gevaar – Geestelijk leiders die vereerd worden, moeten waakzaam zijn, want hoogmoed kan bij iedereen ongemerkt binnensluipen. Geestelijk leiders die vereerd worden, moeten waakzaam zijn. Zeg daarom nooit te snel van je zelf, helemaal niet hoogmoedig te zijn. Want meestal is het zo, dat degene die dat het hardste roepen juist hoogmoedig zijn. Laat het liever zo zijn dat anderen van ons zeggen dat we nederig zijn. Dat geldt ook voor bedieningen en titels waar we menen recht op te hebben.

 

Gemeente en democratie – Er is leiding en gezag nodig in de gemeente, maar dan wel gezag wat door God is aangesteld. De meeste plaatselijke gemeenten in ons land hebben een predikant, voorganger, opziener of een voorgaande oudste (1 Tim.5:17), wat in feite verschillende namen zijn voor dezelfde functie. Hoewel de Bijbel ook spreekt over voorgangers in het meervoud (zie Hebr.13:17), is men in ons land meestal gewend aan één voorganger per gemeente, met verschillende oudsten als medebestuurders.

 

Altijd positief zijn, klopt dat wel? – Natuurlijk, het is beslist goed en vooral Bijbels om jezelf geestelijk te voeden met positieve dingen. De Bijbel zegt het heel duidelijk o.a. in Filippenzen 4:8 “…al wat waar, al wat waardig, al wat rechtvaardig is, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient, bedenkt dat…”. Dus… wees niet te veel bezig met alles wat negatief is en afbreekt. Doe niet teveel mee met mensen die altijd maar mopperen en zuchten, dat doet ons geestelijk niet goed en het is zeker niet de wil van God.

 

Niet alle manifestaties zijn zuiver – Pas op, niet alle manifestaties zijn van de Geest van God. We krijgen regelmatig vragen over onderwerpen als vallen of rusten in de Geest, maar ook lachen en huilen, brullen, blaffen in de Geest. Het verbaast ons wel een beetje dat er kennelijk toch weinig over geschreven wordt, ook niet door bekende Bijbelleraren. Terwijl aan de andere kant de verwarring onder christenen alleen maar toeneemt. Het lijkt wel of er ook nog een soort angstcultuur om heen heerst, bang om als negatief en te kritisch weggezet te worden.

 

Plaats voor mensen die lijden – Eén van de moeilijkste vragen die ons onlangs weer eens gesteld werd is deze: ‘waarom laat God het toe dat mijn kind gehandicapt ter wereld komt’ of wat we ook hoorde ‘waarom laat God deze ziekte of dit lijden toe in mijn leven’. Daar sta je dan als predikers die in de genezende kracht van de Heer geloven. We hebben door de jaren heen met honderden mensen gebeden en ook grote wonderen gezien. Maar eerlijk gezegd gebeurde het ook dat mensen niet genazen en aan een ongeneeslijke kwaal bleven lijden of gehandicapt waren.

 

Niet alle profetie is zuiver – Kan profetie ook misleidend zijn? Er is veel onduidelijkheid over het onderwerp profetie, we krijgen daar vaak vragen over en daarom dit artikel over profeteren. Vooral tegenwoordig wordt er in bepaalde kringen veel geprofeteerd, je hoort daar in de samenkomsten nogal eens het bekende ‘zo spreekt de Heer… ‘ en dan volgt er een boodschap. Anderen zijn wat voorzichtiger en zeggen ‘de Heer bepaalde mij bij…’ en dan volgt er een boodschap of gedachte die men meent van God ontvangen te hebben.

 

Internet service voor Bijbelse adviezen

Henk en Diny Herbold

Wij hebben een speciale online internet service voor Bijbelse adviezen, voor iedereen die daarom vraagt. Bijna dagelijks mailen mensen ons en vragen ons advies vanuit de Bijbel. De service is gratis en u kunt gewoon anoniem blijven. We proberen u altijd binnen twee dagen een antwoord te sturen. Bent u dus opzoek naar advies vanuit de Bijbel? Stuur ons gerust een bericht, u kunt bij ons verzekerd zijn van strikte discretie. KLIK HIER.

Geplaatst in Bijbelstudies, geestelijk leiders, gemeente, leiders, Manipulatie, Pastorale zorg, Positief denken, Profeteren in de gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen

De sabbat en de feesten van Israël. Moeten we die nog vieren?

menorahVandaag de dag horen we steeds meer openlijk verkondigen dat ook christenen de sabbat en de oude Israëlische feesten moeten gaan vieren. Veel christenen raken daardoor in verwarring en soms ontstaan er ook diepgaande meningsverschillen en zelfs scheuringen in gemeenten.

Hoewel Israël volgens de profetieën in de Bijbel, nog een grootse toekomst wacht, slaan sommige christenen door en kennen zij geen onderscheid meer tussen dat oude verbondsvolk en Gods plan met de Gemeente van Christus. Laten we vooral niet vergeten dat de gemeente speciaal de vrouw van het Lam wordt genoemd (Openb.19:7 en Efeze 5:31, 32). De geboorte van de gemeente in Hand.2, was zeker niet een voortzetting van Gods plan, nu met de gemeente in de plaats van Israël. Maar… het is juist een geheel nieuw begin, met ook een eigen profetische toekomst.

Iets nieuws.
Christenen worden tegenwoordig steeds weer opgeroepen de Joodse feestdagen te vieren. Men spreekt ook niet meer over Joodse feestdagen (zoals de Bijbel in bijvoorbeeld wel doet in Johannes 6:4 en 7:2), maar van ‘Bijbelse feestdagen’. Spijswetten, de gehele ceremoniële wet, de Tien Geboden, sabbatsvieringen, ja… zelfs de besnijdenis, men zegt “het geldt ook allemaal voor ons christenen”.

Nu zijn er helaas nogal wat christenen die voortdurend opzoek zijn naar, ‘iets nieuws”. Men heeft kennelijk niet genoeg aan het gewone evangelie en zoekt steeds naarstig naar iets extra’s, om het boeiend te houden. Deze soort christenen zijn erg bevattelijk voor hypes in de evangelische wereld. Maar… helaas is de opwinding vaak ook weer van korte duur, men raakt snel teleurgesteld en men zoekt dan weer iets anders.

Op dit moment zien we een groeiende belangstelling onder evangelische christenen naar de Joodse levenswijze. Er worden boeken geschreven (o.a. Wake up! Uitgever: Het Zoeklicht) die de belangstelling opwekken en door daarna belangstellenden bij elkaar te roepen, ontstaat er een nieuw soort beweging. In het begin is het alleen belangstelling en interesse voor de mooie gebruiken en rituelen, maar langzaam maar zeker probeert men ook steeds meer Bijbelse argumenten te vinden, om het dan als een nieuwe leer te introduceren.

Maar er komt nog iets anders bij. In sommige kringen wordt ook wel eens te snel gezegd, dat men iets heeft ontvangen ‘door de directe inspiratie van de Heilige Geest’. Feitelijk wil men daarmee voorkomen dat mensen nog onderzoek doen, om het z.g. geopenbaarde te toetsen aan Gods Woord. Men moet het maar direct accepteren, want het komt immers rechtstreeks van God. Zie je het toch anders, dan ben je nog niet zover.

Maar dit leidt toch gemakkelijk tot onBijbelse opvattingen en soms tot ernstige wantoestanden. Men kan in dit geval, zich zelfs afvragen of het min of meer dwingend opleggen van het houden van bijvoorbeeld de sabbat en de Joodse feesten, eigenlijk niet een nieuwe manifestatie van wetticisme is, waar Paulus in de Galatenbrief zo tegen waarschuwt.

Daar vond men het ook nodig dat christenen zich lieten besnijden en ook in dit opzicht is niets echt vreemd. Ook in deze tijd zijn er zelfs christenen die besluiten zich te laten besnijden. En dat ondanks de woorden van Paulus, die daar over zegt in Gal. 6:15,16: “Want besneden zijn of niet besneden zijn betekent niets, maar of men een nieuwe schepping is.” Soms horen we het met verbazing aan en vragen ons af waarom er zo weinig kennis is van Gods Woord, onder vele christenen.

Geestelijke betekenis
Echter, wat betreft de geestelijke betekenis hebben de Joodse feesten natuurlijk grote waarde. De Bijbel spreekt o.a. in Leviticus over deze Joodse feesten, die prachtig heenwijzen naar bijvoorbeeld het sterven van Jezus (Pesach), Zijn heerlijke opstanding en de komst van de Heilige Geestramshoorn op het Pinksterfeest (Wekenfeest). Het Bazuinenfeest, de Grote Verzoendag en het Loofhuttenfeest, wijzen in profetisch licht op de opname van de Gemeente, de bruiloft van het Lam en het duizend jarig vrederijk. Maar…. als we Col.2:16,17 lezen dan ontdekken we dat deze feesten slechts een schaduw zijn van hetgeen nog komen moet, terwijl de werkelijk van Christus is.

