Auteursarchief: HH

Over HH

Our desire is to preach the gospel of God's love in different ways. Also we would like to help other people, if you are in trouble or you need advice.

Geestelijk leiders moeten ook open staan voor correctie.

We krijgen er allemaal in de christen gemeente mee te maken. Iedereen staat in feite bloot aan kritiek en wel het meest geldt dit voor degene die iets doen in de gemeente. Gemeenteleiders zullen er daarom zeker mee te maken krijgen en op dit punt spreken we zelf ook uit ervaring. Welke beslissing een voorganger, oudste of welke andere gemeente leider of leidster ook neemt, er zullen altijd voor- en tegenstanders zijn. Onze ervaring is dat je het feitelijk nooit iedereen naar het zin kan maken, hoe goed je je best ook doet. Maar uiteindelijk gaat het daar ook niet om, maar veel meer om de verheerlijking van de naam van Jezus in de gemeente en niet dat iedereen gelijk krijgt.

Kritiek kan ook opbouwend zijn.
De Bijbel zegt: “Daarom, wie denkt te staan, laat hij oppassen dat hij niet valt.”( 1 Kor.10:12). Mensen die zich afsluiten voor de mening van anderen, zijn gevaarlijke mensen in het leiderschap. Leiders die zich afsluiten voor kritiek van medewerkers of collega’s in de dienst van God, ervaren kritiek meestal als een aanval in plaats van een mogelijke aanvulling en verrijking. Een van de kenmerken van geestelijk leiderschap is juist het vermogen om Gods leiding te verstaan door middel van de bijdrage die uit de groep om je heen komt.

Door de doop in de heilige Geest heeft iedere christen de inwoning van de Geest Gods in zich. Door de werking van de Geest in ons, kan dus elke gelovige Gods leiding ervaren. Het is m.a.w. geen exclusief voorrecht voor één leider. Om die reden is het juist een zegen als een leider voor opbouwende kritiek open kan staan en er op een geestelijke wijze zijn voordeel er mee doet; uiteraard alleen als kritiek uit de juiste bron voort komt en niet b.v. uit een bitter hart of uit jalousie.

Kritiek kun je echter alleen accepteren, als je ook bereid bent open en eerlijk te zijn als het gaat om de dingen die verkeerd gaan en niet voortdurend bezig bent je eigen fouten zoveel mogelijk te verdoezelen. Natuurlijk, de leider is geroepen een voorbeeld te zijn, maar hij hoeft niet te pretenderen dat hij de perfectie op aarde is. In het leven van alledag zijn die mensen die denken nooit fouten maken juist niet geloofwaardig. Deze mensen lijken zo ver verwijderd van de strijd die de meesten van ons dagelijks voeren, dat we ons daar niet in herkennen. We kunnen ons veel beter identificeren met iemand die evenals wij, verzoekingen kent en het daar soms moeilijk mee heeft. Een leider komt wel vaker in de verleiding om zijn fouten te bedekken. Daarom kan hij het beste onmiddellijk zijn falen onder ogen zien en vergeving vragen als dat eventueel nodig is. Daarmee zal hij juist nog meer een voorbeeld zijn voor anderen.

Maar er zijn ook mensen die fouten zoeken.
Het is vooral voor gemeente leiders van groot belang dat we niet te overgevoelig zijn, als anderen kritische opmerkingen maken. Niemand is echt ongevoelig voor kritiek, maar overgevoeligheid op dit punt kan ons totaal verlammen en is feitelijk niets anders als ons eigen ik, wat te snel beledigd is.

En ja, er zijn ook mensen die voortdurend naar foutjes zoeken. Dat zijn vaak degenen die zelf aan de kant staan en die het beste weten hoe anderen zouden moeten handelen. Heel vaak heeft men het over de splinter in het oog van de ander en men vergeet daarbij de balk in eigen oog (Lees Mat.7:3-5). Daar komt nog bij, dat mensen die niet wezenlijk iets bijdragen aan de gemeente, zelf veel minder zichtbaar zijn en dus krijgen ze zelf ook zelden kritiek. Het is tragisch, maar sommige mensen doen uit angst iets verkeerds te doen, maar helemaal niets meer, omdat men gewoon bang is voor kritiek.

Maar de man die uit angst om fouten te maken niets uitvoerde, werd door de Heer echter zwaar veroordeeld. In Mattheüs 25 lezen we dat tot de man die zijn talent in de grond stopte, gezegd werd: ‘Jij luie en nutteloze slaaf.’ In Efeze 4:16 lezen we ook over het lichaam van Christus, waarvan alle onderdelen als een welsluitend geheel bijeengehouden moet worden door de dienst van al zijn geledingen. Dus door hetgeen wij allemaal persoonlijk kunnen bijdragen, omdat we allemaal organen zijn van dat zelfde lichaam van Christus.