“Laat dus niemand u veroordelen inzake eten of drinken, of op het punt van een feestdag, een nieuwe maan of de sabbatten. Deze zaken zijn slechts een schaduw van de toekomstige dingen, maar de werkelijkheid is van Christus”.

Natuurlijk, als christenen vrijwillig Joodse feesten willen vieren, als een extra gelegenheid om samen God te eren, te danken en te prijzen voor wie Hij is en zijn heerlijk verlossingswerk, kan dit zeer leerzaam en zegenrijk zijn. Deze feesten vertolken namelijk in hun betekenis, het Goddelijk plan van alle eeuwen met de mens en de geestelijke betekenis zal ons dus zeker wat te zeggen hebben. Het is echter wat anders als we deze feesten als verplicht gaan zien voor christenen en vooral wanneer men dit soms gebruikt om aan te tonen, dat men wijzer of geestelijker is dan anderen. Bijvoorbeeld “in onze gemeente” zijn we al verder, want God heeft ons dat geopenbaard en jullie nog niet. Bijbels gezien kunnen we echter nergens in het Nieuwe Testament lezen, dat God daarvoor opdracht gaf aan Zijn gemeente.

De eerste christenen
In Handelingen 15:5-21 vinden wij een beknopt verslag over de eerste conferentie van de apostelen te Jeruzalem. Er werd gedebatteerd over een groot verschil van opvatting met betrekking tot de belangrijke kwestie of men van gelovigen uit de heidense volkeren mocht eisen zich aan de Joodse wetten te houden.

We kunnen daar lezen dat de uitkomst van deze conferentie was, dat de gelovigen daartoe niet verplicht moesten worden want God had hen aanvaard en zelfs de Heilige Geest gegeven alleen door het geloof in Jezus. Wel werd hen gevraagd zich te onthouden van voedsel wat door de afgoden bezoedeld was, van hoererij en van het verstikte en van bloed.

Over het verplicht houden van de Joodse feesten werd dus niet gesproken. We mogen hieruit dan ook de duidelijke conclusie trekken, dat God voor ons geen opdracht heeft gegeven om deze feesten te houden. De opdracht om deze feesten te vieren is dus ondubbelzinnig aan de Joden gegeven en niet aan de christenen.

Sommige beweren echter dat de christenen van de eerste eeuwen, de sabbat en de Joodse feesten ook vierden en de synagogen bezochten, maar dit steunt niet op historische bewijzen. De waarheid is dat de eerste christelijke gelovigen uit de synagogen werden geworpen.

De Sabbat viering.
Sommige mensen maken van het houden van de Sabbat op de juiste dag een enorm groot punt, maar ze staan er veel minder bij stil wat nu feitelijk het doel van de Sabbat is. De Sabbat was er is in ieder geval voor ons en wij niet voor de Sabbat. Lees Marcus 2:27 ‘En Hij zeide tot hen: De Sabbat is gemaakt om de mens, en niet de mens om de Sabbat’.

Het was en is belangrijk dat de mens rust neemt en tijd neemt om met God bezig te zijn, daar gaat het om en dus niet alsmaar doorwerkt. Dat heeft God ons feitelijk door de Sabbat duidelijk willen maken. Hoe belangrijk de Sabbat ook is voor de gelovige Jood, het is niet meer dan een voorafschaduwing van wat zou komen. De Sabbat was er om de mensen rust en kracht te geven, maar uiteindelijk hebben we veel meer nodig dan dat, namelijk rust van binnen, geestelijke rust.

Mat. 11:28 ‘Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen; want mijn juk is zacht en mijn last is licht’.

Het is opmerkelijk dat aansluitend aan dit Bijbelwoord we kunnen lezen in Mat. 12:1-8 over het aren plukken van de discipelen, nog wel op de sabbat en Jezus was daar gewoon bij.
Lees maar: ‘Te dien tijde ging Jezus op de Sabbat door de korenvelden en zijn discipelen kregen honger en begonnen aren te plukken en te eten. Maar toen de Farizeeën dit zagen, zeiden zij tot Hem: Zie, uw discipelen doen wat men op Sabbat niet mag doen. En Hij zei tot hen: Hebt gij niet gelezen wat David gedaan heeft, toen hij en die met hem waren honger kregen? Hoe hij het huis Gods binnengegaan is en zij de toonbroden hebben gegeten, waarvan hij noch die met hem waren mochten eten, doch alleen de priesters? Of hebt gij niet gelezen in de wet, dat op de Sabbat de priesters in de tempel de Sabbat schenden zonder schuldig te zijn? Maar Ik zeg u: Meer dan de tempel is hier. Indien gij geweten hadt, wat het zeggen wil: Barmhartigheid wil Ik en geen offerande, dan zou gij geen onschuldigen hebben veroordeeld. Want de Zoon des mensen is Heer over de Sabbat’.

We lezen hier: Jezus is Heer over de Sabbat. De Sabbat is aan de mens gegeven om te rusten, maar Jezus is Zelf onze werkelijke rust en vrede. De Sabbat gaf ons maar voor een korte tijd rust, maar Jezus geeft ons voor eeuwig rust. De Sabbat voor de christenen is dus de rust van Jezus zelf, de woorden van Jezus laten hier geen ruimte voor twijfel. Christenen houden dus wel degelijk de Sabbat, door in de rust van Jezus te blijven (zie ook Johannes 15:1-8).

Doen christenen die de zaterdag of zondag houden als Sabbat, het dan verkeerd? Absoluut niet, het is helemaal niet verkeerd om één dag in de week als Sabbat te houden, als we maar erkennen dat de Sabbat alleen een voorafschaduwing is van Jezus. Hij is de volmaakte Sabbat waarin we eeuwige rust en vrede ontvangen en het zit niet in de dag.

De viering van het heilig Avondmaal
Het enige christelijke feest waar de Jezus ons wel toe aanspoort in het Nieuwe Testament, is de viering van het heilig Avondmaal, wat wel heel erg lijkt op het Joodse Pesach. Sterker nog, Jezus veranderde het Joodse Pesach in het heilig Avondmaal. In 1 Korinthe 11 : 24-26 zegt Paulus dat hij dit zelf van de Heer geopenbaard heeft gekregen: “Jezus heeft gezegd: Zo vaak als jullie deze maaltijd gebruiken doe het tot Mijn avondmaalgedachtenis”, en “Want zo dikwijls als u dit brood eet en deze drinkbeker drinkt, verkondig de dood van de Heere, totdat Hij komt” en in 1 Korinthe 5: 7-8. ‘Want ook ons Paaslam is geslacht; zo dan laat ons feest vieren’. We moeten tijdens zo’n maaltijd dus ‘gedenken’, ‘verkondigen’ en tegelijk ‘feest vieren’ vanwege onze bevrijding van de macht van satan, die ons naar de hel wilde brengen. Maar nu zijn we vrij en op weg naar de hemel.

Feitelijk, wie gelooft in Jezus beleeft dagelijks het feest van vergeving, verzoening, nieuw leven en kracht door de Geest en van de nieuwe dag van verlossing die voor ons is aangebroken. Kortom: Jezus is het blijvend feest van de gelovige.

Vooral de Hebreeën brief toont ons glashelder aan, dat het gehele Joodse stelsel van gebruiken, verordeningen en instellingen, dus inclusief de feesten, slechts schaduwbeelden zijn van de geestelijke en eeuwige werkelijkheid die in Christus geopenbaard is.

Bijvoorbeeld Hebreeën 8:5 zegt van de priesters, dat zij ‘slechts dienst verrichten bij een afbeelding en schaduw van het hemelse.’ In vers 13 van hetzelfde hoofdstuk wordt gesteld dat het oude verbond verouderd is en wat veroudert en verjaart is niet ver van de verdwijning, zo luidt de eindconclusie van de apostel.

Sommigen blijven ondanks alle Bijbelse argumenten beweren, dat de christenen terug moeten naar de Joodse kalender en tijdrekening, omdat de westerse heidens is. Er is echter in het Nieuw Testament, ook geen enkel voorschrift aan de gelovigen, betreffende het in acht nemen van de Joodse kalender met zijn tijdrekening, seizoenen en feesten. We behoeven ons hierover dan ook in het geheel niet druk te maken.

Messias belijdende Joden hebben uiteraard de vrijheid zich aan de Joodse tijdrekening etc. te houden, maar zouden feitelijk niet bezig moeten zijn met het onderwijzen hiervan en het opleggen aan andere christenen. Indien dit wel gebeurt is er sprake van een onnodige herhaling van het conflict waarover we lazen in Handelingen 15:1-34.

Misschien wilt u hierover doorpraten, dat kan: KLIK HIER

Geplaatst in sabbat | Tags: | Een reactie plaatsen

Seksueel rein blijven voor God, is dat nog mogelijk?

door Henk Herbold

Dit artikel is een gevolg van de vele e-mails, die we regelmatig krijgen over dit onderwerp. Mensen vragen ons soms wanhopig om advies en hulp.