We weten dat we geen van allen nog volmaakt functioneren en dus dat betekent dat er best nog wat te corrigeren valt aan ons. Als dienaren van God zullen we ons hart erop moeten zetten, de Heer te dienen op de beste manier die voor ons mogelijk is, maar toch zullen er altijd dingen zijn die nog onvolkomen zijn.

Kritiek, wat doen we er mee?
Maar wat doen we er mee, als andere mensen kritiek hebben? Moeten we er naar luisteren en ons er door laten beïnvloeden, of moeten we kritiek maar gewoon laten voor wat het is? En wat te doen als wij anderen fouten zien maken en wij dus zelf kritiek hebben op medebroeders en zusters? Moeten we onze op- en aanmerkingen dan maar voor ons houden, of moeten we hen er op aanspreken? Het is zeker eenvoudiger om de ander maar gewoon niet te confronteren met zijn misstappen, maar ook dit kan van liefdeloosheid getuigen. Omdat we dan uit angst voor weerstand onze mond maar houden en toelaten dat die ander een verkeerde weg op gaat. Beter is het om God te bidden om de juiste woorden en de juiste gesteldheid van ons eigen hart en vooral ook het juiste moment waarop we de dingen zullen zeggen die op ons hart zijn.

We zullen ook zelf altijd moeten luisteren naar kritische opmerkingen, wanneer ze voortkomen uit liefde en bewogenheid, ongeacht of we het er mee eens zijn. Tenminste zouden we hetgeen ons in liefde gezegd is, biddend kunnen overdenken. Mogelijk dat Gods Heilige Geest ons toch duidelijk maakt dat ons eigen inzicht onjuist is en dat we dingen moeten veranderen. Sta er in ieder geval voor open en besef dat we altijd anders naar onszelf kijken dan anderen naar ons.

Je bent broeders en zusters en je vormt samen een geestelijk gezin. Je kent elkaar en ook vaak elkaars zwakke punten. In een gezin zal zeker ook over verkeerde dingen gesproken worden. Maar door de liefde weet degene die het treft, dat zijn familieleden hem vanwege zijn zwakheden nooit zullen laten vallen. Het gezin waar hem zijn fouten getoond worden, wordt dus ook zijn schuilplaats en zou zo het moeten zijn in de gemeente van de Heer.
Lees verder

Advertenties
Geplaatst in gemeente, leiders | Tags: , | Een reactie plaatsen

Kinderen hebben een belangrijke plaats in de gemeente.

Jezus had special liefde en aandacht voor het kind. Hij sloot ze zeker niet uit in Zijn bediening, maar had juist aandacht en tijd voor ze. Om die reden zullen ook wij aandacht en tijd voor ze moeten hebben, willen we tenminste dat onze kinderen via ons de Heer Jezus leren kennen. God vindt het absoluut van het hoogste belang, dat wij ons best doen om Zijn Woord in de harten en gedachten van onze kinderen te brengen, zodat ze een eigen keus kunnen maken om God lief te hebben en te dienen. In Deuteronomium 6:5-7 staat dat we onze kinderen voortdurend en op verschillende manieren moeten vertellen, dat het belangrijk is om God lief te hebben.

“Daarom zult u de Here, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht. Deze woorden, die ik u heden gebied, moeten in uw hart zijn. U moet ze uw kinderen inprenten en erover spreken, als u in uw huis zit en als u over de weg gaat, als u neerligt en als u opstaat”.

Uiteraard kan dat alleen als we ook zelf in het dagelijks leven laten zien, dat Gods woorden belangrijk voor ons zijn, dat we Hem liefhebben en dus willen dienen. Kinderen zien al heel snel of iets echt is of namaak.

Ouders zijn het voorbeeld.
Laten we ook niet vergeten dat het kind zich meestal spiegelt in zijn ouders. De kinderen van nu zijn al heel jong slim genoeg, om het gedrag van hun ouders door te hebben. Het is dus moeilijk kinderen iets te leren waar we zelf nog fout in gaan. Kinderen imiteren nu eenmaal vaak het gedrag van volwassenen. Het is belangrijk dat we eerlijk zijn tegenover onze kinderen, dat we zonodig toe te geven dat iets fout is en dat we ook bereid zijn om vergeving te vragen. Dat we ons daar als ouders niet te groot voor voelen.

Kinderen zijn heel snel, in het aanleren van de dingen die ze om zich heen zien. Ouders zijn nu eenmaal een voorbeeld voor hun kinderen zowel in goede als verkeerde zaken. Kinderen hebben dus niet alleen onderwijs nodig, ze willen het evangelie zien en wel in de eerste plaats van hun gelovige ouders.

Een kinderclub of kinderkerk is daarbij bijzonder waardevol en mag zeker niet een soort kinderopvang zijn tijdens de samenkomst, zodat de volwassenen maar geen last van ze hebben. Het is juist een ideale gelegenheid om de kinderen geestelijk voedsel te geven, waar ze wat mee kunnen. Want kinderen willen zoveel mogelijk echtheid, dus niet alleen mooie verhalen, maar we moeten ze tegelijk vertellen ‘wat ze er praktisch mee kunnen’.

De gemeente van morgen.
Het wordt nog wel eens gezegd over de kinderen in de gemeente: ‘de kinderen zijn de gemeente van morgen’. De bedoeling is goed, want men wil daarmee aangeven dat ze belangrijk zijn en dat ze recht hebben op een plaats in ons midden en onze aandacht. Maar… kinderen zijn niet de kerk van morgen, maar van nu! Zij leven vandaag en maken zelfs het belangrijkste deel uit van de gemeente. Want een gemeente die geen tijd en aandacht heeft voor kinderen, zal langzaam maar zeker haar frisheid verliezen en sterft vroeg of laat uit. Als dus het geluid van blije zingende kinderen niet meer gehoord wordt in de gemeente, dan wordt het wel rustiger, maar die rust is juist gevaarlijk. Want als er geen kinderen meer zijn, zal de gemeente vroeg of laat verdwijnen. Ook in Jezus dagen, toen Hij bijvoorbeeld Jeruzalem binnen reed op een ezelin, waren het juist de kinderen die stonden te juichen en Hem toezongen. (Mat.21:15,16). De toenmalige geestelijk leiders ergerde zich er aan, maar Jezus dacht daar duidelijk anders over.

Het is ook heel begrijpelijk dat ouders met jonge kinderen een gemeente zoeken waar de kinderen het naar hun zin hebben. Dat is beslist niet verkeerd, want als je kinderen niet aangesproken worden en er geen aandacht voor ze is, dan zullen ze op een dag afhaken en dat willen we als ouders niet. Het is juist belangrijk dat ze tot bekering komen en de Heer Jezus leren kennen.

Kinderen en bekering.
Zodra kinderen tot besef van goed en kwaad komen, is er feitelijk geen verschil meer met volwassenen, ik bedoel als het gaat om hun behoudenis. In elk kind is al heel vroeg een hang naar belangrijk zijn, gezien worden en veiligheid. De wereld probeert hen te leren dat ze het zullen krijgen door bij ‘de groep’ te horen. Vooral op school speelt dat een belangrijke rol. Die drang om er bij te mogen horen, kan ze op een bepaalde leeftijd heel gemakkelijk verleiden, zodat geld, drugs, seks invloed op ze krijgen. Want wat de groep doet is dan bepalend. Laten we niet vergeten dat de duivel hun gedachten waarschijnlijk nog veel meer probeert te beïnvloeden, dan die van volwassenen. Maar het wordt anders als ze Jezus liefde op jonge leeftijd hebben leren kennen. Dan zullen ze er voor kiezen om Hem lief te hebben en te volgen en niet te doen wat de groep wil.

In ieder geval moeten kinderen net als volwassenen, zich bekeren en opnieuw geboren worden. Lees 2 Korintiërs 5:17 “Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping, het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden”.

Er wordt wel eens gezegd dat kinderen van gelovige ouders vanzelf in de hemel komen. Het is alleen de vraag of dat Bijbels gezien altijd zo is? Vaak wordt door christenen de tekst aan gehaald uit Handelingen 16:31, waar Paulus tegen de gevangen bewaarder zei: “Stel uw vertrouwen op de Heer Jezus en gij zult behouden worden, gij en uw huis.”

In dat verhaal wordt de gevangenbewaarder, samen met zijn hele gezin gedoopt, dus je kunt ook zeggen dat het gehele gezin tot geloof in de Heer Jezus kwam, vader, moeder en kinderen. Maar wat bedoelde Paulus precies met de woorden “gij zult behouden worden, gij en uw huis”? In ieder geval kan er nooit uit begrepen worden dat onze kinderen zich niet zouden behoeven te bekeren, want ook de gevangenbewaarder en zijn hele gezin bekeerden zich.