Er gaat momenteel kennelijk een vloedgolf aan onreinheid over ons land en het lijkt wel of het elk jaar erger wordt. De zonden worden ook steeds openlijker bedreven. Wie stoort zich vandaag nog aan mensen die ‘bijna’ naakt op een strand liggen en aan films met een seksscène. Een ander voorbeeld, steeds minder mensen storen zich nog aan de jaarlijkse Gay-parade, waar mannen en vrouwen het nodig vinden om hun homoseksualiteit, nogal obsceen te demonstreren.

Ook onze kinderen worden op de scholen al op jonge leeftijd vergiftigd, met het wereldse denken over vrije seksualiteit en zelfs geslachtsveranderingen. Soms gaat het om kinderen van 10 jaar of zelfs jonger, die op school gezegd worden om eens goed na te denken of ze zich wel jongen of meisje voelen.

Vroeger schaamde men zich soms nog, omdat men ergens wel wist dat het fout was, maar men zegt nu, ‘het taboe is doorbroken’. Kijken naar porno was vroeger iets waar men zich voor schaamde, dat deed men stiekem en daar praatte je niet over. Tegenwoordig kijk niemand er meer vreemd van op, daarbij komt, alles is bereikbaar met een klik op de muisknop van de computer. Computerspellen of startpagina’s van sociaal media’s e.d., hebben vaak ook een onderdeel erotiek, waar je op kan klikken om sensuele beelden te zien. Men zegt het is normaal, het hoort bij de ontwikkeling van een kind tot volwassenheid. Maar de onderliggende boodschap is echter: “seks moet kunnen, zeker als je jong bent, ga dus je gang maar, als je het maar veilig doet”. De gemiddelde leeftijd waarop tieners tegenwoordig al seksueel actief zijn is ongeveer 15 jaar. En velen zijn zelfs een heel stuk jonger!

Seksueel rein blijven kan dat nog?
We kunnen gerust zeggen, dat zonder steun te zoeken in het Woord van God en een ernstig gebedscontact met Jezus, is het onmogelijk om seksueel rein te blijven in de huidige tijd, vooral in onze gedachten en met onze ogen. Gewoon in het leven van iedere dag worden we tegenwoordig op verschillende manieren seksueel geprikkeld. We hebben daarom voortdurend de reinigende kracht van de Heilige Geest en het Woord van God nodig, anders worden we vroeg of laat toch besmet. Feitelijk moeten we het zo zien, het is een geestelijk virus wat komt uit het rijk van satan en het enige wat helpt is het vaccin van het Woord van God en de Heilige Geest.

Bijna dagelijks zien we niets verhullende reclames over lingerie. Veel mensen vinden al heel gewoon dat in zo’n reclame bijvoorbeeld een half ontklede verleidelijke vrouw aanlokkelijk naar ons kijkt. Maar ook in reclames voor auto’s, parfum etc … wordt ons een verleidelijke vrouw getoond, want dat trekt de aandacht en dat wil men nu eenmaal met reclame. Bloot moet ook kunnen, want bloot is gewoon zo zegt men.

Wanneer we naar films kijken worden we helemaal geconfronteerd met seksualiteit, in alle vormen, openlijk en zonder enige ingetogenheid. Men zegt, het moet taboe doorbrekend zijn, want dat past in deze tijd. Verschillende soapseries tonen ons het liefdesleven van de hoofdpersonages. We zijn getuige van hun seksuele fantasieën, begeerten en van hun overspel. Wanneer men er lang genoeg naar heeft gekeken, lijkt het allemaal normaal te zijn geworden. Mensen zijn zelfs veel gevoeliger voor wat ze zien, dan men in praktijk van alle dag zou durven erkennen. Men ziet dagelijks in TV soaps, hoe men gemakkelijk gaan scheiden en langzaam krijgt dat invloed op de kijker. De algemene opvatting in de wereld om ons heen is nu, wanneer je geen gevoelens meer hebt voor je partner, ga je toch gewoon een relatie aan met iemand anders? Dat moet kunnen. Alle waarden en normen rondom seksualiteit vervagen langzaam, samenwonen, homoseksualiteit, partnerruil.  Maar de vraag is natuurlijk, waar sta je als christen te midden van al deze dingen. Hoe kunnen we als christen nog rein blijven in deze totaal ontaarde wereld?

Wij moeten ons denken rein bewaren.
Het probleem rondom seksuele reinheid begint niet in de eerste plaats in wat we doen, maar in ons denken. De vraag is actueel, waardoor laten we ons denken beïnvloeden, waar kijken we regelmatig naar, welke gedachten en fantasieën laten we bewust toe? Natuurlijk het valt ons aan, we leven nu eenmaal in deze wereld en we komen onreine beelden iedere dag tegen. De vraag is alleen, hoe gaan we er mee om?

Net zoals bij boosheid roept Jezus ons op om ons denken, ons hart in de eerste plaats rein te bewaren. Wanneer we haat en boosheid koesteren is het maar een kleine stap om in toorn te ontbranden. Wanneer we gedachten en fantasieën over een andere man of vrouw regelmatig toelaten, wordt de stap naar de zonde van overspel kleiner. Jezus roept ons daarom op om onze gedachten rein te bewaren.

Filippenzen 4:8 leert ons: “Bedenk al wat waar, al wat waardig, al wat rechtvaardig, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient, bedenk dat.”

Jacobus leert ons dat de verzoeking, ook de seksuele verzoeking, voort komt uit de zuiging en de verlokking van onze eigen begeerten (Jac.1:14). Verzoeking begint in ons denken.

De oudtestamentische wet leert dat het verkeerd is seksuele omgang te hebben met een ander dan de eigen man of vrouw (Ex. 20:14). Maar Jezus leert ons dat het verlangen, de gedachte alleen al, naar seks met een andere man of vrouw al verkeerd en dus zondig is (Mattheus 5:27-28). Jezus benadrukt dat als de daad verkeerd is ook de gedachten aan die daad verkeerd zijn, want ook hiervoor geldt, voorkomen is beter dan genezen. Wanneer je je man of vrouw dus lichamelijk wel trouw bent, maar geestelijk niet trouw bent, breek je feitelijk al het vertrouwen af dat zo essentieel is voor een hecht huwelijk.

Inderdaad, Jezus gaat veel verder dan veel mensen vandaag. Hij zegt dat vreemd gaan vaak al begint met onze ogen. De manier waarop iemand naar een andere man of vrouw kijkt kan al het begin van overspel zijn. Vooral wanneer men in gedachten toegeeft aan fantasieën over een relatie met die andere man of vrouw. Het is dus veel minder onschuldig als het lijkt.

Dus mannen die maar steeds begerig kijken naar andere vrouwen zijn niet ongevaarlijk bezig, ook al lijkt het anders. Iemand heeft wel eens gezegd: ‘onze zintuigen zijn de poorten voor onze ziel’. Daarom probeert de duivel ook via onze ogen binnen te komen met het kwaad in onze ziel.

Hier volgen een paar voorbeelden:

  • David: hij zag vanaf het dak van zijn paleis dat ergens bij hem in de buurt een vrouw zich aan het baden was: 2 Sam.11:2.
  • Simson: zijn oog viel op een hoer: Richt.16:1.
  • Eva: zij keek naar de boom en zijn vruchten zagen er heerlijk uit: Gen.3:6.
  • Jozef: hij was knap en aantrekkelijk. De vrouw van zijn meester liet haar oog op hem vallen: Gen.39:7.

Jezus veroordeelt natuurlijk niet de natuurlijke belangstelling van iemand die nog single is, voor het andere geslacht of een gewoon gezond seksueel verlangen. Maar Hij veroordeelt wel het opzettelijke en herhaaldelijk koesteren van de gedachte naar een andere man of vrouw, terwijl we al door het huwelijk iemand al trouw hebben beloofd.

Radicaal zijn.
Lees Mattheus 5:29-30.

“ Indien dan uw rechteroog u tot zonde zou verleiden, ruk het uit en werp het van u, want het is beter voor u, dat één uwer leden verloren ga en niet uw gehele lichaam in de hel geworpen worde…”

Radicale woorden, maar ik geloof dat we moeten beseffen dat God ook seksuele zonde haat. Wanneer Jezus hier het beeld gebruikt om je oog uit te rukken, moeten we natuurlijk beseffen dat dit beeldspraak is. Jezus bedoelt niet dat we letterlijk ons oog moeten uitrukken, want ook een blinde kan verkeerde en onreine gedachten koesteren. Waar het om gaat is onze houding ten opzichte van de zonde. Hoe staan we ten opzichte van de zonde? Laten we ze oogluikend toe? Nemen we het allemaal niet zo nauw of durven we eerlijk te zijn?