Natuurlijk, gelovige ouders mogen hun vertrouwen op God stellen. Hun nog jonge kinderen zijn in Gods hand. En als ouders blijven bidden voor hun kinderen, mogen ze er op vertrouwen dat hun kinderen behouden zullen zijn, tenminste zolang ze nog niet instaat zijn om zelf een eigen keuze voor Jezus te maken. Tevens mogen ze ook weten dat God aan hun kind zal blijven werken, zodat het vroeg of laat tot bekering zal komen. Maar bekering… is geen automatisme, het geloof is geen erfgoed, kinderen erven het niet van hun vader of moeder.
Lees verder

Geplaatst in kinderen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Stress, overspannenheid en burn-out bij geestelijk leiders.

Stress, lijkt wel een kwaal van de hedendaagse maatschappij, het komt steeds meer voor en helaas ook onder geestelijk leiders.
Voor een deel is de oorzaak vaak heel praktisch, namelijk men heeft geen normale werkdagen. Je denkt 24 uur per dag en 7 dagen per week beschikbaar te moeten zijn en er is dan geen tijd voor ontspanning en weer opladen. Je hebt ook het gevoel dat er steeds meer van je wordt geëist, bijvoorbeeld omdat er in de gemeente te weinig mogelijkheden zijn om taken te delegeren naar anderen. Daarbij heb je vaak zelf ook niet tijdig je grenzen aangegeven, je ging maar door. Soms is de waardering die ieder mens nodig heeft, ook ver te zoeken. Mensen uiten vaak gemakkelijker kritiek dan een waarderend woord en op een dag voel je je uitgeput, of opgebrand. Je krijg moeite om te bidden omdat je je gedachten niet meer kan concentreren op God en je kunt geestelijk gewoon niet veel meer hebben. Het werk wat je nog doe in de gemeente, gebeurd op de automatische piloot en niet meer vanuit de rust en inspiratie die Jezus je kan geven.
Aanhoudende periodes van stress, kunnen ook grote gevolgen hebben. Soms leidt het tot een burn-out, met als gevolg chronische vermoeidheid, depressies en slaapstoornissen. Het kan je als geestelijk leider beslist overkomen, dat je met alles moet stoppen, alleen maar vanwege genoemde klachten. Je bent dan volledig uitgeschakeld en dat is precies wat satan wil. Mocht het je al zijn overkomen, dan heeft de Heer een boodschap voor je. Hij wil je volledig herstel en zegt in Jesaja 29: 11 ‘Want Ik weet, welke gedachten Ik over u koester, luidt het woord des Heren, gedachten van vrede en niet van onheil, om u een hoopvolle toekomst te geven’.
Praktijkvoorbeeld.
We hebben zelf in de loop van onze bediening met veel mensen hierover gesproken en zeker ook met leiders die zich opgebrand voelde. Door onze jaren lange ervaring, weten we uit ondervinding wat er door mensen heen kan gaan, als ze dit over komt. Hier volgt een voorbeeld uit de praktijk, met uiteraard een gefingeerde naam.
Peter is al achttien jaar voorganger in een Evangelische Gemeente. Aan het begin was hij enthousiast, bereidwillig en meelevend met de mensen in de gemeente. Precies zoals je van een voorganger mag verwachten. Hij deed niets liever dan anderen bijstaan en helpen. Daarnaast predikte hij ook regelmatig in de gemeente en ook dan besteedde hij veel tijd aan de voorbereidingen van de prediking en het gebed. Men kon op hem rekenen.
Naast zijn dagelijks werk was hij ook vader van een gezin. Langzaam maar zeker vroeg alles samen steeds meer van zijn vrije tijd, omdat ook de werkdruk in de gemeente steeds hoger werd. Dat had ook alles te maken met het feit dat hij pastoraal erg bewogen was de mensen in de gemeente, waardoor ook steeds meer mensen een beroep op hem deden. Daarnaast groeide zijn eigen kinderen op tot pubers en ook die vroegen steeds meer energie en aandacht van hem. Zijn vrouw kon de opvoeding niet langer alleen aan en had al eerder aangegeven dat ze hem daar meer bij nodig had. Kortom de situatie was nu duidelijk anders dan 15 jaar geleden, toen hij begon in de gemeente en bevestigd werd in de bediening. Voor Peter wordt het steeds moeilijker om de juiste keuze te maken, mede omdat hij zijn taak als voorganger als een roeping van God zag, waar hij dus niet zomaar mee kon stoppen. Lees verder

Geplaatst in coachen, geestelijk leiders, gemeente, leiders | Tags: , | Een reactie plaatsen

Trump en de erkenning van Jeruzalem als hoofdstad van Israël.

God bestuurt de wereldgeschiedenis.