Jezus wil ons in dit gedeelte bepalen bij de ernst van de zonde. Zonde heeft altijd gevolgen. Gods Woord zegt ons dat zonde leidt tot de dood. Zonde kwetst God en de medemens, zonde breekt altijd af. Zonde brengt ongeluk, verdriet, onvrede, haat, ziekten.

Seksueel rein blijven met de hulp van de Heer.
Natuurlijk hebben we in de eerste plaats Gods kracht nodig en mogen we de Heer hiervoor bidden, Hij wil en zal ons zeker helpen. Maar we kunnen het ook niet allemaal alleen aan God overlaten, met het idee, “ik ben toch zwak en de Heer moet het maar doen in mij”. Nee, we moeten eerst zelf willen breken met de dingen die tot zonde leiden, anders kan God ons niet helpen. Denk maar aan het prachtige verhaal van Jozef. Toen de vrouw van Potifar hem probeerde te verleiden vluchtte hij. (Gen.39:7)

Dus vlucht liever weg van dingen die je tot zondige gedachten brengen en schuil bij God. Een kind van God wat dagelijks bidt en dus leeft met de Heer, ervaart ook dat de Heilige Geest ons van binnen uit waarschuwt. Daarom, het helpt echt om elke dag stille tijd te houden en je gedachten te vullen met Gods Woord.

Hier volgt een woord uit Psalm 119:9, speciaal voor jonge mensen, maar het geldt natuurlijk ook voor ouderen. “Waarmee zal de jongeling zijn pad rein bewaren? Als hij dat houdt naar Uw Woord”.

Ook geestelijk leiders worden aangevallen.
De duivel zal er alles aan doen om de gemeente van Jezus Christus onderuit te halen. Hij begint daarvoor bij de leiders, omdat hij weet dat als de leider faalt, heeft dit een schadelijk effect op de gemeente. Leiders moeten een model zijn voor de gemeente, wat zij doen zal altijd invloed uitoefenen op de gemeente. Onreine demonen vallen daarom juist degene aan waar de mensen naar op kijken, zij zijn het voorbeeld voor de gemeente en dat betekent dat als zij falen de gemeente wordt beschadigd. Maar een geestelijk leider is natuurlijk ook een gewoon mens die worstelt met dezelfde problemen als ieder ander gemeentelid, ze hebben dezelfde strijd te strijden als iedereen. Leiderschap maakt een mens niet immuun, maar juist kwetsbaarder. Maar, de druk is wel groter, de geestelijke strijd intenser, de belangen ook groter.

Het is beslist goed om de overwinnende boodschap van de Bijbel te lezen en je eigen te maken, b.v. Romeinen hoofdstuk 8, maar… laten we vooral niet vergeten dat er nog meer in de Bijbel staat. Bijvoorbeeld in het hoofdstuk daarvoor te lezen hoe zwak Paulus zich soms ook voelde, dus hoofdstuk 7:21-25. Hij zegt het gewoon eerlijk en gelukkig maar, want dat helpt ons. Daar zegt hij het volgende:

“Zo vind ik dan deze regel: als ik het goede wens te doen, is het kwade bij mij aanwezig; want naar de inwendige mens verlustig ik mij in de wet Gods, maar in mijn leden zie ik een andere wet, die strijd voert tegen de wet van mijn verstand en mij tot krijgsgevangene maakt van de wet der zonde, die in mijn leden is. Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods? Gode zij dank door Jezus Christus, onze Here!” 

Hier geeft Paulus gewoon aan dat ook hij nog zwak kan zijn en dat er zelfs strijd geleverd wordt in zijn binnenste. Wat wij allemaal nodig hebben is genade van God elke dag opnieuw, vergeving, rust en vertrouwen dat Hij het in ons leven kan doen. Het is veel beter eerlijk te zijn tegen God, tegen elkaar in de gemeente, in je huwelijk, in je gezin. Want dan hebben we ook gelegenheid om voor elkaar te bidden en vooral naast elkaar te gaan staan en niet elkaar te veroordelen omdat we nog niet volmaakt genoeg zijn, want we verschillen feitelijk nauwelijks, al lijkt het aan de buitenkant soms zo.

Satan richt al zijn pijlen op een leider.
Daarom voor geestelijk leiders geldt in het bijzonder dat, alleen door in een nauwe relatie met Jezus te leven, kunnen we aan dat demonen-leger ontkomen. In de huidige tijd heeft men steeds meer moeite, als we het hebben over demonen die ons aanvallen, omdat we zo graag alles met ons verstand willen uitleggen en dit is iets wat ongrijpbaar voor ons is. Maar als we de Bijbel lezen dan wordt ons duidelijk dat voor de Heer Jezus boze geesten een realiteit waren. Hij wordt zelfs verzocht door de satan persoonlijk (Matt. 4:1-11 ) en we lezen ook dat boze geesten verschrikkelijke dingen deden met mensen (Marc. 5:2-5 ).

Helaas, veel mensen komen in de greep van demonische machten wanneer ze zich bezighouden met allerlei vormen van seksuele onreinheid. Verslaaft zijn aan bijvoorbeeld seks of porno, homoseksualiteit, overspel, is helemaal niet zo onschuldig als het lijkt.

Als u meer wilt weten over demonische seksverslavingen, KLIK HIER. Daar leest u tevens hoe bevrijding kunt vinden. Lees ook over homoseksualiteit, hoe ziet God dat: KLIK HIER

Ook mag u ons vrijblijvend een bericht sturen, KLIK HIER. U krijgt altijd antwoord.

Geplaatst in Actueel, Bevrijding, demonen, Eindtijd, geestelijk leiders, Homofilie, Seksualiteit, Seksverslaving, transgenders | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Leiders moeten mensen aan Jezus binden en niet aan zichzelf.

door Henk Herbold

Hoogmoed kan bij iedereen ongemerkt de kop opsteken, het zit als het ware in ons DNA. Zeg daarom nooit te snel van je zelf, helemaal niet hoogmoedig te zijn. Want meestal is het zo, dat degene die dat het hardste roepen juist hoogmoedig zijn. Laat het liever zo zijn dat anderen van ons zeggen dat we nederig zijn.

Dat geldt ook voor bedieningen en titels waar we menen recht op te hebben. Wees voorzichtig, het is beter als anderen van ons zeggen dat we een apostel, profeet, evangelist, herder of leraar zijn (Lees Efeze 4:11), dan dat we daar zelf mee te koop gaan lopen. Werkelijk geroepen dienaren van God hebben dat helemaal niet nodig, God zal hen Zelf bevestigen.

Als mensen ons gaan prijzen.
Vooral, als het ons als geestelijk leider goed gaat in onze bediening en mensen ons daarom beginnen te prijzen, moeten we waakzaam zijn. Als mensen regelmatig zeggen, dat we het zo goed doen en dat men door ons zo gezegend wordt, dan wordt het gevaarlijk. Mensen zien in ons het voorbeeld dat ze moeten navolgen. Natuurlijk is dat in eerste instantie fijn om te horen, maar toch moeten we beducht zijn voor de geest van hoogmoed en onze menselijke zwakheid. Uiteindelijk moeten mensen niet ons navolgen maar Jezus. Wij kunnen alleen maar wegwijzers zijn naar de Heer.

Paulus heeft geprofeteerd in 2 Tim.3:4, dat de mensen in de eindtijd ‘opgeblazen’ zullen zijn en dat geldt helaas niet alleen voor ongelovige mensen, maar ook voor christenen en zelfs voor geestelijk leiders. Overigens was het in Jezus dagen al niet veel anders onder Zijn discipelen, ook zij hadden last van de geest van hoogmoed, lees maar in Lukas 22. Jezus had net het Pascha met hen gevierd en daarbij de verbinding gemaakt naar Zijn lijden en sterven aan het kruis. Je zou zeggen een uitermate gevoelig moment en zeker niet het moment om te gaan twisten over wie de baas zou zijn. Tenzij je feitelijk horende doof bent en dat was nu precies het probleem. Lees speciaal vers 24- 27:
‘Er ontstond ook onenigheid onder hen over wie van hen geacht werd de belangrijkste te zijn. En Hij zei tegen hen: De koningen van de volken heersen over hen, en wie macht over hen hebben, worden weldoeners genoemd. Bij u echter moet dat zo niet zijn, maar de belangrijkste onder u moet als de jongste worden en wie leiding geeft als iemand die dient. Want wie is belangrijker: hij die aanligt of hij die bedient? Is het niet hij die aanligt? Ik echter ben in uw midden als Iemand Die dient’.

Vooral als mensen regelmatig zeggen dat je beter bent of meer gezalfd met de heilige Geest dan andere mededienstknechten van de Heer, dan wordt het oppassen. Feitelijk zouden we er dan beter aan doen, om anderen naar voren te schuiven en zelf een stapje terug te doen. Echt geestelijke mensen doen dat, het gaat immers niet om de eer van ons, maar om de eer van Jezus. Nog gevaarlijker wordt het echter, als we al die eer normaal gaan vinden en bewust of onbewust, voeding gaan geven aan deze vorm van mensen verering. Langzaam komt de gedachte dan bij ons binnen, dat het feitelijk gewoon klopt wat men zegt. Je zegt wellicht onbewust tegen jezelf ‘ik ben feitelijk wel erg goed en ik doe het ook beter dan de ander’.

Pronken met je bediening.
Ook in deze tijd zijn er dienaren van God, die pronken met ‘hun’ bediening en ‘hun’ gemeente. Ze vertellen anderen dat zij de zalving hebben en dat hun gemeente de beste is, ja, zelfs ver boven andere gemeenten verheven. In overmoed proberen ze anderen over te halen om juist ‘hun’ gemeente te bezoeken, ‘omdat daar de Geest werkt’, alsof de Geest niet zou werken in andere gemeente(n). Het gevolg is een vorm van zelfingenomenheid die lijkt op hoogmoed.

De zalving.
Neem nu de z.g. leer van de ‘impartatie’ van zalving, steeds meer mensen raken er mee bekend. Nog steeds is er een groeiend aantal predikers die menen op één of ander manier de bijzondere gave te hebben ontvangen om de zalving van de Geest over te brengen op anderen. De oorsprong is de z.g. Toronto Blessing uit de jaren 90, vele honderden geestelijk leiders zijn naar Toronto afgereisd om daar de zalving te gaan halen.

Die zalving neem je dan mee terug in het vliegtuig en als je in eigen gemeente andere mensen de handen oplegt, ontvangen zij het ook. Het wordt dus via handoplegging van de ene persoon op de andere persoon overgedragen.  Overigens wat een pech voor predikers die de zalving niet met het vliegtuig hebben kunnen halen, want die kunnen dat ook niet overbrengen op anderen. Het gevolg is vaak dat predikers die de zalving wel ontvangen hebben, van mening zijn op een hoger geestelijk niveau te zijn.

Het blijft natuurlijk wel apart dat God Zich kennelijk laat limiteren door een menselijke overdraging via het opleggen van handen, want zo lijkt het te werken. Zou het niet veel beter zijn als iedereen die naar een nieuwe zalving van de Geest verlangt, naar de bron Jezus gaat, die nog altijd de enige doper in de Heilige Geest is (lees Joh.1:33). Daar hoeven we echt niet voor naar een beroemde prediker. Mensen die dat wel beweren hebben last van hoogmoed.

Alleen in onze gemeente.
Sommige predikers onderwijzen de mensen wel dat je altijd zou moeten blijven in hun kerk of gemeente, want er is gewoon geen betere te vinden. Op zoek gaan naar een ander geestelijk thuis is in hun visie, altijd tegen de wil van God, om welke reden dan ook. Als men nog verder wil gaan, wordt er soms door die zelfde mensen ook nog geleerd, dat jouw geestelijke bestemming gebonden is aan die ene specifieke gemeente en dat je dus onherroepelijk geplant bent in de lokale gemeente van hun.

Maar feitelijk is dit niets anders dan een vorm van manipulatie, men wil mensen gewoon binden en gebruikt daarvoor soms oneigenlijke argumenten. God heeft alleen het recht ons te leiden, waarheen en wanneer we moeten gaan, of wellicht als we op een plaats moeten blijven. Geen gemeenteleider mag zich dat recht zelf toe-eigenen.

Het ergste is dat de persoon, het vaak niet eens door heeft. Die zal anderen eerder het verwijt maken dat zij jaloers zijn. Vooral geestelijke hoogmoed spant de kroon en kan zelfs zo ver gaan, dat Gods Woord gebruikt wordt om eigen dwalingen goed te praten. Hoogmoedige mensen accepteren geen correctie; ze weten alles beter. Als je bijvoorbeeld met ze praat hebben ze het voortdurend over zichzelf en hun eigen bediening of gemeente, men heeft geen of nauwelijks interesse in anderen. Ze zijn zelfs zó vastgeroest in hun hoogmoed, dat wie niet sterk is, minderwaardigheid wordt aangepraat.

Maar wat zegt de Bijbel?
Maar Bijbels gezien, moeten geestelijke leiders op de eerste plaats vol van Gods Geest zijn en niet van zichzelf. Pas dan zijn ze in staat een gemeente te gaan leiden op Gods manier. Geestelijk leiderschap met een bescheiden en dienstbare geest, zal er ook vanzelf toe leiden dat mensen gaan volgen, niet omdat men moet volgen, maar omdat ze aangetrokken worden. Oprechte nederigheid in geestelijk leiderschap is altijd aantrekkelijk. Mensen willen graag iemand volgen die een voorbeeld voor hen is in dienen. Paulus zegt het zo mooi: “Wees mijn navolgers, zoals ik het ben van Christus” (1 Korinthiërs 11:1).

De Heer Jezus gaf ons het goede voorbeeld tijdens Zijn leven op aarde. Hij was het toonbeeld van nederigheid. Alles wat Hij deed, was erop gericht de Vader te verheerlijken en het welzijn van anderen te bevorderen. Het grootste voorbeeld van nederigheid dat Hij ons gaf, vinden wij in Joh.13. De Heer der heren knielde daar neer en wies de voeten van al Zijn discipelen. Ja, zelfs de voeten van Petrus, die Hem verloochenen zou en van Judas, die Hem verraden zou.

En ja, de Heer Jezus werd ook zelf bediend, denk maar aan Martha, de zuster van Maria (Lucas 10: 38-42), maar toch… Hij zocht dat nooit tijdens Zijn leven hier op aarde. Zijn hartsverlangen was toch altijd om te dienen en om zo een voorbeeld voor ons te kunnen zijn. Lees maar in Marcus 10:45 ‘Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven als losprijs voor velen’.

De Heer is zelfs zo ver gegaan, dat Hij Zijn goddelijks heerlijkheid, had afgelegd om in de gestalte van een dienstknecht op aarde te komen en ons te verzoenen met God, de Vader. Met alleen de wil van God, de Vader en het belang van de mensheid voor ogen, ging Hij door de diepste diepten van eenzaamheid en ellende. Daarom heeft de Vader Hem ook uitermate verhoogd en Hem de Naam boven alle naam gegeven (Filip.2:9).

Jezus was en is ons voor een voorbeeld in dienend leiderschap, zowel voor leidinggevenden onderling als ook ten opzichte van de gemeenteleden. De apostel Petrus schreef hierover het volgende:

‘Hoed Gods kudde waarvoor u de verantwoordelijkheid hebt, houd goed toezicht – niet gedwongen maar vrijwillig, zoals God dat wil, en niet om er zelf beter van te worden maar met belangeloze toewijding. Stel u niet heerszuchtig op tegenover de kudde die aan u is toevertrouwd, maar geef het goede voorbeeld.’ (1 Petrus 5:2-3)

Hoogmoedig leiderschap Dienend leiderschap
Niet corrigeerbaar Geeft fouten gemakkelijk toe
Trekt taken naar zich toe Delegeert gemakkelijk naar anderen
Beroept zich op positie en roeping Altijd bereid om de minste te zijn
Bij verschillen: luistert niet Staat altijd open voor gesprek
Zoekt contact in eigen kring Staat open voor iedereen
Wil alleen zelf leiding geven Wil verantwoordelijkheden delen
Niet traceerbaar, schimmig Transparant en open

Het is beslist belangrijk om onszelf af en toe te onderzoeken, opdat elke wortel van hoogmoed bijtijds uitgerukt wordt. Want de Bijbel zegt in Jakobus 4:6 ‘God wederstaat de hoogmoedigen, maar de nederigen geeft Hij genade.’

Kritiek op geestelijk leiders.
De impact van foutief leiderschap is groot en daarom is het onze plicht, om als geestelijk leider binnen de gemeente open te staan voor opbouwende kritiek, mits het komt van iemand, die te kennen heeft gegeven mee te willen bouwen aan de bediening.

Een goed leider binnen de gemeente staat open voor zelfreflectie en erkend zo nodig ook zijn fouten. Niet alle kritiek is ook hetzelfde als rebellie tegen gezag. Het ligt er maar aan uit welke bron de opmerkingen komen. Als de bron bitter is en vol ergenis, dan zullen onze woorden ook bitter zijn en vol ergenis. Maar dat is duidelijk anders als we vol liefde zijn voor de leider en de gemeente. Een geestelijk leider moet instaat zijn dat van elkaar te onderscheiden.

We mogen zeker niet onze leiders ongenuanceerd aanvallen, dat lezen we in 1 Thes.5:12, 13 en 1 Tim. 5:19-20. Het zijn ook mensen die onze steun en bemoediging nodig hebben. We mogen ze wel in liefde beoordelen, zo nodig corrigeren en aanspreken. Want zoals wij corrigeerbaar moeten zijn, moeten de leiders binnen de gemeente dit ook zijn.

Napraten of opmerkingen maken: KLIK HIER. U krijgt altijd antwoord.