In de Bijbel lezen we hoe God tijdens de ballingschap van Israël, een heidense koning Kores (Jes.45) gebruikte, om Zijn goddelijk plan met Zijn volk Israël uit te voeren. Koning Kores (Cyrus) was in die tijd een machtige koning in het Meden en Perzische rijk, ongeveer 550 jaar voor Christus. Ondanks dat zijn heerschappij in die dagen absoluut was, had hij zelf niet door dat hij feitelijk door God bestuurd werd. De Heer had hem namelijk in het hart gegeven om het volk van Israël, welke dus toen nog in Ballingschap leefde in zijn rijk, terug te laten keren naar hun eigen land (Ezra 1:2). Het was dus niet zijn eigen idee, maar Gods plan. En Gods plannen zullen nooit falen, Hij staat namelijk boven alle regeerders en heersers in de wereld (Jes.40:22-24). Hij stuurt alles uiteindelijk naar Zijn wil, ook al zien we dit nog niet direct, maar Hij bestuurt de wereldgeschiedenis.

Recent (2017) hebben we dit opnieuw gezien bij de Amerikaanse president Trump. Heel veel belangrijke mensen in de wereld ‘en ook in ons land’, hadden voorspelt dat hij nooit de verkiezingen in Amerika zou winnen. Maar we weten nu dat het allemaal heel anders liep. Tegen alle verwachtingen in, won hij toch de verkiezingen in de VS en is hij nu dus president van de VS. Zijn tegenstanders hebben met grote verbazing staan kijken wat er gebeurde.

God spreekt door profetie
Dat de keus van Trump werkelijk van God was, werd al eerder door een profetie bevestigd. In de verkiezingstijd bezocht Donald Trump namelijk een pinksterkerk in Las Vegas. Daar ontving een vrouw plotseling een profetie van God over hem. In die profetie sprak God duidelijk dat Trump de volgende president zou worden. Ondanks alle tegenstand, werd hij ook inderdaad de nieuwe president en werd dus die profetie vervuld. De reden echter waarom hij door God uitgekozen was, heeft vrijwel zeker te maken met Israël. God is namelijk bezig Zijn plan uit te voeren met dit volk, door hen na een korte tijd van verdrukking, volledig te herstellen (Rom.11:26). Hij doet dat niet omdat Israël volmaakt is, maar omdat Hij zich altijd houdt aan Zijn belofte. Israël is daarom het grote bewijs van Gods trouw in de wereld, zelfs als we ontrouw zijn verandert Gods trouw niet (2 Tim.2:13).

Trump voert ook uit wat hij beloofd heeft
Inmiddels is Trump nu al weer enkele maanden in 2017 president en is hij bezig om stap voor stap zijn verkiezingsbeloften uit te voeren. Uiteraard is ook daar veel weerstand tegen, maar langzaam zien we toch resultaat. Dat geldt ook voor zijn besluit om de stad Jeruzalem te erkennen als ondeelbare hoofdstad van Israël. Daarbij is het beslist waar wat verschillende journalisten al geschreven hebben, Trump durfde aan wat geen van zijn voorgangers gedurfd hebben. Want het Amerikaanse Congres besloot feitelijk al in 1995 met een grote meerderheid, om Jeruzalem te erkennen als hoofdstad van Israël. Maar het werd telkens uitgesteld, omdat de opeenvolgende presidenten bang waren voor de druk vanuit de Arabische volkeren, die overwegend Islamitisch en anti Israël zijn. Trump echter voert het nu wel uit en ook dat is volledig in het plan van God.

Herstel Israël
Er zijn ook nu nog genoeg christenen, die niet geloven in het geestelijk herstel van het volk van Israël. Maar men zal zich dan nog verbazen. Lees maar in Ezechiël 36:26, daar zegt God tot het hele volk Israël: “Ik zal u een nieuw hart geven, en een nieuwe geest… “, dit duidt absoluut op een verandering en een massale bekering onder het volk van Israël. Wat bij mensen onmogelijk is, is toch mogelijk bij God.

Ook spreekt de Bijbel over de herbouw van een nieuwe Joodse tempel in Jeruzalem, precies op of nabij de plaats waar nu de grote Al-Aqsa Moskee staat in Jeruzalem (lees o.a. in 2 Thes. 2:4 en Openb.11:1). Het lijkt allemaal onmogelijk, maar God is almachtig en vergeet niet, God kan zelfs heidenen gebruiken voor Zijn plaats. Wellicht dat Trump ook nog stappen zal zetten in die richting??

Woede over het besluit van Trump
De Palestijnen hebben uiteraard woedend gereageerd op het besluit van Trump. Voor hen heeft Amerika nu definitief afstand gedaan van zijn rol als bemiddelaar in het vredesproces. Men ziet in de VS geen onpartijdige mediator meer tussen de betrokken landen.

Maar het is vooral zeer verontrustend dat het antisemitisme in deze tijd nu weer explosief toeneemt. Ook de strijd van de Palestijnen gaat feitelijk niet om een eigen staat alleen, maar ook om het einde van Israël. Al jaren is de Hamas zelfs bezig Palestijnse kinderen op te voeden in het leren haten van Joden, anders gelovigen en afvalligen van de Islam. Dit betekent dat ook uit de nieuwe generatie nieuwe vijanden voor Israël zullen groeien en de strijd dus ook in de toekomst gegarandeerd zal worden voortgezet. De Arabische landen zullen namelijk niet rusten voordat ze Israël van de kaart hebben geveegd. Dat moet wel op een volgende oorlog uitlopen, maar die oorlog zal Israël toch ook weer winnen, want God is met dit volk.
Lees verder

Geplaatst in Actueel, Antichrist, Eindtijd, Islam, Israël, Moslims, wederkomst | Tags: , | Een reactie plaatsen

Over verliefd worden en seksualiteit. Wat zegt de Bijbel?

Bijbels onderwijs over verliefdheid, relatie en seksualiteit is heel belangrijk. Helaas wordt er in veel kerken en evangelie gemeenten, te weinig aandacht aan besteed. Mensen mailen ons wekelijks over deze onderwerpen en vertellen ons dat in de gemeente waar ze komen, … Lees verder

Geplaatst in Huwelijk, Liefde, Seks voor het huwelijk, Seksualiteit, Verliefd | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Is er wel plaats voor ouderen in de gemeente van de 21ste eeuw?

Een noodkreet.
Dit artikel is geschreven naar aanleiding van heel veel berichten die ons bereikte van ouderen mensen. Nagenoeg elke dag mailen mensen ons en regelmatig waren er ook een noodkreten bij van een ouder iemand. Mensen vertellen ons dan bijvoorbeeld, al jarenlang een bepaalde kerk of gemeente te bezoeken, soms bijna een heel leven. Maar nu ze op hoge leeftijd zijn gekomen is het voorbij. Daar kunnen vele redenen voor zijn.
◾Bijvoorbeeld omdat ze niet meer zelfstandig er naar toe kunnen gaan en de gemeente doet geen moeite om hen op te halen. Ouderen halen en brengen is lastig en dus een probleem. Alleen als mensen uit eigen initiatief daar mee beginnen wordt het toegejuicht, maar de gemeente zelf geeft daar in ieder geval geen prioriteit aan.
◾Maar er is meer. Ouderen hebben soms ook het gevoel niet meer te passen in de gemeente, vanwege de moderne manier waarop men nu tegenwoordig de erediensten beleefd. Dat wil bijvoorbeeld zeggen, harde muziek, veel gekleurde lichten, rook op het podium, (voor hen) vreemde liederen, heel veel Engelse liederen en men is meestal de taal niet machtig, predikers die meer gewoon de Bijbel lezen maar alles digitaal projecteren etc.. Iemand zei ons letterlijk: “de gemeente is voor mij als een jas, vroeger paste die, maar nu niet meer”.
◾Veel ouderen hebben ons gezegd, ‘men wil niet apart’. Natuurlijk zijn er gemeenten waar men speciale bijeenkomsten voor ouderen heeft. Maar het is de vraag of dat het is wat de ouderen onder ons zoeken. Ze willen vooral er gewoon bij blijven horen en niet apart. Dat betekent dat er dus ook rekening met hen gehouden zou moeten worden. Het besef moet door dringen dat we niet compleet zijn als lichaam van Christus, zonder de ouderen. Ook zij zijn door God aan de gemeente gegeven om met hun wijsheid en kennis mee te bouwen aan de gemeente

Vereenzaming van ouderen.
Het gevolg is een geestelijke vereenzaming bij het oud worden en vaak worden mensen ook letterlijk vergeten. Zodra men lange tijd niet meer in de gemeente gezien wordt, raakt men uit de aandacht. Vooral als er geen vrienden of familie leden zijn die ook de gemeente bezoeken en dus niemand de gemeente leiding er attent op maakt.

Dit artikel is geschreven uit grote bezorgdheid. Het zou beslist een zegen zijn als veel geestelijk leiders dit artikel zouden willen lezen. Ik bid dat het een aanzet mag zijn tot bezinning, over de plaats van ouderen binnen evangelie gemeenten in ons land. Soms vertellen ouderen ons, dat ze degene waren die aan het begin van de gemeente hebben gestaan, men heeft financiële offers gebracht en ze zijn dienstbaar geweest in vele taken en activiteiten die er zijn in een beginnende gemeente. Dit artikel is vooral een pleidooi voor erkenning van deze ouderen, als mede-dragers van de gemeente.