Geplaatst in geestelijk leiders, Hoogmoed | Tags: , | Een reactie plaatsen

Kwaadspreken is niet zo onschuldig als het lijkt.

Door Henk Herbold

Kwaadspreken is niet zo onschuldig als dat sommige christenen denken, maar het is een veel voorkomende zonde en een sluipend kwaad. Christenen kunnen soms erg veel en zelfs harde kritiek hebben op medegelovigen en op de geestelijke leiding van een gemeente. In uiterste instantie kan het gevolg zijn dat mensen beschadigt raken en dat een gemeente scheurt. In feite is dit vreselijk, want een evangelie gemeente heeft juist de heilige opdracht om het licht van Jezus uit te dragen.

In de wereld om ons heen is harde kritiek aan de orde van de dag. Mensen kunnen soms erg onbarmhartig kritiek leveren, maar… het zou onder wederom geboren christenen feitelijk niet moeten voorkomen. Want je mag verwachten dat wederom geboren christenen de vrucht van de Geest voortbrengen (lees Gal 5:22). Helaas zien we dat niet altijd in de praktijk.

Wat zegt de Bijbel over kwaadspreken en elkaar oordelen in Jac.4:11:

“Spreekt geen kwaad van elkander, broeders. Wie van zijn broeder (of zuster) kwaad spreekt of hem (haar) oordeelt, spreekt kwaad van de wet en oordeelt haar; en indien gij de wet oordeelt, zijt gij geen dader, doch een rechter der wet.”

Het woord dat in Jac. 4:11 in het Grieks voor “kwaadspreken” staat, wordt in onze vertaling op twee manieren vertaald. Het wordt vertaald als “kwalijk spreken van” en als “belasteren”.

Het woord dat hier in het Grieks voor “oordelen” staat, betekent “jezelf als rechter opwerpen”. Het oordelen van de medegelovigen houdt dus in dat je meent de bevoegdheid te hebben om als een rechter over iemand te oordelen.

Het woord “kwaadspreken” kun je ook weergeven als “ten nadele spreken van”. Het is op de één of andere manier negatief spreken over medegelovigen, om je eigen gelijk te halen of zelfs om iemand bewust te beschadigen.

Terwijl men in de wereld vaak kritiek uit op politici en allerlei andere leidinggevende mensen, leveren gelovigen soms kritiek over medegelovigen, oudsten en vooral de voorganger of voorgangers. Het lijkt zelfs voor sommigen een aangenaam tijdverdrijf, om tegen andere gelovigen, vooral die ontvankelijk zijn voor negatieve kritiek, te roddelen over de medegelovigen en de leiders in de gemeente.

Kwaadspreken komt voort uit een hoogmoedig hart.
En het erge van alles is, dat veel van die gelovigen zichzelf altijd weer goed praten, omdat ze menen dat hun kritiek gerechtvaardigd is en daarom gaan ze gewoon door met roddelen. Zij zien hoe het echt zit en alle anderen en met name de leiding, ziet het niet goed, feitelijk is het niets anders dan hoogmoed.

Wie kwaadspreekt, heeft niets begrepen van nederigheid en ootmoed die God van ons vraagt als wederom geboren kind van God. Je meet jezelf aan, dat je goed genoeg bent om rechter te zijn over een ander en dat is hoogmoed.

Daar staat tegenover dat de opdracht van God in Jacobus is, om geen kwaad te spreken en elkaar niet te oordelen en het staat in de gebiedende wijs. Het is dus geen verzoek, nee het is een eis van God!

In de hele Bijbel lezen we Gods waarschuwingen over kwaadspreken.
Kennelijk vond God het zo belangrijk om ons hiervoor te waarschuwen, dat de Bijbel er vol van staat.

bible_openLees bijvoorbeeld in Lev. 19:16-18 “Gij zult onder uw volksgenoten niet als een lasteraar rondgaan; gij zult uw naaste niet naar het leven staan: Ik ben de Here. Gij zult uw broeder in uw hart niet haten; openlijk zult gij uw volksgenoot terecht wijzen en niet ter wille van hem zonde op u laden. Gij zult niet wraakzuchtig en haatdragend zijn tegenover de kinderen van uw volk, maar uw naaste liefhebben als uzelf: Ik ben de Here.”

Hier worden enkele belangrijke feiten door de Heer aan ons doorgegeven, namelijk:
– Wie over zijn naaste lastert, staat a.h.w. zijn naaste naar het leven, God ziet het dus op dezelfde manier. De lasteraar is schuldig aan een zonde en wie in zijn hart (dus niet eens openlijk zijn) broeder haat, is schuldig aan dezelfde zonde. Nu kan het makkelijk zo zijn dat er geen sprake is van haat. Maar harde kritiek leveren met als doel iemand onderuit te halen is niet bepaald een teken van liefde, eerder van afkeer en dit kan spoedig op haat overgaan.

– In Psalm 34 horen wij David zeggen: “Bewaar uw tong voor het kwade en uw lippen voor het spreken van bedrog; wijk van het kwade en doe het goede, zoek de vrede en jaag die na.” (Psalm 34:11-14)

David had een grote hekel aan mensen die lasterden. In Psalm 101 laat hij dit weten: “Wie zijn naaste heimelijk lastert, die zal ik verdelgen; wie hoog van ogen en trots van hart is, die duld ik niet.” (Psalm 101:5)

Het boek Spreuken staat: “Wie laster verspreidt, is een dwaas.” (Spr. 10:18)

Het boek Spreuken waarschuwt ons ook voor de roddelaar: “Wie als lasteraar rondgaat, openbaart geheimen; laat u dus niet in met een loslippige.” (Spreuken 20:19)

De Heer Jezus Zelf heeft ook gewaarschuwd om niet mee te doen aan het bekritiseren van anderen. Hij zegt in (Matth.7:1-5):

“Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt; want met het oordeel, waarmede gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden, en met de maat, waarmede gij meet, zal u gemeten worden. Wat ziet gij de splinter in het oog van uw broeder, maar de balk in uw eigen oog bemerkt gij niet? Hoe zult gij dan tot uw broeder zeggen: Laat mij de splinter uit uw oog wegdoen, terwijl, zie, de balk in uw oog is? Huichelaar, doe eerst de balk uit uw oog weg, dan zult gij scherp kunnen zien om de splinter uit het oog van uw broeder weg te doen.”

De apostel Paulus schreef ongeveer hetzelfde:

“Wie zijt gij, dat gij eens anders knecht oordeelt? Of hij staat of valt, gaat zijn eigen heer aan. Maar hij zal staande blijven, want de Here is bij machte hem vast te doen staan. Gij echter, wat oordeelt gij uw broeder? Of ook gij, wat minacht gij uw broeder? Want wij zullen allen gesteld worden voor de rechterstoel Gods. Zo zal dan een ieder onzer voor zichzelf rekenschap geven aan God. Laten wij dan niet langer elkander oordelen, maar komt liever tot dit oordeel: uw broeder geen aanstoot of ergernis te geven.” (Rom. 14)

Adviezen voor alle christenen

Wat moeten we doen als we regelmatig te maken hebben met kwaadspreken, roddelen of zelfs lasteren en we willen er feitelijk niet aan mee doen.

  • Vraag u elke avond af of u vandaag meegedaan hebt om over iemand kwaad te spreken of er ook maar naar geluisterd hebt.
  • Realiseer u, dat God hoort en ziet of u kwaadspreekt over anderen of tegen anderen of luistert naar het kwaadspreken dat anderen doen.
  • Realiseer u, dat God u niet kan zegenen als u zich opwerpt als een rechter van anderen en dat het gewoon een zonde is.
  • Realiseer u dat het verhaal altijd eenzijdig is en door de verteller is ingekleurd om het zo mooi mogelijk te maken. Geloof dus niet klakkeloos wat anderen u vertellen.
  • Belijd zo nodig uw zonde aan God, beloof Hem het niet meer te zullen doen en waarschuw voortaan anderen als zij kwaadspreken bij u in de buurt. Luister gewoon niet meer naar kwaadsprekerij, breng het gesprek naar een ander onderwerp of ga weg.
  • Indien door uw kwaadspreken anderen beschadigt zijn, dan zou u het ook aan de betreffende persoon of personen moeten belijden (Matth. 5:23-24), tenminste als we willen dat God ons zal vergeven.

Hoe zou u ‘Bijbels gezien’ moeten reageren als…..?

  • ….u het ergens niet over eens bent in de gemeente waar u komt?
  • of… u ergert zich aan uw broeder of zuster in de gemeente.
  • of… u denkt oneerlijk behandeld te zijn door iemand in de gemeente.
  • of… u vindt dat u gelijk heeft en… u krijgt het niet…….of….of….