Jong is in en oud is uit.
Natuurlijk is deze verandering ook een gevolg van de nieuwe generatie die op komt en die de oude tradities van zich af wil gooien en dingen op hun eigen manier wil doen. Tot voor kort was het algemene gevoelen bij veel jonge geestelijke leiders: “we hebben ons lang genoeg aangepast aan de manier waarop de vorige generatie hun geloof beleefde, het is nu de hoogste tijd dat zij zich maar aan ons aanpassen”.

We hebben het niet altijd in de gaten, maar feitelijk komt ook dit rechtstreeks uit de wereld om ons heen. In onze maatschappij namelijk is ook het overheersende gevoel ‘jong is in en oud is uit’. Ouderen vragen steeds meer zorg, kosten de samenleving steeds meer
geld, hebben meer medische zorg nodig dan jongeren. Vaak ontvangt men naast AOW ook nog een riant pensioen en dat kan in de toekomst wel eens nadelig zijn voor de jongere generatie, want ze eten alles voor ons op. Politieke leiders doen het goed als ze vooral maatregelingen nemen om de kosten van de verzorging van ouderen te beperken. Zoals, maatregelingen om ouderen langer door te laten werken etc..

Natuurlijk is dit niet overal in de wereld zo, al hebben veel mensen daar niet altijd oog voor. In veel landen in de wereld krijgt men al in de opvoeding mee om respect te hebben voor ouderen en ze vooral niet te negeren. Maar in onze westerse samenleving en ook in de evangelie gemeente, denken sommigen daar anders over. Onlangs las ik in een interview dat een bekende voorganger zei: ‘ik ben blij dat onze gemeente voor het grootste deel uit jongeren bestaat en niet uit mensen met grijs haar of mannen met stropdassen’.

Volgens die voorganger zou een gemeente die veel ouderen heeft, het beleid moeten aan passen, want er is dan een probleem. Zo gezien is het feit dat veel mensen tegenwoordig steeds ouder worden en er dus ook in de gemeente steeds meer ouderen gaan komen, eerder een kwaad dan een zegen. Een bekende uitspraak luidt dat bijna iedereen oud wil worden, maar niemand oud wil zijn.
Lees verder

Geplaatst in eenzaamheid, gemeente, Ouderen | Tags: , | Een reactie plaatsen

Geestelijk leiders moeten niet heersen, maar dienen.

Voorgangers, oudsten, pastorale medewerkers, die goede leiding geven zullen in de eerste plaats bezig zijn met het herderlijk begeleiden (ondersteunen) van de leden van de gemeente. Daarin dienen ze de gemeente en volgen ze ook het voorbeeld van Jezus na. Leiders die willen heersen, zijn altijd op zoek naar medewerkers die zonder tegenspraak, bereid zijn hen te dienen. Soms gaat het ook nog gepaard met het vereren van de leider en dat is levensgevaarlijk voor een gemeente.

In de huidige tijd zien we steeds meer leiders zien opstaan in evangelische kringen, die zichzelf eerder zien als een soort manager van een groot bedrijf, dan als toegewijde dienaren van Gods werk. Ze leiden de gemeente alsof het een commercieel bedrijf betreft, terwijl het dat absoluut niet is, maar levend lichaam van Christus waarvan Jezus het hoofd is. Het feit dat leiders geneigd zijn hun gemeente als een bedrijf te zien, heeft natuurlijk ook te maken met de specifieke gevaren die verbonden zijn aan geestelijk leiderschap, risico’s die speciaal personen in leiderschap lopen. Ze komen als het ware mee met de verantwoordelijkheid en de taak.

Maar het is ook waar dat niet iedereen die meent een leider te zijn, het ook is. De Bijbel zegt dat God ‘sommige’ heeft aangesteld in de gemeente (1 Cor.12:28-31). Het is beslist geen schande als een leider terugtreed uit zijn functie, omdat hij gaandeweg tot de ontdekking komt niet over de juiste bestuurskwaliteiten te beschikken. Dit is in ieder geval veel beter dan te blijven in een taak waar men geen roeping voor heeft, met mogelijke schade voor de gemeente en hem zelf.

We willen hier even kort de eigenschappen bespreken waaraan leiders moeten voldoen.

1. Een geestelijk leider moet geen carrière jager zijn.
De Bijbel zegt in Rom.12:3 “Want krachtens de genade, die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten, hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar de mate van het geloof, dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld.”

Een groot gevaar voor leiders is hoogmoed. Het is het eerste en belangrijkste waar leiders voor moeten waken. Natuurlijk is hoogmoed een ernstig gevaar voor iedereen, maar geestelijke leiders zullen er meer last van te hebben. Zij worden vaak in een positie geplaatst waarin andere hoge verwachtingen van hen hebben. Wanneer een leider bijvoorbeeld door veel mensen bejubeld wordt, omdat hij bepaalde dingen zeer goed doet, komt hij gemakkelijk in de verleiding om op anderen te gaan neer te zien.

Zelfs geestelijk leiders die veel waarschuwen voor hoogmoed, kunnen er toch zelf aan ten prooi vallen, want dit gevaar is vaak veel groter dan men denkt en dus kan het gemakkelijk onderschat worden. Vandaar dat dagelijks gebed en diep buigen voor de Heer, de enige weg voor een leider is om hiervoor bewaard te blijven. Hoogmoed is bij uitstek de manier waarop de duivel een geestelijk leider ten val kan brengen. Want vanuit deze zonde komt nog veel meer voort, zoals leugens, oneerlijke praktijken en schijnheiligheid. Hoogmoed komt voort uit onze zondige natuur en daarom waren we er in ieder geval allemaal bevattelijk voor.

In het bijzonder leiders moeten zich de vermaning van Paulus aan de Corinthiërs voor ogen houden in 1 Cor.3:5: “Daarom, noch wie plant, noch wie begiet, betekent iets, maar God, die de wasdom geeft.”

2. Geestelijk leiders moeten teamspelers zijn.
Twee voorbeelden waarin we zien dat God wil dat leiders teamspelers zijn.

◾Handelingen 6:1-6 beschrijft hoe met het groter worden van de gemeente te Jeruzalem de behoefte aan diakenen ontstaat: er zijn ‘handen’ tekort voor het bedienen van de tafels. De apostelen zien dit in en stellen de voltallige gemeente voor: “Ziet dan uit, broeders, naar zeven mannen onder u, die goed bekend staan, vol van Geest en wijsheid, opdat wij hen voor deze taak aanstellen”.

◾Dit stemt ook overeen met de raad die Mozes van zijn schoonvader Jethro kreeg toen hij van de ochtend tot de avond bezig was om recht te spreken tussen het volk: (Ex.18:21) “Gij moet onder het gehele volk omzien naar flinke, godvrezende en betrouwbare mannen, die winstbejag haten, en hen aanstellen als oversten van duizend, oversten van honderd, oversten van vijftig en oversten van tien”.

Daarom, ook nu moet het werk in de gemeente gedelegeerd worden aan betrouwbare mensen, vol van Geest en wijsheid, het werk kan niet slecht door één persoon gedaan worden. Een leider moet zich dus omringen met bekwame mensen die hem kunnen helpen en adviseren. Maar leiders die niemand naast zich dulden of kunnen verdragen, geven daarmee in feite aan ongeschikt te zijn voor het geestelijk leiderschap.

We zien nogal eens groepen van gelovigen met een leider die zichzelf onaantastbaar is gaan vinden en zelfs absolute gehoorzaamheid eist van zijn volgelingen. Hoewel men soms ook nog de mond vol heeft over Bijbelse principes van verantwoordelijkheden delen en gaven die gelovigen hebben, duldt men in de praktijk toch niemand naast zich. Men mag dan wel meewerken, maar de leider deelt niet het gezag wat hij heeft, dus de verantwoording blijft ten alle tijden alleen bij hem. Dit is dan totaal anders dan wat we in de Bijbel vinden. Mozes werd juist gecorrigeerd door zijn schoonvader Jethro, toen hij de neiging had om alles alleen te doen.

Jezus is tijdens zijn aardse bediening ook direct begonnen om 12 apostelen op te leiden. (Luc.6:13). Hij wist dat de tijd zou komen dat Hij ten hemel zou varen en dat Zijn werk door anderen zou moeten worden voortgezet. Tevens zond Hij zijn discipelen ook uit om de boodschap van het koninkrijk te verkondigen en met zieken te bidden (Luc.9 en 10) en Hij liet ze zelfs toe om mensen te dopen (Joh.4:1). Hij schakelde ze dus werkelijk ook in.

Een van de beste middelen tegen het gevaar om solistisch te worden in geestelijk leiderschap, is direct anderen mee te nemen in de bediening en hen de ruimte te geven zich naast je te ontwikkelen. Natuurlijk zit daar ook een gevaar in, je loopt als leider veel meer risico op rivaliteit en afgunst. Maar tegelijk moet elke leider beseffen dat het werk van God niet het eigendom van de leider is, zelfs al heeft hij aan de basis van het werk gestaan. God is machtig om je als leider te bevestigen en als Hij het niet doet kunnen we beter stoppen en plaats maken voor anderen, want anders is het gewoon mensen werk.
Lees verder

Geplaatst in Actueel, geestelijk leiders, gemeente, Hoogmoed, Manipulatie | Tags: , , | 1 reactie