Hier volgen weer wat adviezen:

  1. In ieder geval niet te snel reageren, maar.. eerst nadenken en in gebed gaan (Jac.1:19).
  2. Praat er in ieder geval ‘niet eerst’ met de anderen mensen in de gemeente over, maar ga liever rechtstreeks naar de persoon toe (Jac.4:11).
  3. Realiseer u, dat u zelf ook niet volmaakt bent. Heb daarom wat geduld met elkaar, gun elkaar wat tijd.
  4. Als u er toch over wil spreken, bepaal u dan alleen bij de feiten, dus….haal niet direct alles uit het verleden erbij.
  5. Bid voor elkaar en zo mogelijk ook met elkaar, juist… als u het niet eens bent, de Heilige Geest kan daardoor Zijn werk in ons doen. Vraag u tegelijk af…is het wel echt zo ernstig is als het lijkt (denk aan de balk en de splinter uit Matth. 7).
  6. Realiseer u… dat God zelfs onze verschillen kan gebruiken, om aan uw karakter te werken. Tenminste zullen we verdraagzaamheid leren, zo bezien is het dus winst voor u.
  7. Realiseer u ook dat er nog geen volmaakte mensen bestaan. U bent zelf ook nog niet volmaakt en daarom zullen er ook nog geen volmaakte gemeenten zijn.

Misschien wilt u hier nog over napraten? Dat kan KLIK HIER.

Geplaatst in gemeente | Tags: | Een reactie plaatsen

Over grootverdieners in de gemeente van de Heer. Wat zegt de Bijbel?

Door Henk Herbold

(Nieuws – 2018)
Een Amerikaanse televisie dominee, vraagt 50 miljoen van zijn volgelingen om een nog sneller vliegtuig te mogen kopen. Hij zegt, dat God hem dat ingefluisterd heeft. Want… als Jezus nu op aarde zou wandelen, dan zou Hij ook een eigen vliegtuig nemen in plaats van een ezel.

Graai cultuur in de wereld.
Een bankdirecteur in ons land krijgt bijna een loonsverhoging van vijftig procent. De kranten staan er weer vol van, de verontwaardiging is groot (Maart 2018).

Al jaren ergert iedereen in ons land zich groen en geel aan de graaiers in de (semi) publieke sector. Dikke salarissen en bonussen voor topbestuurders worden betaald. Al te vaak worden ook nog ‘wanprestaties’ van bestuurders beloond met een bonus of een gouden handdruk, dit alles noemt men de ‘graai cultuur’. Het gaat vaak om mensen die feitelijk al genoeg hebben en toch steeds meer willen.

Helaas komen we ook in het evangelie werk, beroemde predikers tegen die een zeer luxueus leven leiden. Men vraagt zich terecht wel eens af, of het allemaal nog in redelijke verhoudingen staat tot de boodschap van het evangelie, die toch een sobere levensstijl voorstaat.

Het staat echt in de Bijbel, lees maar 1 Tim.6:8-10 “Als wij voedsel en kleding hebben, zullen wij daarmee tevreden moeten zijn….”

Er zijn echter bekende evangelie dienaren in de wereld, die deze boodschap van de apostel Paulus absoluut niet serieus nemen. Ze leven namelijk op het niveau van een beroemde filmster. Men bezit verschillende landhuizen, bungalows, villa’s, zwembaden, landgoederen van velen miljoenen, dure auto’s, privé vliegtuigen, een luxe jacht etc. etc.. Ze weten hun publiek heel handig te bespelen, waardoor mensen soms zelfs leningen afsluiten, of hun hypotheek verhogen, alleen om een grote som geld te geven aan de evangelist. Met als gevolg, men leeft zelf in weelde, maar de mensen die hun steunen moeten soms jarenlang het geleende geld weer terugbetalen. Je kunt je afvragen of God wil dat mensen die het evangelie prediken, op deze manier rijk worden.

Begrijp ons alstublieft niet verkeerd. Het is goed als dienaren van God het niet arm hebben en zich een normaal bestaan kunnen veroorloven. Maar dat is totaal iets anders dan rijk worden van de financiële offers van de mensen. Daarvoor zijn de giften van deze mensen die het evangelie werk willen steunen, zeker niet bedoeld geweest.

God heeft niets tegen rijkdom.
Nu klinkt het wellicht wat tegenstrijdig, maar toch heeft God niets tegen rijk zijn. Ook Abraham, Izaäk en Jakob waren zeer rijk. Salomo was rijk en als hij gezegend wordt door God wordt hij zelfs nog rijker. Dat was ook typisch voor het Oude Testament: de zegen van God is heel concreet, je wordt gezegend met schapen en runderen, met ezels en kamelen.

Maar Jezus, was Jezus dan rijk? Jezus was zeker niet rijk aan aardse goederen. Sommige evangelie predikers beweren van wel, maar daar is geen enkel Bijbels bewijs voor. Nee, Hij had geen bezittingen en streefde daar ook niet naar. Jezus zegt in Mat.8:20, dat Hij nog geen steen had om Zijn hoofd op te leggen. Ondanks dat had Jezus geen gebrek, omdat Jezus toegang had tot Gods voorziening. Hij had zelfs voortdurend meer dan genoeg over, om uit te delen aan mensen in nood die Hij tegenkwam. Hij was in staat de 5.000 te eten te geven met 2 broden en 5 vissen, omdat Hij toegang had tot de bronnen van voorziening. Dat is feitelijk de echte rijkdom. Een kind van God wat in navolging van Jezus, leert te leven vanuit Gods voorziening, zal ook nooit gebrek hebben. God is instaat om ons te geven wat we nodig hebben en daar bovenop nog meer, zodat we genoeg hebben om te delen met de armen.

De Bijbel wijst het hebben van veel geld dus niet af, maar wel de geldzucht. In 1 Tim.6:9 heeft de Bijbel het over mensen die graag rijk willen worden. “Maar wie rijk willen zijn, vallen in verzoeking, in een strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerten, die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang.”

Welvaart, vloek of zegen?
Als we dit lezen kunnen we ons afvragen, is de welvaart dan niet een gevaar voor christenen? Maakt het ons niet hard en koud en individualistisch? Men zegt wel eens, hoe welvarender mensen zijn, hoemeer men denkt God niet meer nodig te hebben. “We hebben het dan te goed” zeggen mensen wel eens. Maar de welvaart op zich is natuurlijk niet de boosdoener: daar kun je ook blij mee zijn en dankbaar voor zijn. Maar de zucht naar meer welvaart, meer, beter, hoger, duurder. Dat noemt Jezus in de gelijkenis van de zaaier “het bedrog van de rijkdom” (Marcus.4:19).

Is er dan wat mis met geld? En… is er wat mis met mensen die rijk zijn? Is er wat mis met de mensen die op de lijst van Quote staan? Ik kan u verzekeren, volgens de Bijbel helemaal niks.

De Bijbel waarschuwt dus alleen voor de onbeheersbare zucht naar geld, dat leidt ons verder van God af. In 1 Tim.6:10 staat: “Want geldzucht is een wortel van alle kwaad. Door daarnaar te verlangen, zijn sommigen afgedwaald van het geloof, en hebben zich met vele smarten doorstoken.”

Veel christenen lezen deze tekst echter zo: “Want het geld is de wortel van alle kwaad”. Maar het Woord van God heeft nooit gezegd dat geld de wortel zou zijn van alle kwaad, maar wel het onbeheersbare verlangen ernaar. Het geld heeft van zichzelf geen vermogen goed of kwaad te doen. Het zijn de handen waar het in terecht komt die er kwaad of goed mee kunnen doen. Want natuurlijk, wij hebben geld nodig om normaal, goed te kunnen leven. We hebben o.a. geld nodig om zending en evangelisatie te ondersteunen. We doen alles met geld.

Maar, het geld in de handen van een kind van God moet gezien worden als een instrument om God te verheerlijken en nooit om er alleen zelf beter van te worden. Onze financiën kunnen beslist een zegen zijn voor de uitbreiding van het Koninkrijk van God en daar houdt de duivel niet van!

Maar hier volgt toch een waarschuwing!!
Aan de andere kant mogen leiders in het evangelie niet uit zijn op grote winst, met als doel zichzelf te verrijken. Sterker nog, een dienaar van God heeft ook nog een voorbeeld functie in de gemeente van de Heer en dient daarom beslist geen overdreven luxe leven te leiden. Voorgangers mogen de inkomsten (c.q. vergoedingen) uit hun evangelie werk, zeker niet als een soort bijverdienste zien en nog minder, als een manier om rijk te worden. De giften van mensen zijn daar zeker nooit voor bedoeld geweest, maar ze zijn daarin tegen aan God gegeven.

Hier volgt tevens een belangrijke opmerking over een veel gehoord misverstand. Soms vergelijken evangelie predikers met een grote bediening, zich met mensen in de zakenwereld. Men meent dan dat ze door de groei van hun bediening, automatisch ook recht hebben op een grotere beloning. Maar… evangelie dienaren zijn Bijbels gezien, zeker niet te vergelijken met zakenmensen in de wereld, die door slim zaken doen grote winsten maken. Dat kan men zeker niet zo direct vergelijken met de groeiende inkomsten van een grote gemeente. Want als er meer geld binnen komt, dan is dat niet bedoeld voor meer luxe, maar om nog meer mogelijkheden te hebben om de armen te helpen of om te investeren in zending. In ieder geval zal elke dienaar van God voorzichtig moeten zijn, met wat hij of zij voor zichzelf nodig denkt te hebben. We zullen ook wat dat betreft, rekenschap moeten afleggen bij God.

De geest van armoede.
Sommige welvaart predikers maken het wel heel bont. Men beweert dat mensen die arm zijn bevrijdt moeten worden van de geest van armoede. Men zegt bijvoorbeeld dat christenen die veel tweedehandspullen hebben en zo goedkoop en sober mogelijk moeten leven, niet naar de wil van God leven, want God wil dat we rijk zijn. Daarvoor wordt uit de Bijbel aangehaald, de zegeningen en vloeken die in Deuteronomium 28 worden beschreven. Daar beloofd God namelijk aan Israël o.a. gezondheid, succes in de oorlog (letterlijk), vruchtbaarheid, goede oogsten, etc..

Maar… dit is niet letterlijk op deze aardse manier over te zetten in het Nieuwe Testament, want de zegeningen van de gemeente zijn nu in de eerste plaats hemels en niet aards. In het onderwijs van de apostelen wordt ons nergens welvaart, vruchtbaarheid, overwinning in oorlogen, gezondheid en dergelijke zaken toegezegd. In Christus zijn wij in de eerste plaats met allerlei geestelijke zegeningen gezegend. Lees daarvoor Efeze 1:3 lezen we “Gezegend zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, die ons met allerlei geestelijke zegeningen in de hemelse gewesten gezegend heeft in Christus.”

Er is ook geen enkele Bijbelse grond om aan te nemen dat er zo iets bestaat als een ‘geest van armoede’ die uitgedreven zou moeten worden. Deze vorm van evangelie prediking is misleidend en pijnlijk voor mensen die om welke reden dan ook in armoede leven. We hebben zelf de armoede gezien in Brazilië en in Oost Europa, want we zijn er meerdere malen geweest. Als we er even over nadenken dan is het dwaas om te zeggen, dat al die miljoenen mensen die nauwelijks genoeg hebben voor één maaltijd per dag, bezet zijn door een geest van armoede.

Delen met de armen.
Mochten we zelf materieel gezegend zijn door de Heer, dan geeft God ons dat niet opdat we er maar zoveel mogelijk zelf van zullen genieten. Als we de Bijbel lezen dan komen we tot de ontdekking dat God niet wil dat we als christenen niets doen om anderen te helpen en dus alleen maar voor onszelf leven. Lees daarvoor o.a. 1 Joh.3:17 “Hoe kan Gods liefde in iemand blijven die meer dan genoeg heeft om van te bestaan, maar zijn hart sluit voor een broeder of zuster die hij gebrek ziet lijden?”

We kunnen er niet omheen, dat er de laatste jaren steeds meer mensen in ons land, in de financiële problemen zijn gekomen, onder andere door de economische crisis en de bezuinigingen door de overheid. Je zult je baan maar verliezen en na heel veel sollicitaties toch geen succes hebben. Dan kan armoede zomaar op loer liggen. Maar het zijn niet alleen mensen zonder werk die in armoede leven, ook een groeiend aantal mensen met een baan komt met het verdiende loon niet boven de bijstandsnorm uit en leeft in armoede.

Langzaam maar zeker zullen we ook als christenen ons bewust moeten worden, dat we meer naar elkaar om moeten gaan zien en vooral ook moeten gaan delen, in plaats van alles alleen voor onszelf te gebruiken. De eerste christengemeente is daarin voor ons een geweldig voorbeeld. Degene die voldoende hadden, deelden uit aan de wie het armer hadden en daarom waren er ook geen armen meer in die gemeente, lees Hand. 4:34-35, ‘Niemand onder hen leed enig gebrek: wie een stuk grond of een huis bezat, verkocht het, bracht de opbrengst naar de apostelen en legde die aan hun voeten neer, waarna het geld naar behoefte onder de gelovigen werd verdeeld’.

Een ander voorbeeld vinden we in het leven van Paulus. Hoewel hij het recht had om volledig van het evangelie te leven (1 Kor.9:11,12), koos hij er toch voor om in zijn eigen onderhoud voorzien, door hard te werken met zijn handen. Hij maakte tenten en verkocht die. Hij werkte zo hard omdat hij graag wilde geven aan de armen.

Dit zegt hij o.a. bij zijn afscheid van de oudsten van de gemeente van Efeze. Lees Hand. 20:35: ‘‘ ….U weet dat ik met eigen handen voorzien heb in mijn levensonderhoud en in dat van mijn metgezellen. Door mijn hele gedrag heb ik u laten zien dat het onze plicht is zo hard te werken dat we de armen kunnen helpen, gedachtig aan de woorden van de Heer Jezus, geven maakt gelukkiger dan ontvangen’.’

In 1 Thes. 2:9 schrijft Paulus ook nog het volgende: “Toen we bij u waren, hebben we ons dagelijks werk niet verwaarloosd en op niemands kosten geleefd. Integendeel, we hebben ons ingezet en ingespannen, dag en nacht hebben we gewerkt om niemand van u tot last te zijn”. Hieruit kun je in elk geval de conclusie trekken dat het niet verkeerd is om als dienaar van God gewoon in de maatschappij te werken en geld te verdienen, zodat je zelf in het levensonderhoud kunt voorzien. Daarmee is er meer ruimte om anderen te helpen die het moeilijk hebben.

Waarom kan rijkdom je ook bedriegen?
Omdat je gaat denken dat het daar om draait in je leven. Door alles wat we door de media te zien krijgen, gaan met name jongemensen vaak denken dat je pas gelukkig bent als je geld op de bank hebt staan. Maar dat is een leugen, het is ‘het bedrog van de rijkdom’. Dat is wat je ziet bij de reclame, zogenaamd gelukkige mensen die de jackpot hebben gewonnen. Het heeft echter niets met echt geluk te maken en hoe gek of het ook klinkt, het kan je ook diep ongelukkig maken.
Ergens weten we het ook wel. De gelukkigste momenten van ons leven hadden vaak niets met geld en goed te maken, maar veel meer met de mensen om ons heen die van ons houden en bovenal, de keren dat we ons bewust werden van de grote liefde van God die vrede in ons hart gaf en de rijkdom van de vergeving van onze zonden. Dat is het eigenlijke bedrog van de rijkdom, dat ze je voorbij laat zien aan deze kostbare momenten en je wijs maakt dat je pas gelukkig bent met dat miljoen op de bank.

Natuurlijk moet ik het even nuanceren. Mensen die heel weinig geld te besteden hebben, kunnen het heel moeilijk hebben. Het valt ook niet mee als men elke maand te kort komt en soms wakker ligt van schulden. Maar aan de andere kant kunnen we er niet aan voorbij gaan, dat wij in ons land nog altijd in een rijk en welvarend land leven, al zal iedereen dat niet met me eens zijn. De moeilijkheden die ontstaan door schulden, komen in veel gevallen (ik zeg niet in alle gevallen) door een te royale levensstijl. Omdat te begrijpen zou men over de grenzen gekeken moeten hebben. Mensen die b.v. de armoede in sommige Oost Europese landen gezien hebben (zie foto), zullen over het algemeen wat anders aankijken tegen de westerse levensstijl die we hier hebben.

Is het dan verkeerd om van uw geld te genieten?
Beslist niet. Het is een misverstand dat de God van de Bijbel een zuinige en karige God is, die het ons niet gunt dat we genieten en die, als wij iets leuk vinden, bedenkelijk gaat kijkt.
Er is maar één voorwaarde bij God als het hier om gaat. We hebben alles wat we bezitten niet alleen maar ontvangen om voor onszelf te besteden.
In 1 Tim. 6:17,18 wordt het in een adem gezegd: God geeft ons alle dingen rijkelijk om van te genieten en maar ook om ‘rijk te zijn in goede werken’, vrijgevig en mededeelzaam.
“Hun, die rijk zijn in de tegenwoordige wereld, moet gij bevelen niet hooghartig te zijn, en hun hoop gevestigd te houden niet op onzekere rijkdom, doch op God, die ons alles rijkelijk ten gebruike geeft, om wel te doen, rijk te zijn in goede werken, vrijgevig en mededeelzaam.”

Dat hoort bij elkaar. God vraagt niet van mij dat ik mij vanwege het ongelukkige lot van mij medemens nooit meer gelukkig kan voelen. Daar help ik mijn naaste niet mee. Geniet van wat je gekregen hebt en laat anderen volop meegenieten. Dat is de Bijbelse levensstijl.

Misschien wilt u er over doorpraten, voelt u vrij om te reageren, klik hier

Geplaatst in Afgod, Eindtijd, geestelijk leiders, geld, geldzucht, gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen